Rob Mutsaerts: ‘De waarheid zal u vrijmaken’

Rob Mutsaerts, afgestudeerd op Nederlands Recht (1984), stelt dat sommige opiniemakers en politici gelijkheid reduceren tot het delen van één moderne, liberale visie op mens en moraal. Jurist Mutsaerts, sinds 2010 hulpbisschop met staf om zijn kudde in toom te houden, hanteert echter vooral de pen om zijn wapenspreuk Veritas vos LiberabitDe waarheid zal u vrijmaken te prediken.
– Welke waarheid?

Keuzevrijheid vindt Rob Mutsaerts een uitdrukking van de diversiteit van onze samenleving. Hij vraagt zich af wie het voor het zeggen heeft als het gaat om de ziel van het kind.

Het einde van vrijheid van godsdienst, en van onderwijs. Dat stelt Mutsaerts als hij in Trouw de uitslag leest van een stemming over een motie van VVD-Kamerlid Arend Kisteman in de Tweede Kamer.

‘Een krappe meerderheid van de Tweede Kamer vindt dat de vrijheid van onderwijs niet mag botsen met artikel 1 van de Grondwet waarin staat dat iedereen gelijk behandeld moet worden, zo bleek vorige week na een stemming over een motie hierover.’
(Rob Mutsaerts, in: Trouw)

Religie
Onderwijs mag, zegt jurist Rob Mutsaerts, ‘niet verworden tot indoctrinatie door de heersende mode. Media plaatsen orthodox-religieus onderwijs in het verdachtenbankje, en politieke stemmen beweren zelfs dat religie in een land als het onze geen invloed op de maatschappij mág uitoefenen’.

‘Critici zeggen dat godsdienstvrijheid wordt ‘misbruikt’ om bijvoorbeeld lhbti+-personen te discrimineren, of dat onderwijsvrijheid ‘giftige’ ideeën laat verspreiden. Met andere woorden: juist in onze seculiere samenleving staan vrijheid van godsdienst en onderwijs onder druk – door overheidsbeleid, publieke opinie en culturele trends.’
(Rob Mutsaerts, in: Trouw)

‘Kinderen zijn van de ouders, niet van de staat’
Vrijheid van onderwijs vloeit, volgens Mutsaerts, voort uit het principe: ‘het recht en de verantwoordelijkheid om kinderen te vormen volgens diepe overtuigingen over waarheid en goedheid’.

‘Kinderen zijn van de ouders, niet van de staat. Het is om die reden dat ouders de ruimte moeten houden om hun visie op het goede leven in de opvoeding en scholing door te geven. Deze keuzevrijheid is een uitdrukking van de diversiteit van onze samenleving. De vraag is: wie heeft het voor het zeggen als het gaat om de ziel van het kind?’
(Rob Mutsaerts, in: Trouw)


‘Woke-evangelie’
In zijn boek Van waarheid tot woke, stelt Mutsaerts dat we terechtgekomen zijn in een cultuur van censuur waarin mensen doodsbang zijn om hun mening te geven en dat zaken die tot voor kort als normaal en vanzelfsprekend werden aangenomen, nu worden aangevallen.

‘Het bestaan van objectieve waarheid wordt ontkend en inmiddels worden ook wetenschappers gecanceld. Bestaat er zoiets als objectieve waarheid? Hoe denken klassieke en moderne filosofen hierover? En wat heeft God hier mee te maken? Een ding is duidelijk: een wereldbeschouwing die zich zo verwijdert van de realiteit heeft verwoestende gevolgen.’
(Rob Mutsaerts, in: Van waarheid tot woke)

Waarheid als filosofische vraag
Bestaat er zoiets als ‘waarheid die voor iedereen en altijd geldt’, vraagt Mutsaerts zich af in Van waarheid tot woke. De vraag naar waarheid tracht hij te beantwoorden als filosofische vraag.

‘Als niets waar is, valt er ook nergens over te praten. Als niets waar is, zijn argumenten waardeloos. De vraag naar de waarheid is een filosofische vraag. Filosofen hebben daar zinnige dingen over te zeggen. De klassieke filosofen hebben de tand des tijds doorstaan. Dat is niet voor niets, mij dunkt.’
(Rob Mutsaert in: Van waarheid tot woke)


Socrates en Jezus zijn op zichzelf al invloedrijke figuren die een belangrijke rol
hebben gespeeld in het historische en filosofische debat.’ (Shawn Buckles)

Socrates en Jezus
Onze westerse cultuur is gebouwd op het fundament van Athene en Jeruzalem, zegt Mutsaerts, ‘op de rede en de religie die beiden uitgaan van objectiviteit’.

‘Voor zowel Socrates als Jezus is waarheid objectief en universeel. Democratie en mensenrechten zijn er de vruchten van. Dat is de cultuur die nu sterft met wantrouwen en het ontbreken van consensus als gevolg.’
(Rob Mutsaerts in: Van waarheid tot woke)

De nieuwe Antoine Bodar?
Ook bekritiseert Mutsaerts processen binnen de kerk zoals de ‘synodaliteit’ die hij hevig door woke vindt geïnfecteerd. De jurist maakt zich in dit boek sterk voor de waarheid van alle eeuwen, die we al even lang hartstochtelijk zoeken, vinden en aanbidden. Is de nieuwe Antoine Bodar opgestaan?

