‘JIJ bent de weg de waarheid en het leven’

choix.1

Het exoterisch of ‘oude, kerkelijke’ christendom houdt de mens niet alleen geboden voor, maar ook dogma’s en leerstellingen waarin mensen moeten geloven. Het esoterisch christendom echter leert de mens de weg naar binnen te gaan. In de afgelopen decennia verloor het exoterisch christendom meer en meer de kracht om mensen te inspireren en bij te staan in hun zoektocht naar antwoorden op de vele levensvragen. Een nieuwe inspiratiebron kan je dan vinden in het oorspronkelijke, eeuwenoude esoterische christendom. Of in zen. 

Wat is nu precies het verschil tussen esoterisch en exoterisch? Esoterisch betekent het naar binnen gerichte, in de zin van innerlijk of verborgen, zegt theoloog Hans Stolp. Het tegenovergestelde is ‘exoterisch’, dat het naar buiten gerichte, het uitwendige, het openbare, uitdrukt.

Het esoterische of ‘de esoterie’ houdt zich bezig met de waarheid die zich in of achter de uiterlijke verschijnselen bevindt. Want alles wat bestaat heeft niet alleen een uiterlijke, maar ook een innerlijke kant. Dat geldt voor de vormen die we in de natuur vinden, maar ook voor de verschijnselen en gebeurtenissen die zich in het leven van alledag voordoen. Aan al het uiterlijke ligt iets innerlijks, een verborgen waarheid, een reden van bestaan, ten grondslag.’ (Hans Stolp) 

Het Boeddhistisch Dagblad stelde onlangs de vraag: ‘Heb je werkelijke interesse in esoterie? Wil je werkelijk er achter komen wie je bent?’ Het geeft als voorbeeld het verschil tussen onze persoonlijkheid en zelfontplooiing waarbij persoonsontwikkeling exoterisch is en zelfontplooiing esoterisch. Je kunt naar binnen door de weg, ‘het pad’, op te gaan, op onderzoek uitgaan om dingen te ontdekken met als leidraad waarheid. In het christendom wordt dit bekering genoemd, je keert je op je schreden terug naar binnen, esoterie. Op dat pad ben je zowel het pad als diegene die het bewandelt. Zeshin van der Plas geeft een lezing, een ‘reisbeschrijving’.

Beschouw de lezing maar als om een zwembad heenlopen, en alles wat daar afspeelt goed observeren. Erin springen is een heel ander verhaal.’ (Zeshin van der Plas)

Pak jezelf beet, geloof in jezelf, geloof dat je het kan, geloof in verlichting, zegt Van der Plas in het BD. En doe dit onvoorwaardelijk, neem zelf de volledige verantwoording, zegt hij erbij. Volgens hem ben je namelijk verantwoordelijk, simpelweg omdat je geboren bent.

Niet je leraar, je buurman of buurvrouw. Je kunt je pijn niet op de schouders van een ander leggen. Je zult zelf je pijn moeten dragen. Niemand kan voor jouw eten, plassen, of pijn hebben. Jij bent de weg de waarheid en het leven. En… je hoeft het niet te bereiken, het is geen ver verwijderd doel. Het is namelijk: jij bent de weg de waarheid en het leven. Dichterbij kan toch niet. Jij bent hier, het leven is hier en het pad is hier. En toch geloof je niet dat dit voor jou mogelijk is. Wat gebeurt er als je de controle over (jezelf) los laat?’ (Zeshin)

Werkelijk zonder terughouden je leven in de waagschaal leggen, daar heeft Van der Plas het over. Dit is volgens hem wat je tegen komt als je aan zen begint.

Maar… Dit kom je ook tegen als je geen zen doet. Tijdens het leven komt iedereen dit tegen. Het verschil is wanneer je zen beoefent, oefen je jezelf om er mee om te kunnen gaan, je eraan over te geven. Zen is een oefening in leven en sterven. Nee, het is niet makkelijk, maar je leven en sterven wordt er interessanter, waardevoller en intenser van.’ (Zeshin)

Zie: Esoterisch en exoterisch
(Zeshin van der Plas: ‘Maar door te luisteren naar reisverhalen kom je niet op de plaats van bestemming.’ Dat geldt eveneens voor dit blog. Niet alleen lezen…) 😉

Website Hans Stolp

Beeld: han-projet.ch

Van kerkelijk naar spiritueel christendom (2)

