‘Welke toekomst is ons aan het naderen?’

Filosoof, religiewetenschapper en theoloog Laurens ten Kate, vroeg zich laatst af: ‘In wat voor land word ik wakker?’ en: ‘In wat voor wereld?’ – Die vragen stelde hij aan hem zelf toen in de vroege ochtenden van 23 november 2023 de social media losbarsten na de verkiezingsoverwinning van de PVV in Nederland. En op 6 november 2024, toen Donald Trump met overmacht het presidentschap van de VS heroverde. Ten Kate vond die social media irritant. En naïef. ‘Hoelang hebben jullie zitten slapen?’, dacht hij. Waarom nu pas ‘wakker worden’?

‘Is de huidige crisis niet een antwoord op een eerdere orde? En zo ja, hoe oud is die orde dan? En welke toekomst is ons aan het naderen?’
(Laurens ten Kate)

Nieuwe wereldorde?
Voor de Universiteit voor Humanistiek (UvH) bekleedde Ten Kate tien jaar lang de bijzondere leerstoel Vrijzinnige Religiositeit en Humanisme voor de Stichting Stimulering Vrijzinnig Gedachtengoed.
In zijn afscheidscollege van de UvH ‘Tussen markt en volk’ van 20 maart 2026 stelde hij dat ‘de nieuwe wereldorde’ een gevleugelde term was geworden, ‘en wel als een aanduiding van een nieuwe epoche van schrik en angst, want verleden (wat we hadden opgebouwd) en toekomst (waar we naar toegaan) lijken verder weg dan ooit. Deze orde is eigenlijk helemaal geen orde, eerder wanorde en chaos, zo luidt het gevoel’.

‘Maar is die nieuwe wereldorde wel zo nieuw? Betekent ‘nieuw’ dat er gebroken wordt met het verleden, dat wat was ‘niet meer van deze tijd is’, zoals het tegenwoordig heet? Het is naar mijn inzicht van groot belang te analyseren wat er wel degelijk voorafging aan de mondiale situatie waarin we thans zijn aanbeland. Waar komen we vandaan? Wat is de genealogie van de nieuwe orde? Is de huidige crisis niet een antwoord op een eerdere orde? En zo ja, hoe oud is die orde dan? En welke toekomst is ons aan het naderen? Dat brengt me bij de titel van dit college: ‘Tussen markt en volk’.
(Laurens ten Kate)


Timothy Stacey

‘Religie van de straat’
De ondertitel van het college is: ‘Vrijzinnig-religieuze vragen aan een (neo)liberale wereld’, want het werk van Ten Kate bestond in de afgelopen tien jaar vooral in theoretische verdieping: het vrijzinnig-religieuze en humanistische gedachtegoed kritisch doordenken en verder brengen. Helaas geeft de filosoof deze vraag door aan zijn opvolger Timothy Stacey en het team dat Stacey gaat bouwen…

… Gelukkig kon Ten Kate het niet laten toch nog enkele woorden, niet meer dan ideeën en perspectieven te ventileren. En verwijst naar Timothy Stacey, die ‘over een “religie van de straat” spreekt, een verzet tegen oppervlakkig liberalisme, en een politics of faith…’


Charles Taylor

In de richting van het onbevattelijke
Ten Kate verwijst ook naar de ‘vrije’ weg waarop wordt gezocht naar een nieuwe ‘zin’ van religiositeit in de ‘seculiere tijd’, zoals dat door de Canadese filosoof Charles Taylor is doordacht.

‘De gemeenschap die van niemand is, bevindt zich op het snijvlak van immanentie en transcendentie. Zij gaat helemaal over de mensen (immanentie), en over hoe zij kunnen samenleven in een nieuw type onzekere solidariteit, maar tegelijkertijd wijst zij weg van zichzelf, in de richting van wat de mensen in de immanente wereld transcendeert: wat ongrijpbaar, onkenbaar en “onbeschikbaar” is, zoals [de Duitse socioloog en politicoloog] Hartmut Rosa, eredoctor van de UvH, het noemt. In veel religieuze tradities krijgt de verwijzing naar, deze ‘hint’ in de richting van het onbevattelijke de naam “God”.’
(Laurens ten Kate)


Hartmut Rosa, eredoctor UvH

Een gastvrije plaats
Volgens Ten Kate is de uitdaging om de democratie, dat ‘kwetsbare experiment van de late moderniteit, met haar kern te confronteren, een kern die ze door haar dominante (neo)liberale invulling en door de reactie daarop: haar populistische ondermijning, steeds maar niet serieus neemt’.