‘Als de meerderheid vindt dat God dood is, is Hij al bijna dood. Die opvatting van de waarheid als democratisch principe is niet de mijne. Ik ben ervan overtuigd dat er een absolute waarheid bestaat, onafhankelijk van ons denken. De Bijbel leert dat ook. Christus zegt het zelf: ‘Ik ben de weg, de waarheid en het leven.’
(Rob Mutsaerts in: Bodar)


‘Jezus sprak over ‘de waarheid’ over leven in de diepe verbinding
van mens en God, en over de moed om te zien wat er is.’ (Arjan Broers)

Als het gaat om de ziel van het kind
Keuzevrijheid vindt Mutsaerts een uitdrukking van de diversiteit van onze samenleving. De jurist vraagt zich af ‘wie het voor het zeggen heeft als het gaat om de ziel van het kind’. Dat antwoord heeft hij al klaar en is net zo absoluut als die van Bodar:

 ‘Als je Bodar goed leest, heeft de rooms-katholieke kerk als enige de absolute waarheid in pacht. Bodar denkt sterk Rome-centrisch als hij – weliswaar glimlachend – zegt dat er veel wegen naar Rome leiden, alle wegen zelfs.’
(Rob Mutsaerts in: Bodar)

‘De absolute waarheid’
Het kind blijkt dus ‘niet van de ouders te zijn’ of ‘de staat’, maar van de rooms-katholieke kerk...

Bronnen:
* Opinie: Wie afwijkt van de moderne liberale visie op de mens, wordt als bedreigend gezien (Trouw, 18 december 2025)
* Van waarheid tot woke | Rob Mutsaerts | Uitgeverij De Blauwe Tijger | oktober 2023 | € 23,00
* God en de absolute waarheid van Antoine Bodar (de Bibliotheek, 2017)
*
Paarse Pepers (Boeken van bisschop Mutsaerts)
*
Bossche encyclopedie ( Antonius Petrus Lambertus Bodar, 1944)
* Blog kloosterhuissen Commentaar van auteur Arjan Broers: ‘Jezus zei: ‘De waarheid zal je vrij maken’ (Johannes 8,32). Hij had het daarbij niet over de catechismus van de katholieke kerk of over je persoonlijke levensproject, maar over leven in de diepe verbinding van mens en God, en over de moed om te zien wat er is. In een wereld waarin alles marketing, framing, eigenbelang en reclame lijkt te zijn is dat een dappere daad. Maar wat hebben we het nodig: mensen die zo in waarheid willen leven, zichzelf ontwikkelen om het geheel te kunnen dienen.’

Beeld: Wapen van bisschop Rob Mutsaerts
Beeld Socrates en Jezus: WisdomShort – “Socrates leefde ongeveer 400 jaar vóór Jezus en heeft dus niets over hem gezegd. De filosofieën van Socrates maken deel uit van het oude Griekse denken, terwijl de leer van Jezus centraal staat in het christendom en veel later is ontstaan.” (‘Wat zei Socrates over Jezus? – Wijsheid over tijdloze bruggen slaan’, door Shawn Buckles, online uitgever)
Beeld paus: Credo:‘De Paus: De abolute leider van de Katholieke Kerk?

Erasmus’ pamflet ‘Tegen Oorlog’ tragisch actueel  

Als het gaat om een principiële stellingname over oorlog en vrede is het pamflet Tegen Oorlog van filosoof Desiderius Erasmus nog net zo actueel als vijfhonderd jaar geleden. Russen en Oekraïners vermoorden elkaar, terwijl de meeste strijders als kind in de orthodoxe kerk zijn gedoopt. In Europa rond 1500 was iedereen rooms-katholiek: christenen werden aangemoedigd om medechristenen te vermoorden. Broedermoord kenmerkt alle Europese oorlogen tot op de dag van vandaag.

‘We zijn gewend onze ondeugden achter fraaie argumenten te verbergen’
(Desiderius Erasmus)


De Slag op de Witte Berg (1620) in Bohemen die leidde tot de gedwongen rekatholisering van de Tsjechische bevolking

Broederliefde
O
nder meer in het pamflet Tegen Oorlog bekritiseert Erasmus (1469-1536) het geweld van kerk en staat. De humanist baseert zich daarbij op de leer van Christus, waarvan hij weinig terugziet in de praktijk van alledag, noch bij de geestelijkheid noch bij de wereldlijke machthebbers. In plaats van volk en vorsten Jezus’ boodschap van broederliefde en geweldloosheid te onderwijzen, neemt de kerk actief deel in het geweld door wederzijds legers en wapenen te zegenen.

Na het einde van de Koude Oorlog leek het Erasmiaanse gedachtegoed in Europa lange tijd dominant, tot Vladimir Poetin de oorlog weer tot onderdeel van zijn politiek maakte. Onlangs bezocht Poetin, na de aanslag in Moskou, een orthodoxe kerk. Bizar, want hij gelooft alleen in zichzelf, en in de even doelloze als zinloze strijd voor een Russisch rijk dat alleen in zijn eigen gedachten bestaat.


Vladimir Poetin en Hoofd van de Russisch-Orthodoxe Kerk, patriarch Kirill

Broedermoord
G
eestelijk leider van de Russisch-Orthodoxe Kerk patriarch Kirill van Moskou steunt, als misdienaar van Poetin, het vermoorden van Oekraïners. Ruslandkenner Helga Salemon van het The Hague Centre for Strategic Studies zei indertijd: ‘In ruil voor geld spreekt Kirill onvoorwaardelijke steun uit aan Poetin’. Niet voor niets noemt Kirill hem sinds het begin van hun aanvalsoorlog op 24 februari 2022 dan ook een ‘Godsgeschenk’. Het idee ‘God is met ons’ heeft deel uitgemaakt van de Russische nationalistische heropleving van Vladimir Poetin, een opschepperij die heiligschennis en onwaar is.