Christelijkspiritueelcentrum

‘Op het dieptepunt van de geschiedenis werden ons de geschriften teruggegeven die ons een nieuw zicht geven op onze eigen christelijke traditie, en die wij ook nog eens bitterhard nodig blijken te hebben als een geestelijk baken en houvast om de weg vanuit het diepste donker naar het licht van een nieuwe tijd te vinden.’ Theoloog Hans Stolp heeft het hier over de Nag Hammadi-geschriften die in 1945 destijds in het zand bij de Nijl in Egypte in een aardewerken kruik gevonden. 52 Geschriften, allemaal van het spirituele christendom, die al eeuwenlang verdwenen waren.

We zien in onze tijd dat het kerkelijke christendom begint te sterven. Het instituut kerk blijkt niet wérkelijk meer in staat mensen te inspireren. Maar juist nu worden ons die oude spirituele geschriften in handen gegeven, waarin we inzichten vinden waarmee zoveel mensen in onze tijd wél iets kunnen en waarin zij een nieuwe inspiratie vinden.’

Maar die visie valt niet overal in goede aarde. De Tilburg School of Catholic Theology stelt dat ‘indien het esoterisch christendom een brugfunctie heeft, het vermoeden is dat het een brug met eenrichtingsverkeer is, namelijk de kerk uit’. ‘Esoterie is voor sommige gelovigen die de kritische zin missen,’ vindt RKDocumenten. ‘Sinds de 19de eeuw is esoterie de gebruikelijke verzamelnaam voor het spirituele leren en praktijken waarin de mens zogenaamd tot een kennis wordt gebracht die altijd al in hem of haar aanwezig zou zijn geweest.’ Is het esoterisch christendom dan niet verenigbaar met het christelijke geloof? ‘Nee,’ zegt de Jongerencatechismus van de Katholieke Kerk.

Geen verstandig mens hoeft dit wereldbeeld te delen, waarin het wemelt van de geesten, kobolden en (esoterische) engelen, waarin in tovenarij wordt geloofd en waarin ‘ingewijden’ over geheime kennis beschikken die aan het ‘domme volk’ onthouden wordt.’

Maar zonder esoterie was wetenschap niet gaan bloeien,’ beweert Kocku von Stuckrad, decaan van de Faculteit Godgeleerdheid en Godsdienstwetenschap aan de Rijksuniversiteit Groningen. ‘Esoterie begon al bij Plato’.

Er was, anders dan in de kerk, ruimte voor onafhankelijk denken. Zo kon Newton, die ook alchemistische werken schreef, tot zijn baanbrekende theorie van de zwaartekracht komen.’

Deze redenering wekt echter de ergernis van wiskundige Jan Willem Nienhuys, die de stelling bestrijdt dat natuurwetenschappers de esoterie dank verschuldigd zijn: ‘Als je lang genoeg doorgraaft kom je bij Adam en Eva uit. Moeten we die dan dankbaar zijn voor de ontdekking van DNA?’ Volgens classicus Anton van Hooff definieert Von Stuckrad wetenschap niet juist: esoterie is volgens Van Hooff de zoektocht naar absolute kennis, maar wetenschap een discussie zonder einde.

Volgens Von Stuckrad – die eerder stelde dat het heidendom uitgevonden is door het christendom: eerst waren het nog gewoon andere, maar gelijkwaardige religies – was en is de esoterie echter nog steeds de zoektocht naar het Zijn en heeft in een later stadium als onderdeel daarvan de wetenschap opgeleverd:

Wetenschap is dus een uitvloeisel van de esoterie. Dat is nuttig gebleken. Want dankzij de wetenschap komen we er nu achter dat in het universum alles met alles samenhangt en niets zeker is. Oftewel dat het magisch is. Hetgeen betekent dat de wetenschap eigenlijk uitgezocht is en derhalve de waarheden ervan niet langer de primaire bron van zelfsturing en daarmee tevens van besturing zijn.’

Stolps esoterische visie strookt volgens bisschop Jan Liesen niet met de rooms-katholieke geloofsleer. De prelaat vindt het bezwaarlijk dat Stolp ook persoonlijk het ‘esoterisch christendom belijdt’. Zo’n zes maanden geleden nog verbood hij een lezing van Stolp in de Franciscuskerk in Breda. ‘Ketters’ worden kennelijk nog steeds bestreden.