‘Welke kern? Dat ze ons als mensen die elkaar in haar “ruimte” ontmoeten, overstijgt, precies omdat ze van niemand is. Ze is een “lege plaats”, zoals de politiek filosoof Claude Lefort stelt, met wie ik in hoofdstuk III van mijn boek [Tussen markt en volk] uitgebreid in dialoog ga. Een lege plaats, en precies daardoor een gastvrije plaats.’
(Laurens ten Kate)


De Franse politiek filosoof Claude Lefort (Parijs, 1924 – 2010)
Voorvechter van de democratie en criticus van het twintigste-eeuwse totalitarisme

‘Tijd voor onrust’
Aan het slot van het college zegt Ten Kate: “Het is tijd dat het tijd wordt.” Het is tijd voor “onrust”.’

‘Voorbij de waan van het ‘nu’: dat kunnen we lezen in het begrip van tijd dat de dichter Paul Celan benoemt door – bijzondere tautologie – voor de tijd tijd te vragen…’
(Laurens ten Kate)


Dichter Paul Celan (1920-1970)

Het is tijd dat het tijd wordt
Ten Kate laat zijn publiek achter met de vraag: ‘Is dat wat ons rest van religie? Is dat vrijzinnige religiositeit? Dat we ons openstellen voor de tijd? Dat wil zeggen, voor de komende democratie, opdat we opnieuw samen zijn?’ Zijn antwoord is, met Celan: “Ja.”

Omstrengeld staan we in het raam, op de straat kijkt men toe:
het is tijd voor besef!
Het is tijd dat de steen zo goed is te bloeien,
dat het hart van de onrust gaat kloppen.
Het is tijd dat het tijd wordt.


Het is tijd.

Bron: Afscheidscollege Laurens ten Kate (20 maart 2026)

Foto: Stichting Stimulering Vrijzinnig Gedachtengoed
Foto Timothy Stacey: UvH (2025)
Foto Charles Taylor: 2009 – Lemniscaat
Foto Hartmut Rosa: Boom
Foto Claude Lefort: Tilburg University – ‘Lefort doceerde onder meer aan de universiteit van Parijs en São Paulo, de Universiteit van Parijs en was verbonden met het Centre de recherches politiques Raymond Aron. Hij schreef over vroege politieke denkers zoals Machiavelli’.
Foto Paul Celan: celan.nl

Tussen markt en volk | Laurens ten Kate | ISVW | 136 blz. | € 18,95 | ISBN 978-90-836110-7-5 | NUR 730

‘God, een kracht die oproept en aandringt tot bestaan’

Essayrecensie – Theoloog Martijn Rozing schreef Bidden na de dood van God (2024). Bidden? ‘Wanneer het universum zwijgt? Wanneer wij geen antwoord meer kunnen verwachten? En de mens verantwoordelijk is voor de dood van God? God stierf geen natuurlijke dood, wij mensen vermoordden hem’. – Rozing staat met zijn verwijzing naar Nietzsche in zijn essay niet alleen. De dolle mens is sinds enige tijd trending topic bij theologen, filosofen en schrijvers. Dat is welkom, want Nietzsches ‘God is dood’ wordt vaak misverstaan.

‘Het gelaat van God toont zich doorzichtig en dient zich aan als een insisterende kracht, een kracht die oproept en aandringt tot bestaan. Een gelaat dat zowel verontrustend als ook tot leven wekkend is’

Het begint met een ervaring
Z
orgethicus en geestelijk verzorger Martijn Rozing is over het thema bidden na de dood van God begonnen met een promotieonderzoek aan het Arminius Instituut. De theoloog wil de betekenis en de waarde van het gebed, van bidden, uitdiepen. Als de proponent dat net zo gloedvol uitwerkt als dit eindessay voor het Remonstrants Seminarium, dan gaat dat zeker lukken. Recensie over Bidden na de dood van God. Het begint met een ervaring.

‘Ik ben nog niet begonnen met het gebed of ik loop er al in vast. De eenvoudige vraag roept nieuwe vragen op. Tot wie richt ik me eigenlijk? Wat is dit voor gesprek dat ik begonnen ben? Is het wel een gesprek? Maar als het dat niet is, waarom spreek ik hier dan iemand aan? Wat maakt dat ik deze woorden gebruik, alsof ik me wend tot een vertrouwd persoon, terwijl ik werkelijk niet verwacht ook maar enig antwoord te krijgen? Om nog maar te zwijgen over het feit dat ik geen voorstelling heb van die- of datgene tot wie ik me zo persoonlijk wend. Het woord God is voor mij omgeven met het grootst mogelijke ongemak en de overtuiging dat het zeker niet om een persoon gaat.’