‘Te midden van de wapenen zwijgen de wetten’
(Desiderius Erasmus)

Als er rechtsgronden zijn die een oorlog toelaatbaar maken, dan zijn deze van slecht allooi en rieken zij naar een ontaarde Christus, die door wereldse rijkdommen bezwaard is’, schreef Erasmus in 1514 aan abt Antonius van Bergen.’
(Ronald van Raak, hoogleraar Erasmiaanse waarden aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, in Filosofie Magazine)

Oorlog als verlengstuk politiek
O
orlog werd destijds gezien als eervol. Erasmus (1469-1536) was de enige in zijn tijd die daartegen protesteerde, schrijft Marjolein Overmeer: ‘Dulce bellum inexpertis, zegt Erasmus in Tegen oorlog: ‘Oorlog is aangenaam voor wie hem niet kent’.

Erasmus was een van de eerste filosofen die nadrukkelijk tegen oorlog als verlengstuk van de politiek pleitte. Te midden van de wapenen zwijgen de wetten. (…) Oorlog was slecht voor de handel, zaaide dood, verderf en ziekten en geen onderdaan zat erop te wachten. Glorie op het slagveld was dwaasheid. De schuldigen aan de oorlogsellende moesten goed beseffen dat het volk moest boeten voor hun zucht naar eer, macht en rijkdom.’
(Marjolein Overmeer, in Kennislink, over Erasmus)

Europese grootmachten
D
e humanist schreef ook Vredes Weeklacht (1517) (De klacht van vrede) voor de vredesbesprekingen die de Europese grootmachten van die tijd gingen houden, maar die op niets zouden uitlopen. Toch had dit boek veel invloed en bereikte het een breed lezerspubliek. Erasmus hield de vorsten (de politieke leiders van zijn tijd) voor waarom oorlog onzinnig is, met argumenten die voor ons nog altijd heel herkenbaar zijn.

In De klacht van vrede voert Erasmus de vrede op als een allegorische figuur, en laat haar haar eigen zaak bepleiten. Eenzelfde soort procedure past Erasmus ook toe in Lof der zotheid van 1511, waarin hij onder het mom van zotheid vele wantoestanden in kerk en klooster hekelt. Hier klaagt de vrede dat ze ‘door alle volken verstoten en versmaad wordt, terwijl de vrede toch de bron van alle goede dingen onder de hemel en op aarde is.’
(dbnl)

De vechtpaus
E
rasmus schreef behalve Tegen oorlog, ook Adagia: een verzameling Latijnse en Griekse uitdrukkingen waarin hij uitgebreid de spreuk Dulce bellum inexpertis bespreekt. In Iulius exclusus zet Erasmus Julius II (‘de vechtpaus’) post mortum te kijk. De elite en de geestelijken, de heersende standen van zijn tijd, maakten er, volgens Erasmus, een potje van.

Julius II
Moge Julius [Het pontificaat van Julius II duurde van 1506 tot 1513] zijn krijgsroem, zijn overwinningen en schitterende triomftochten voor zichzelf behouden. Of zij een christelijk paus sieren, vermag ik niet te beoordelen. Ik zeg alleen dit: zijn roem, hoe groot die ook was, berustte op het leed en de dood van ontelbaren.
(Erasmus, in Tegen Oorlog)


Paus Leo X (‘de vredespaus’)

Leo X
Maar de vrede die Leo [Het pontificaat van Leo X, de (‘vredespaus’) duurde van 1513 tot 1521] de wereld heeft teruggeven zal hem een veel waarachtiger roem schenken dan Julius door zijn talrijke oorlogen, allerwegen gevoerd, hoe manhaftig ook begonnen en hoe fortuinlijk ook beëindigd.’
(Erasmus, in Tegen Oorlog)

Bronnen:
* Tegen Oorlog – Dulce Bellum Inexpertis | Desiderius Erasmus | Bewerking en heruitgave 2022, 2023 | Paperback | 72 pagina’s | Vertaling Nico Van Suchtelen | Bewerking Sieuwert  Haverhoek | Vrije Uitgevers / Mastix Press | € 7,50 | Eerste uitgave: Erasmus Against War, The Merrymout Press, Boston, 1907     
* Kennislink: April, maand van de filosofie, thema Schuld en Boete. ‘Oorlog is mooi voor wie hem niet kent’ (2024, Marjolein Overmeer)
* Filosofie Magazine: ‘Te midden van de wapenen zwijgen de wetten’ (2003, Ronald van Raak)
* Canon van Nederland, herijkt in 2020: Erasmus

Beeld: Cover (detail) van Weg met oorlog– Het onstuitbare pacifisme van Erasmus
Beeld: De Slag op de Witte Berg (1620) in BohemenEen van de beslissende veldslagen tijdens de Dertigjarige Oorlog die uiteindelijk leidde tot de gedwongen rekatholisering van de Tsjechische bevolking. (Pieter Snayers (1592-1667), olie op canvas – exhibition catalogue CD The Winter King – public domain)
Beeld Vladimir Poetin / Hoofd van de Russisch-Orthodoxe Kerk, patriarch Kirill: 2018, asianews.it
Beeld Paus Leo X: Galleria degli Uffizi

Een nabij-de-doodervaring uit 1879

Gezien in Musée d’Orsay, Parijs – In Het gedicht van de ziel (Le Poème de l’âme) zijn mysteries te ontdekken, verborgen in tekeningen, schilderijen en prachtige poëzie, schitterend weergegeven door de Lyonese kunstenaar Louis Janmot (1814-1892). In 34 grote schilderijen en tekeningen, begeleid door het gedicht, is de inwijdingsreis te volgen van een ziel op aarde. Deze spirituele reis is te bewonderen in Musée d’Orsay in Parijs, nog tot 7 januari 2024 op de tentoonstelling Le Poème de l’âme.