FeddemaAntropoloog en historicus Hans Feddema (foto: Twitter) stelde op 5 november – in zijn artikel Levenskunst met accent op onze innerlijke reis – bij Zinweb dat spiritualiteit de kern van ons bestaan raakt en ze gericht is op verbinding met het goddelijke, en op het beleven en toepassen van die relatie. Met als vier vruchten: innerlijke transformatie, zelfacceptatie, heel-wording en bewustzijnsverruiming.

De kerk leerde ons eeuwenlang dat we om in de hemel te komen in ‘verlossing’ moesten geloven door het ‘reinigende bloed’ van Jezus aan het kruis. Het maakte mede dat in het christendom onze innerlijke reis in het leven een stiefkind werd. En dus ook het werken aan innerlijke transformatie, zelfacceptatie, (zelf)heling, compassie en bewustzijnsverruiming. Waarom zou je in die zin aan jezelf werken, als het ‘bloed van Jezus’ de oplossing is?’

Naast het emotionele bestaansniveau, dat recent gelukkig wel iets meer aandacht krijgt, was ook het spirituele bestaansniveau lang stiefkind, aldus Feddema: helaas ook in de kerk, reden dat deze zich thans in een identiteitscrisis bevindt.

Een kerk die te weinig stil staat bij deze impasse, elke hervorming afwijst, ja ook in haar functioneren geen of weinig aandacht besteedt aan de innerlijke reis van de mens, dit niet (weer) tot haar hoofdaccent maakt, zal in de huidige tijd niet lang nog kunnen overleven.’

Feddema geeft als een van de vele voorbeelden dat als mensen samen mediteren of yoga doen, dat dit uitstraling heeft naar anderen.

Het genoemde doorbrekende nieuwe religieuze paradigma zal er wel bij varen, indien ze de verhalen van Jezus (‘het Koninkrijk van God zit in jullie’), Parcival, Odysseus en andere ‘helden’, de innerlijke reis expliciet een plaats geeft in haar religiositeit.’   

Gerelateerd: Van kerkelijk naar spiritueel christendom  (1)

Beeld: Centrum voor christelijke spiritualiteit – ‘Het centrum is een plek waar ik word opgebouwd en gemotiveerd om meer te leven in de rust. Ik zoek het regelmatig op, zodat ik ook thuis weer meer tijd aan mezelf ga besteden. En de diepte in ga met mijn relatie met God.’ (Inge)

Van kerkelijk naar spiritueel christendom

Bosch..Sophia

Theoloog en pastor Hans Stolp vond door de esoterische traditie zijn eigen innerlijk weten terug. ‘Alsof ik door de antwoorden die daar gegeven werden mij iets bewust werd van wat al zo lang als een zeker weten in mij leefde, maar wat ik maar niet ‘naar boven kon halen’ en mij bewust kon maken.’ Hij schrijft hierover in zijn vele boeken. Het stond haaks op wat hij als kind in de kerk en later als theologisch student over Jezus Christus geleerd had. Hij voelde heel diep en intens dat het allemaal heel anders was dan hem daar – in de kerk en op de universiteit – voorgehouden werd.

Ik voelde vanbinnen: het is anders, zó is het niet. Maar hoe dat geheim van Jezus Christus dan wél in elkaar zat, wist ik in het geheel niet. Pas toen ik in aanraking kwam met de esoterische traditie, ofwel de spirituele traditie van het christendom, vond ik de antwoorden en de inzichten waarnaar ik al zo lang op zoek was.’

Vanuit het perspectief van het esoterisch christendom bekijkt Stolp – die een studie maakte van het esoterisch christendom – ook de islam en geeft er lezingen over. Wetenschappelijk gezien wordt zijn werk – en dat van cultuurhistoricus Jacob Slavenburg – echter niet serieus genomen. Desondanks maakt Stolp de oorspronkelijke, spirituele of esoterische traditie (weer) voor een breed publiek toegankelijk, wat hem in 2008 de titel toptheoloog opleverde door de lezers van Trouw.

Wat houdt dat esoterisch christendom – waarvan men wel zegt dat het ‘zich beweegt buiten het algemene katholieke geloof zoals de Kerk dit belijdt’ – eigenlijk in? In de eerste eeuw na Christus, vertelt ‘ketter’ Stolp, waren er overal mensen die zich geraakt wisten door de verhalen die de leerlingen van Jezus Christus over hem vertelden en de boodschap die hij zijn leerlingen had meegegeven.