Doordenken
B
idden na de dood van God. Een essay waarin het promotieonderzoek al gloeit. Het leest niet zomaar weg. Tussen poëtische zinnen door is het soms kijken in een ‘wazige spiegel’ van de wetenschap. ‘Vol raadselen’, zou Paulus zeggen. Maar als je die spiegel al lezend oppoetst, dan licht de essentie op. Gefascineerd lees je dan hoe Rozing denkt, niet alleen geïnspireerd door Nietzsche, maar ook door anderen die de laatste tijd in het licht staan: John D. Caputo, Charles Taylor en socioloog Hartmut Rosa.


Friedrich Nietzsche | Charles Taylor

De dolle mens
N
ietzsche neemt de persoonlijke identiteit van God radicaal serieus, zegt de proponent. En mede door andere inzichten verklaart de filosoof God dood. In De Dolle Mens wordt de dood van God aangekondigd ‘bij diegenen die al langer niet aan God geloofden’.

‘De inzet van zijn tekst is de betekenis van die ongelofelijke gebeurtenis, zoals het verlies van het geloof in een (persoonlijke) God door Nietzsche wordt genoemd, duidelijk te maken. Hij stelt dat de mens hier zelf verantwoordelijk voor is; de dood van God is geen natuurlijke dood, wij mensen hebben hem gedood.’


Hartmut Rosa | John D. Caputo

Bidden tot wie?
R
ozing richt zich tot ‘wij als vrijzinnigen’ als hij zich afvraagt of ‘wij nog wel kunnen bidden na de dood van God’. Direct in de aanhef is Caputo te vinden: ‘Religie begint en eindigt met gebed; waar gebed is, is religie; waar religie is, is gebed’. Duidelijk. De vraag rijst: Gebed voor wie? en ook: wat is bidden eigenlijk? En ‘op welke manier kan er door vrijzinnigen en andere hedendaagse religieuzen – in onze seculiere, post-theïstische tijd – nog waarachtig gebeden worden?’

Het ‘wilde’ bidden
G
eïnspireerd beschrijft de auteur twee verschijningsvormen: het ‘wilde’ bidden en het ‘gecultiveerde’ bidden. ‘Wild’ bidden past in wilde situaties waarin OMG uitgeroepen wordt, zoals bij een ‘naderend hoogtepunt’. ‘Oh, God!’. Dat gaat minder bewust dan in het ‘gecultiveerde’ gebed, zoals het bidden van het ‘Onze Vader’.

‘In beide gevallen is sprake van een diepe geraaktheid van waaruit zich een stem laat horen. We openen ons of worden geopend voor datgene in ons menselijk bestaan wat ons in positieve of negatieve zin wezenlijk raakt’.

Kernvraag onderzoek
R
ozing vraagt zich af wat we eigenlijk ‘doen’ wanneer we bidden en speelt met de aankondiging: ‘laten we bidden’. Het verandert in ‘sprake van inkeer’ en: ‘laten we inkeren’. Maar waarin, is dan weer de vraag.

‘Maar hoe kan ik hier verder denken over het gebed, wanneer ik dat traditionele Godsbeeld los heb gelaten; wanneer ik leef ‘na de dood van God’? Hiermee komen bij de kernvraag van mijn onderzoek: op welke manier is het nog mogelijk te bidden, dat wil zeggen; tot een aanspreken van God of het Heilige te komen, wanneer dat traditionele Godsbeeld is komen te vervallen?’

‘Het onvoorwaardelijke’
H
et antwoord van Caputo hierop is dat ‘het werkelijke onderwerp niet God is, maar “het onvoorwaardelijke” (“the unconditional”)’. Tegelijk ‘weigert hij afscheid te nemen van het woord God’. Voor Caputo…

…‘blijft er iets in dat woord van betekenis; iets van een gebeuren dat zich lastig in taal laat uitdrukken, maar wel vitaal is. En hierop – op het belichten van wat niet te verhelderen valt, op het beschrijven van wat niet te benoemen is – is een groot deel van zijn denken en schrijven gericht.’


Martijn Rozing

De diepte van God
D
e roep uit de diepte van God komt uit het duister, zegt de auteur. ‘Net als Nietzsche en Rosa komt Caputo met dat beeld van het donker, een leegte… Alleen is er geen sprake van een koude leegte’.