‘Le Poème de l’âme en Louis Janmot op het kruispunt van referenties, invloeden en stromingen die zowel literair, religieus en filosofisch, als artistiek zijn’
(Musée d’Orsay)

Janmot, schilder van de ziel, was anders dan alle andere kunstenaars van zijn tijd, maar toch weerspiegelt zijn werk dat van een aantal andere kunstenaars, waaronder William Blake, Philipp Otto Runge en Francisco de Goya vóór hem, zijn tijdgenoten, de Prerafaëlieten, en, later de symbolisten, met name Odilon Redon, die met hem in contact stond.’
(Musée d’Orsay)


Een van de grote zalen van Musée d’Orsay, Parijs, 29 09 2023

De tentoonstelling is georganiseerd door de musea d’Orsay en d’lOrangerie in Parijs, in wetenschappelijke samenwerking en uitzonderlijke bruiklenen van het Museum voor Schone Kunsten van Lyon. Niet alleen de eerste cyclus, maar het complete gedicht Le Poème de l’âme is er tentoongesteld.

De eerste cyclus, voltooid in 1854, vertelt over de eerste jaren in de hemel en op aarde van een ziel, voorgesteld in de gedaante van een jonge jongen en vergezeld door een jong meisje. We volgen de fasen en wisselvalligheden van hun reis, vanaf de geboorte van de jongen tot de vroegtijdige dood van de jonge vrouw. 

De tweede cyclus, voltooid in 1881, vertelt hoe de jongen, nu alleen, wordt geconfronteerd met de verleidingen en tegenslagen van de menselijke ziel. Een gedicht van 2814 regels, geschreven door Janmot en getiteld L’ Âme, begeleidt de werken. Het versterkt hun betekenis en is er onlosmakelijk mee verbonden. Het geheel componeert een hybride werk, literair en picturaal, dat uitnodigt tot contemplatie, luisteren en ronddwalen.
(Musée d’Orsay)


Sursum Corda !

Nabij-de-doodervaring
Een bijzondere tekening, de laatste uit de serie die Janmot maakte, is Sursum Corda ! (Verhef uw hart !) en is een uitdrukking ontleend aan de liturgie van de mis. Hierin vindt een man verlossing en wordt in de hemel verwelkomd door de jonge vrouw van wie hij hield.

De theologische deugden van geloof, hoop en naastenliefde en de kardinale deugden van voorzichtigheid, matigheid, standvastigheid en rechtvaardigheid zijn aan weerszijden verzameld, terwijl Christus de hemelse gemeente presideert, omringd door heiligen en engelen.’
(Sursum Corda !, Musée d’Orsay)

Terugkeer naar de aarde
J
amot voltooide Le Poème de l’âme op 18 september 1880 in Toulon. Het bijzondere van het slotgedicht Sursum Corda ! (1879) is, dat het een nabij-de-doodervaring weergeeft. Het suggereert, volgens het onderschrift bij de tekening, dat ‘de tijd van de man nog niet is aangebroken en dat hij naar de aarde moet terugkeren om de rest van zijn leven in geloof te werken’.

Mysteries ontdekken
Net als de hoofdrolspelers van Het gedicht van de ziel zal het publiek de mysteries ontdekken die in deze beelden verborgen liggen, tijdens een stapsgewijze wandeling, een initiatiereis door de werken. De tentoonstelling zal ervoor zorgen dat de twee vormen van expressie, visueel en tekstueel, naast elkaar kunnen bestaan. Zo kan de bezoeker het gedicht horen terwijl hij naar de schilderijen kijkt.’
(Musée d’Orsay)


Zelfportret (1832) van Louis Janmot op 18-jarige leeftijd, zijn eerste bekende schilderij.
Hij studeerde toen aan de L’ école des beau-arts van Lyon, waar hij later hoogleraar werd.

Schilder van de ziel
Musée d’Orsay is een groots, fantastisch museum. Schitterende zalen, waarin ik me dagenlang zou kunnen laven aan meesterwerken. De tijdelijke tenstoonstelling Le Poème de l’âme. L’idéal, ervaar ik als een spirituele toegift. Janmots poëzie raakt de ziel, en zeker ook zijn schilderijen en tekeningen. Het werk moet rechtstreeks uit zijn ziel zijn voortgekomen. Het werd een levenslang project, gerealiseerd tussen 1835 en 1881. Authentiek, zuiver en oprecht.

Wat Sursum Corda ! betreft is de idee erachter van de nabij-de-doodervaring niet zo vreemd. Uit het onderzoek van de bijna-doodervaringen blijkt volgens Bijbel&Onderwijs dat er ‘buiten zijn lichaam en ziel de mens toch bewust kan zijn van iets, en dat de Bijbel daar ook van getuigt’. Janmots ouders waren katholiek en diep religieus. Janmots werken zijn ook religieus geïnspireerd.

Bronnen o.a.:
* Musée d’Orsay, Parijs,
Tentoonstelling Louis Janmot: Le Poème de l’âme, nog tot 7 januari 2024 – ‘De tentoonstelling nodigt je uit om het verhaal van deze ziel te verkennen, een initiatiereis met de personages aan te gaan en hen te volgen in hun zoektocht naar het absolute’.
* Boutiques de musée:
Catalogus Louis Jamot

Beeld: Le Poème de l’âme. L’idéal, Louis Janmot, periode omtrent 1850 – 1854, Musée d’Orsay, Paris.
Beeld Sursum Corda !: Le Poème de l’âme. ‘Sursum corda !’, Louis Janmot, 1879 © Lyon MBA – Photo Martial Couderette (artscape.fr)
Foto’s Zelfportret van Louis Janmot & zaal Musée d’Orsay: PD, 29 09 2023

‘Christus is niet de achternaam van Jezus’


De Kosmische Christus

UITGELICHT – Denken we echt dat God 13,7 miljard jaar lang niets te zeggen had en pas begon te spreken tijdens de laatste nanoseconden van de geologische tijd? Dit zegt Franciscaan Richard Rohr, auteur van Het Christus mysterie. Rohr maakt onderscheid tussen de Jezus uit de Bijbel en de Christus die was en is van alle tijden. De auteur stelt dat de betekenis van het woord Christus niet – zoals velen denken – de achternaam of eretitel van Jezus is, maar een aanduiding, veel universeler en verstrekkender dan slechts horend bij de man uit Nazaret.