Maar natuurlijk vertelde ieder van die leerlingen die verhalen en die boodschap op een eigen manier, precies zoals hij (of zij!) het zelf van Jezus Christus begrepen had. Zo ontstond er een bont en veelkleurig christendom, waarin op vele verschillende manieren over Jezus Christus verteld werd en waarin ook verschillende accenten gelegd werden bij het doorgeven van zijn boodschap.’

HansStolpNLAchteraf gezien tekenden zich voor Hans Stolp (foto: HS) – ook wel ‘herverteller van een oude traditie aan de rand van het kerkelijk christendom’ genoemd – langzamerhand twee duidelijke hoofdstromingen af binnen dat christendom van de eerste twee, drie eeuwen: het meer kerkelijk georiënteerde christendom, zoals we dat in onze tijd nu nog kennen, en een veel vrijer, spiritueel christendom.

Bij het kerkelijke christendom ging het vooral om het geloof in de mens Jezus, die tegelijk God was, en om een vast geloof in zijn sterven en opstanding. Daarnaast ging het om dogma’s, om een strakke hiërarchie, om het geloof in wat een priester je voorhield, en in de betekenis van het instituut kerk. ‘Salus extra ecclesiam non est’, ofwel: ‘buiten de kerk geen heil’, was de kernachtige grondregel zoals die door kerkvader Cyprianus in de eerste helft van de derde eeuw geformuleerd werd.’

Bij het spirituele christendom ging en gaat het volgens de theoloog daarentegen vooral om de (heel persoonlijke) weg naar binnen, een weg van geestelijke groei, en Jezus Christus is vooral de leermeester en gids die ons helpt om ook in onszelf de goddelijke geest, de innerlijke Christus, tot leven te brengen zoals die toen, tweeduizend jaar geleden, in hemzelf was gaan leven.

De bisschoppen hadden in de vierde eeuw n.C. het bevel over de politie gekregen, vertelt Stolp verder, en waren de christenen eerder al een paar eeuwen lang door diezelfde politie vervolgd en onderdrukt. In het hele Romeinse rijk waren overal christenvervolgingen geweest. Maar toen het kerkelijke christendom – de kerk dus – in de vierde eeuw eerst (in 313) door keizer Constantijn erkend werd en later (in 393 onder keizer Theodosius) zelfs staatsgodsdienst werd, werd diezelfde politie nu door de bisschoppen ingezet om de spirituele christenen te vervolgen en te onderdrukken.

Niet alleen de spirituele christenen zélf werden heftig en fanatiek vervolgd, ook de geschriften waarop zij zich beriepen en die zij graag lazen in hun kringen, zoals het evangelie van Thomas, het evangelie van Maria Magdalena, het Geheime Boek van Johannes en andere, werden verboden. Het in bezit hebben van dergelijke geschriften werd verboden verklaard en iedereen die een dergelijk geschrift in huis had, kon met de dood gestraft worden. Zo werden de spirituele christenen en hun geschriften uitgeroeid. Dat gebeurde zó grondig dat er nauwelijks meer iets van die geschriften overbleef, behalve een enkele snipper, die echter meestal onbegrijpelijk was, omdat het geheel waartoe het behoorde, ontbrak.’

Jezus.mijn.broederIn 1945 echter werd in het zand bij de Nijl in Egypte een aardewerken kruik gevonden, waarin 52 geschriften zaten, allemaal van het spirituele christendom, die al eeuwenlang verdwenen waren.

(wordt vervolgd)

Bron: Jezus mijn broeder | Hans Stolp | ISBN: 97890 202 99830 | NUR: 720 | Uitgeverij Ankh-Hermes BV, Deventer.

Beeld: Sophia (Jeroen Bosch) – In het midden staat een helder figuur. Ze is de vertegenwoordiger van de krachten van Sophia. Voor haar voeten liggend ziet men de vis, symbool van het esoterische christendom, waarmee ze innig verbonden is. Over haar verschijning valt als eerste de dubbele kers op die ze op haar hoofd draagt. Deze dubbelkers zegt dat de drager of draagster de hoogste stap van de godsvriendschap beklommen heeft. Deze bestaat in de hoogste stap van de loutering tot in de ondernatuur toe, zodat de ziel tot aan de intuïtie heeft kunnen opstijgen. (willehalminstituut.blogspot.nl)