‘Het donker, met zijn richtingloosheid van het niet-weten, staat wel tegenover de mens, maar van de diepte daarvan gaat een appel uit. Het gebed dat hierop antwoordt, is niet langer alleen een gebed tot God, maar tevens tot de aarde, tot het geheel van het leven dat in haar hoedanigheid als “gebeuren”, vitaliteit en intensiteit tot ons spreekt. Het woord “God” vormt een ingang tot spreken; vanuit het aanspreken wordt aan dat gebeuren stem gegeven.’

Het begint met luisteren
R
ozing zegt te hopen dat hij laat zien wat er in het gebed gebeurt. Dat laat hij zeker zien: bidden wordt belicht van veel kanten. Op verrassende wijze. Vooral ook dat ‘het begint met luisteren en vanuit bewogenheid overgaat naar antwoorden’. Het is ‘de kern van een contemplatieve levenshouding die zijn uitdrukking krijgt in de praktijk van bidden’.

‘De in dit eindessay verkende inzichten en oriëntatie op bidden na de dood van God kunnen mij als toekomstig remonstrants predikant helpen nieuwe wegen te verkennen in concrete geleefde praktijken. Voor mij opent het een creatieve ruimte om zowel binnen liturgische settingen als pastorale contacten op nieuwe manieren vorm te geven aan intuïties, stemmen en ervaringen rond wat wezenlijk is in ons leven.’

Antwoorden
M
artijn Rozing begint met luisteren en het gaat over naar antwoorden. Of, zoals hij het zelf formuleert: ‘Vanuit een schaduwrijk niet-weten laat ik woorden opkomen om zo stem te geven aan mijn hart’.

Bronnen:
* Bidden na de dood van God, Ad Rem, Remonstrants tijdschrift, jaargang 36 nummer 2 maart 2025
* Eindessay Remonstrants Seminarium, Martijn Rozing, Utrecht, maart 2024 Bidden na de dood van God Essay over de mogelijkheid en betekenis van het vrijzinnige gebed

Beeld ‘Galaxy’: Robby de Letter
Foto’s: Martijn Rozing: Remonstranten | Friedrich Nietzsche (in 1869): en.wikipedia.org | Charles Talor: thejesuitpost 2021 | Hartmut Rosa: Universiteit Erfurt | John D. Caputo: Syracuse University

Verdieping:
Gefascineerd door het gebed en het fenomeen bidden is Rozing op 1 februari 2025 begonnen met zijn promotieonderzoek aan het Armenius Instituut in samenwerking met Johan Roeland (Universitair Hoofddocent aan de VU en aan het Remonstrants Seminarium). Zo hoopt de promovendus de betekenis en de waarde ervan voor vrijzinnigen verder te kunnen belichten.

‘God, afwezig maar soms zó nabij’

Boekrecensie – Claartje Kruijff schreef Een God die in mij gelooft. Recht uit het hart, over God die ‘afwezig kan voelen maar soms zó nabij’. Zij is erin geslaagd woorden te vinden in ‘een andere taal en ruimte, een existentiële, menselijke geloofstaal’. Voor de psycholoog en theoloog blijft de gemeenschap van een kerk belangrijk: ‘een gemeenschap van mensen om je heen’. Zonder dogma’s, en ‘minder alleen dan we denken en willen’.

Wars van dogma’s en met een open blik, is dit boek een inspiratiebron voor vrije gelovigen, ongelovigen, twijfelaars en andere zinzoekers

‘Zou God nog in ons geloven?’
H
oe meer Kruijff haar ‘innerlijke deur’ openzet, hoe meer zij ziet, en ‘hoe meer ik vanuit mijn verlangen leef, hoe rustiger ik ben’. Geloven… dat doet zij graag met anderen, want ‘in mijn eentje kan ik het niet’. Aan de woorden van Loesje: ‘Zou God nog in ons geloven?’ gaat voor haar iets vooraf: ‘er bestaat dus kennelijk een God die in mij gelooft’.

‘Deze woorden inspireren mij iedere dag weer. Maar ze raken mij vooral als ik zelf zoekende ben, als ik me verloren voel in een cynische en onherbergzame wereld en twijfel aan mijn eigen plek daarin. Deze woorden geven mij rust en richting. Alsof ik weer op mijn benen wordt gezet.’

Inzichten en uitzichten
K
ruijff schrijft gevoelvol, soms dichterlijk, over mensen, en dus ook over zichzelf in dit boek vol ontmoetingen met mensen voor wie zij er is, en mensen die er voor haar zijn. Zij ziet de ander en de ander ziet ook haar. Dat leidt over en weer tot soms ontroerende inzichten en nieuwe uitzichten. En tot mensen als socioloog Hartmut Rosa die ‘het ervaren van verbondenheid hét medicijn tegen vervreemding’ noemt. Het boek van Kruijff zit vol zoeken, vinden en ervaren van verbinding.