‘God doordringt zijn hele schepping en is overal om ons heen aanwezig is. Een volwassen christen ziet Christus in alles en iedereen. Dit is een definitie die nooit tekortschiet, altijd meer van je zal vragen en je nooit een reden zal geven om iemand te bevechten, uit te sluiten of af te wijzen.’
(Richard Rohr)

Richard Rohr komt in het radicaal theologische boek Het Christus mysterie met een voor westerse christenen prikkelende stelling over de naam Jezus Christus. Voor wie deze fundamentele waarheid ontdekt, wordt het christelijk geloof veel meer dan de belijdenis dat Jezus God is. Je leert zien dat God zijn hele schepping doordringt en overal om ons heen aanwezig is. Hij is te ontmoeten in iedereen die je tegenkomt. De franciscaan Richard Rohr verbindt de kloosterspiritualiteit en mystiek met grote thema’s. Eerder schreef hij ‘De goddelijke dans’.* ‘Rohr ziet Christus overal, en niet alleen in mensen.’ *(Leesfragment)
(Samenvatting door Bono)


Jesus in the Wilderness

Rohr noemt de schepping de ‘eerste Bijbel’. De eerste incarnatie – God die zich verbindt met het universum – vindt plaats in Genesis 1. Het begint met licht. 

‘De enige ware absolute mysteriën van het christelijk geloof zijn
de zelfcommunicatie van God in de diepten van het bestaan – die we genade noemen,
en in de geschiedenis – die we Christus noemen.’

(Uit: Het Christusmysterie: Fr. Karl Rahner, jezuïet en theoloog, 1904-1984)


RichardRohr

‘Er is in de brieven van Paulus geen spoor van enig onderscheid tussen ‘Jezus’ en ‘Christus’, alsof de eerste de naam was van de historische persoon die in Galilea woonde en de laatste de naam van de verrezen Heer.’
(De oorsprong van Paulus’ religie – Princeton theoloog Johan Machem)

De bevrijdende, bewustzijnsverruimende boodschap, zo noemt theologie.nl bij monde van auteur Bep van Muilekom Het Christus mysterie. ‘Christus is overal om ons heen aanwezig’. Richard Rohr herdefinieert volgens haar de christelijke traditie, doorbreekt vastgeroeste gods- en wereldbeelden, ingesleten gedachtenpatronen en hiërarchieën.

Als ik besef dat de wereld om mij heen zowel de plek is waar God zich verbergt als openbaart, kan ik niet langer een betekenisvol onderscheid maken tussen het natuurlijke en het bovennatuurlijke, het heilige en het profane.’ 
(Van Muilekom)

Bronnen:
* Bep van MuilekomDe bevrijdende, bewustzijnsverruimende boodschap van ‘Het Christus mysterie
* Else Eikema: Richard Rohr nodigt je uit God te zien in alle dingen – (Lazarus.nl – EO | Op 13 2 2023 artikel niet meer te vinden.)
* Het Christus mysterie (The Universal Christ) ‘Ik kan Christus zien in mijn hond, in de lucht en in alle schepselen…’
* Tip ►! Paul Smith: Don’t Misunderstand the Apostle Paul or Richard Rohr!

Het Christus mysterie Hoe Gods tegenwoordigheid alles wat je ziet, hoopt en gelooft kan veranderen | Richard Rohr | ISBN: 9789043532006 | Kokboekencentrum | Pagina’s: 272 | 27-08-2019 | € 24,99 | E-book: € 13,99 | ‘God doordringt zijn hele schepping en is overal om ons heen aanwezig is. Een volwassen christen ziet Christus in alles en iedereen. Dit is een definitie die nooit tekortschiet, altijd meer van je zal vragen en je nooit een reden zal geven om iemand te bevechten, uit te sluiten of af te wijzen.’

Beeld: The Cosmic Christ by Rebecca Shinas (integralchristiannetwork.org)
Beeld Jesus in the Wilderness: Edward Knippers (integralchristiannetwork.org)
Beeld Richard Rohr: Rebecca Shinas (integralchristiannetwork.org)
Update 19 12 2024 (Lay-out, citaat, links)

‘Christendom is een vorm van atheïsme’

De Franse filosoof Jean-Luc Nancy vroeg zich af of, als het al waar is dat het geloof in het bestaan van God in een moderne, seculiere wereld steeds minder een rol van betekenis speelt, daarmee dan ook het christendom, en in bredere zin de monotheïstische religies, van het toneel zijn verdwenen. Nancy (1940 – 2021) groeide uit tot een van Frankrijks internationaal meest gelezen filosofen en was emeritus hoogleraar in Straatsburg. Het ‘nieuws van Gods dood’, om met Nietzsche te spreken, verkondigde Nancy al ver voordat de moderne geschiedenis haar aanvang nam. 

‘Het monotheïsme laat zich steeds meer van zijn atheïstische kant zien.’
(Jean-Luc Nancy)

Filosoof, religiewetenschapper en theoloog Laurens ten Kate stelt in Filosofie Magazine dat volgens Nancy het christendom zelf heeft bijgedragen aan het seculariseringsproces. ‘Sterker nog, het christendom komt voor Nancy neer op een vorm van atheïsme.’

De vraag of met God ook het christendom verdwenen zou zijn, is voor Nancy zo belangrijk omdat er naar zijn inzicht iets vreemds aan de hand is met die christelijke God. Iets wat zelfs zo vreemd is dat het nog maar de vraag of God wel verdwenen is uit de seculiere wereld.’

Ten Kate zegt in zijn essay dat Nancy deze vreemdheid van het christendom in zijn project van een deconstructie van het monotheïsme onderzoekt, waarbij hij vooral het christendom centraal stelt. Ten Kate gaat in op de eigenzinnige manier waarop Nancy over religie denkt, tegen de achtergrond van een schijnbaar seculiere wereld. Deconstructie is geen destructie, zegt hij.

Nancy’s project beoogt niet zozeer een deconstructie van de christelijke religie op zich, maar is een verkenning van de deconstructieve elementen die deze religie in zich draagt, elementen die ook in de andere monotheïstische religies gevonden kunnen worden.’

Nancy demonteert dus het monotheïsme en monteert dat opnieuw. Hij ontdekt dat de monotheïstische tradities ‘werelds’, profaan worden: met andere woorden, ze doen mee in de geschiedenis van de secularisering.

En die verborgen ‘montage’ is misschien, paradoxaal genoeg, juist iets wat voorbij het monotheïsme ligt, als datgene wat wij nog moeten ontdekken en doordenken: dat namelijk het monotheïsme in een proces van mondialisering is betrokken waarin het zich steeds meer van zijn atheïstische kant laat zien.’
(Nancy)


Jean-Luc Nancy

Aan de hand van de schepping en incarnatie gaat Ten Kate vervolgens in op de vraag hoe religies profaan kunnen worden.

De scheppingsleer introduceert een God die eigenlijk geen God wil zijn, maar intiem met de mens als partner wil leven in de schepping. Tegelijkertijd is de monotheïstische God een God die zich, in tegenstelling tot de mythische goden, niet meer wil bemoeien met de wereld en zich daaruit terugtrekt.’

Incarnatie komt specifiek uit de christelijke traditie omdat het over de Christusfiguur gaat: de incarnatie, dat wil zeggen de menswording.

Nancy ziet incarnatie letterlijk: als lichaam-wording, en niet alleen als menswording. Daarmee ‘atheïseert’ God zich – seculariseert hij zich, waardoor iedere vorm van ‘funderende aanwezigheid’ verdwijnt.’

De incarnatie moet niet als een vorm van representatie begrepen worden, alsof de Zoon de vertegenwoordiger van God zou zijn. God en mens vallen in de Christusfiguur volledig samen, en als God wordt God ‘niets’, nihil. 

De incarnatie is niet een beeld of verbeelding van God in menselijke vermomming, maar ze is het beeld van de ‘beeldloosheid’, ja, de afwezigheid van God. God sterft, om zo te zeggen, in de mens, om in die mens als mens weer te herleven en vervolgens als mens te sterven. Dat is de vreemde dialectiek van de dood van God, die zijn concrete, dramatische symbool krijgt in Christus’ dood aan het kruis.’


Laurens ten Kate

De dood van God in de incarnatie krijgt een onmiddellijk vervolg in de dood van de mens in wie hij zich had geïncarneerd: de dood van Christus. De incarnatie, zoals Nancy deze interpreteert, is niet een uniek historisch feit (een soort goddelijk ingrijpen in de wereld om de ‘zonden’ van de mensheid weg te wassen), maar het feit dat ‘het goddelijke in mensen een dimensie wordt van terugtrekking, van afwezigheid en zelfs van de dood’.

De dimensie van terugtrekking is als een opening – een dis-enclosure – in de rede, die de grenzen die de rede voor zichzelf stelt, openbreekt. Deze opening wijst niet naar een of andere goddelijke transcendentie die de rede van een laatste fundament zou voorzien, maar precies naar de leegte die de afwezigheid van zo’n transcendentie achterlaat. Deze opening is zelf de transcendentie.’

Nancy komt tot een nieuw perspectief op het monotheïsme als atheïsme: niet een atheïsme dat het bestaan van God ontkent, maar een ‘absentheïsme’, zoals Nancy het soms noemt, waarin de absentie in de presentie, het wonder in de wereld wordt verbeeld als verwijzing. Het verwijst naar het ontoonbare.

Zie:
* Ten geleide: Jean-Luc Nancy
(Filosofie Magazine)
* God uit het niets
(Filosofie Magazine)


Beeld: Jean-Luc Nancy, What is a theological concept?
Foto Jean-Luc Nancy: philosophieliterature.blogspot.com
Foto Laurens ten Kate: Kirsten den Boef (Universiteit voor Humanistiek)

Zondag 16 oktober DV: ‘Christendom mede schuldig aan ontkenning van wie we ten diepste zijn’

Jezus als het authentieke gezicht van de liefde

Theoloog en psychotherapeut Eugen Drewermann schreef een Marcus-commentaar: Wegen naar menselijkheid. Deze zielzorger brengt psychologie en theologie met elkaar in verbinding via een symbolische uitleg van de Bijbelverhalen. Godsdienstfilosoof en theoloog Taede Smedes interviewde hem. Onder meer over zijn Marcus-commentaar (nu vertaald in het Nederlands), waar ik in dit blog op focus. Drewermann presenteert Jezus hierin als het authentieke gezicht van de liefde: hij toont compassie met menselijk lijden en bevrijdt van angst.

D
e Duitse theoloog maakt bij zijn uitleg volop gebruik van inzichten uit de dieptepsychologie, de filosofie, andere religies en zijn eigen therapeutische praktijk als psychoanalyticus. Drewermann stelt in zijn boek Wegen naar menselijkheid dat we ons gedragen naar de mate waarin we onszelf gevonden hebben. Hij zegt dat Plato gelijk had: iedere mens draagt een bepaald idee in zich mee, een innerlijke waarheid die hij gedurende zijn leven moet uitvogelen.