Diepere verbondenheid
Z
ij vertelt over een man die zich ‘uit de te strakke jas van een orthodox geloof heeft ontworsteld’. Over een vrouw met een ernstig zieke man, die een teveel aan technische informatie van het ziekenhuis krijgt, de vrouw daardoor ‘innerlijk afhaakt’, terwijl zij komt voor houvast en vertrouwen. Over het symposium Blind vertrouwen: in de ‘gewone’ contacten gaat het over de ‘interessante carrière’ van iemand, maar tijdens een oefening met een blinddoek opent dat gesprek zich op een ander niveau dan daarvoor: ‘kwetsbaar en vrij’.

‘Een diepere verbondenheid, een verlangen naar minder terughoudendheid en meer overgave, leek zich tussen ons en in ons te openen, maar zodra we weer ons houvast hadden, werd het afgedekte bedekt.’

Nieuwe vrijheid
E
en gemeenschap kan alleen bloeien als mensen zich aan elkaar durven committeren, zegt de auteur. Ze verwijst naar het boek De tweede berg van journalist David Brooks. Die vertelt over de oorspronkelijke betekenis van het woord commitment: Com betekent samen en mittere zenden. Volgens Kruijff geef je dan ‘een deel van jezelf aan het samen. En dat is juist de bedoeling’.

‘Door “ja!” te zeggen, zonder allemaal clausules en mitsen en maren, doe je mee en verander je. Je wordt vanzelf verruimd en krijgt er nieuwe vrijheid voor terug. Eentje die geborgen is en minder alleen. Een vrijheid die voortkomt uit een stevige verbondenheid.’


Verbondenheid en vrijheid

Radicale openheid
Z
onder dogma’s leven vraagt volgens Kruijff, predikant bij de Geertekerk in Utrecht, om een ‘grote openheid, een radicale openheid: er is altijd een opening naar nieuw leven’. Het leven komt naar je toe en hoe geef je dan antwoord? Dat doet haar denken aan een Bijbels verhaal.

‘De eerste vraag die de mens werd gesteld was die van God aan Adam: “Mens, waar ben je?” Dan is het aan ons om te zeggen: “Hier ben ik.” Om antwoord te geven en tevoorschijn te komen. Met veel of weinig te geven, met wie ik op dit moment wel of niet ben, telkens weer leren zeggen: hier ben ik!’

‘God staat niet vast’
D
e man die zich uit het orthodoxe geloof heeft geworsteld, zegt op zijn sterfbed: ‘al die verstarde mensen in hun verstarde structuren, dat is het niet’.

‘Daar is God niet! God heb ik op zo veel manieren leren ontmoeten in mijn leven: in mensen die ik ontmoette op mijn vele reizen, God is in die prachtige boom hier om de hoek. God is in dat wat ik leerde. God staat niet vast. (…) En nu verlaat mijn geest mijn lichaam en ga ik terug naar waar ik vandaan kom.’

Als een vriend
E
en boek vol intense verhalen, vol van mensen, van onverwachte ontmoetingen, uitgestoken handen, broze en sterke mensen. Herkenning: ‘Ik ben ten diepste niet alleen’. Fascinerend om te lezen en mee te voelen, mee te ervaren. Over ons, mensen, die het niet alleen kunnen, niet alleen willen. – Laat je ‘uitnodigen door die God die met ons een verbond is aangegaan – die met je meegaat, als een lamp voor je voet, als een licht op je pad (Psalm 109, 105), als een beschermende mantel, als een vriend die naast je is, als vrede’.

Een God die in mij gelooft – richting en rust in een wereld zonder zekerheid | Claartje Kruijff | Ten Have | 2024 | 208 blz. | € 22,99

Op vrijdag 21 maart verzorgt Claartje Kruijff in de Geertekerk Utrecht De Vrijzinnige Lezing 2025: De x-factor van de vrijzinnigheid. Vrijmoedig én ontvankelijk. De voormalig Theoloog des Vaderlands zal in de lezing verkennen hoe wij in de huidige tijd ons toch nog kunnen verhouden tot het mysterie van ons bestaan.

Foto: geloofstoerusting.nl
Foto Claartje Kruijff: De Drie Ranken
Beeld Verbondenheid en vrijheid: You!’s Blog, Sandra Kok, Coaching & Consultancy