Dat kan een mens alleen als hij iemand ontmoet die vanuit liefde meer in hem gelooft dan hij in zijn eentje gedurende zijn leven had kunnen leren. Wanneer men een mens liefheeft, lossen verwarring op, verhulling en vervreemding in het wezen van de ander. Iedere dag neem je een stuk meer van zijn of haar ware innerlijke schoonheid waar, van het eigenlijke zelf. Dat is de weg der menselijkheid die we zouden moeten gaan.’

Volgens Drewermann kunnen we door liefde de angst voor anderen overwinnen, het gevoel niet goed genoeg te zijn, de innerlijke aanpassingsdwang aan uiterlijke normen.

En als we meer we in de waarheid van anderen geloven, die versterken en levend maken, dan gaan we op de weg van Jezus op de weg waarvoor God ons volgens de Bijbel geschapen heeft: terug naar het paradijs. De man van Nazareth neemt ons aan de hand mee terug naar de boom die in het midden van de Tuin uit Genesis staat en die zijn takken uitspreidt over een wereld vol vertrouwen en geborgenheid. Dat is een leerweg en het is een moeilijke weg. Vandaar al die verhalen over hoe Jezus zieken heelt, in discussie gaat met tegenstanders en aanklagers.’

Heel het Marcusevangelie is betrokken op de vraag naar zijn of niet te zijn, stelt de theoloog, want als we alleen maar bang zijn dat ons iets kan overkomen, dan houden we meteen op de waarheid te leven die in ons ligt. 

Dan passen we ons aan, vluchten we, vluchten we ook voor onszelf, dan leven we niet meer op de juiste manier, maar passen we ons aan uit louter overlevingsdrang. Daar gaat het hele Marcusevangelie zoals ik dat begrijp lijnrecht tegenin.’

Drewermann kwam iedere keer weer mensen tegen die vertelden hoe ze vanuit de religie van hun kindertijd door angst gebonden zijn. Vandaag gaat het erom, zegt hij, dat we aan de hand van Jezus leren zo in God te geloven dat men van al deze manieren waarop mensen elkaar vastleggen, elkaar tot slaaf maken, bevrijd wordt.

De auteur van het Marcus-commentaar stelt dat wij moeten leven wat Jezus ons gezegd heeft, en dan is alles wat de kerk zegt secundair: in de geschiedenis is het christelijk geloof misvormd, met name de katholieke kerk met haar leer dat ze de voortlevende Christus is en dat we dus naar haar moeten luisteren om te begrijpen wat Jezus gezegd heeft. 

Daarom hecht ik ook zo aan de interpretatie van de evangeliën, zoals het Marcusevangelie. Jezus wordt bijvoorbeeld gevraagd wat je onder ‘groot’ moet verstaan als het over mensen gaat. Natuurlijk zijn we dan geneigd om te denken aan mensen die macht uitoefenen, aan een mens die de ander ontzag inboezemt, die geld verzamelt, rijk genoeg is, wie in het middelpunt staat. Dat is een groot mens. Toch? In de ogen van Jezus is dat volledig fout. Wie bij hem groot wil zijn, moet een dienaar van allen worden.’

Wegen naar menselijkheid – Dieptepsychologische lezing van het Marcus-evangelie | Eugen Drewermann | Skandalon Uitgeverij B.V. | Hardcover | 9789492183989 | Druk: 1 | oktober 2020 | 1400 pagina’s | € 99,50  

Lees hier het volledige, uitgebreide interview: Interview met Eugen Drewermann (Taede A. Smedes)

Beeld: ontdekgod.nl

‘Christus was er al voordat Jezus werd geboren’

visie.eo.nl

Franciscaan Richard Rohr is de auteur van Het Christusmysterie. Hij maakt in dit nieuwe boek ‘onderscheid tussen de Jezus uit de Bijbel en de Christus die was en is van alle tijden. (‘Denken we echt dat God 13,7 miljard jaar lang niets te zeggen had en pas begon te spreken tijdens de laatste nanoseconden van de geologische tijd?’) De schepping is de ‘eerste Bijbel’. De eerste incarnatie – God die zich verbindt met het universum – vindt plaats in Genesis 1. Het begint met licht’.  

‘De bevrijdende, bewustzijnsverruimende boodschap van ‘Het Christus mysterie’

De bevrijdende, bewustzijnsverruimende boodschap, zo noemt Theoblogie, bij monde van auteur Bep van Muilekom, Het Christusmysterie. ‘Christus is overal om ons heen aanwezig’. Richard Rohr herdefinieert volgens haar de christelijke traditie, doorbreekt vastgeroeste gods- en wereldbeelden, ingesleten gedachtenpatronen en hiërarchieën.

Als ik besef dat de wereld om mij heen zowel de plek is waar God zich verbergt als openbaart, kan ik niet langer een betekenisvol onderscheid maken tussen het natuurlijke en het bovennatuurlijke, het heilige en het profane.’ (Van Muilekom)

Van Muilekom zegt dat Rohr, een van de meest populaire spiritualiteitsauteurs, eigenlijk niets nieuws vertelt, maar zijn licht laat schijnen over het oude, vertrouwde verhaal – zodat het is alsof je het voor het eerst hoort, weer ziet met de verwonderde en nieuwsgierige ogen van een kind.

Het goddelijk DNA is in elk schepsel, in heel de schepping aanwezig – of we ons daarvan bewust zijn of niet. Jezus is het ‘licht van de wereld’, het Licht maakt dat je alle andere dingen ziet. ‘In Jezus Christus wordt Gods eigen, brede, diep en alles omarmende wereldbeeld voor ons toegankelijk gemaakt.’ Christus is een andere naam voor alle dingen, Hij heeft de dingen lief door de dingen te worden, zegt Rohr. Maar al is God overal, Rohr is geen pantheïst. ‘God is binnen in alle dingen, maar overstijgt de dingen ook.’ (Van Muilekom)

Het boek bestaat uit twee delen. In het eerste, zo zegt Van Muilekom, beschrijft Rohr de ‘universele en diepere werkelijkheid in het hart van alle dingen’, het Christusmysterie. In het tweede deel vraagt hij zich af wat het einddoel is, voor ieder van ons – en voor de kosmos. Hij ziet een doelgerichte beweging in de geschiedenis, een evolutie die wordt voortgestuwd door Gods liefde, waarbij niets en niemand wordt uitgesloten. ‘Christus doordringt alles wat is’.

Rohr plaatst zichzelf in de perennial tradition (in het Nederlands zoiets als ‘eeuwigdurende traditie’). Deze traditie staat voor de overtuiging dat God zichzelf altijd, in alles en overal heeft geopenbaard. Dat er in elke tijd (al dan niet religieuze) mensen zijn geweest die deze openbaring goed hebben verstaan en in hun leven hebben vertaald. Er is geen enkele stroming die zichzelf eigenaar van Gods openbaring mag weten. Richard Rohr rekent faliekant af met dit soort superieure, verdeeldheid zaaiende pretenties. Hij pleit voor ruimte voor het niet-weten, voor het mysterie.’ (Theoloog Else Eikema, in: Lazarus)

In zijn boek verwijst de Amerikaanse franciscaan Rohr naar de autobiografie A Rocking-Horse Catholic van de twintigste-eeuwse mystica Caryll Houselander, waarin de franciscaan een wonderlijke ervaring van Houselander herkent als het Christusmysterie: de inwoning van de Goddelijke Aanwezigheid in ieder mens en ieder ding, sinds het begin van de tijd zoals wij die kennen.

Christus was voor haar duidelijk niet alleen Jezus van Nazaret, maar iets van een veel grotere, zelfs kosmische omvang. Wat dat betekent en wat dat ertoe doet, dat is het onderwerp van dit boek [Het Christusmysterie]. Ik geloof dat een kennismaking met dit visioen de kracht geeft voor een radicale hervorming van wat we geloven, hoe we anderen zien en ons tot hen verhouden, ons besef van de grootheid van God en ons begrip van wat de Schepper aan het doen is in onze wereld.’ (Uit: Het Christusmysterie)

Bronnen:

* Bep van Muilekom: De bevrijdende, bewustzijnsverruimende boodschap van ‘Het Christusmysterie’

* Else Eikema: Richard Rohr nodigt je uit God te zien in alle dingen  (Lazarus.nl – EO | 13 2 2023: Niet meer terug te vinden bij E.O.)

* Het Christusmysterie – Hoe Gods tegenwoordigheid alles wat je ziet, hoopt en gelooft, kan veranderen| Richard Rohr | ISBN: 9789043532006 | Pagina’s: 272 | Publicatiedatum: 27-08-2019 | € 24,99 | E-book: € 13,99

Richard Rohr komt in het radicaal theologische boek Het Christusmysterie met een voor westerse christenen prikkelende stelling over de naam Jezus Christus. De betekenis van het woord Christus is niet (zoals velen denken) de achternaam of eretitel van Jezus, maar een aanduiding die veel universeler en verstrekkender is dan slechts horend bij de man uit Nazaret.

Voor wie deze fundamentele waarheid ontdekt, wordt het christelijk geloof veel meer dan de belijdenis dat Jezus God is. Je leert zien dat God zijn hele schepping doordringt en overal om ons heen aanwezig is. Hij is te ontmoeten in iedereen die je tegenkomt.

De franciscaan Richard Rohr verbindt de kloosterspiritualiteit en mystiek met grote thema’s. Eerder schreef hij De goddelijke dans. ‘Rohr ziet Christus overal, en niet alleen in mensen.’
(Bono)

Beeld: visie.eo.nl

UPDATE: 13 2 2023

Telkens opnieuw beginnen met Jezus

In de vrijzinnige lezing ‘Opnieuw beginnen – Radicale theologie tussen vrijzinnigheid en orthodoxie’ houdt theoloog Frits de Lange een pleidooi voor een Jezus voor a/theïsten, voor mensen die niet in een bovennatuurlijk mensachtig Opperwezen geloven, die naar zijn believen ingrijpt in deze wereld. Een Jezus voor religielozen, randkerkelijken en leden van de ‘Kerkelijke Alumnivereniging’. ‘De God van het theïsme is misschien dood, maar Jezus leeft.’

Christelijk geloof is een eindeloze her-neming, een her-haling van wat ooit begon in en rond deze mens Jezus. Een voortdurend bij hem opnieuw beginnen. Dit is dan voor mij vrijzinnig christendom: een geloof dat niet gebonden is aan het dogma, maar zich alleen laat binden door de geest van Jezus zelf’


Op zoek naar de mens Jezus, geholpen door het kritische onderzoek van de moderne Bijbelwetenschap. We weten niet zo gek veel van de historische Jezus, maar genoeg om mateloos door hem geboeid te raken. Zijn parabels en aforismen intrigeren en choqueren. Zijn radicale ethiek confronteert ons met onszelf. Zijn wijsheid inspireert ons.
Deze joodse rabbi bedreef filosofie zoals de Griekse Cynici dat deden: wijsheid in de vorm van een performance. We proberen we een scherper beeld te krijgen van Jezus van Nazareth als denker en doener. 
(Jezus – de filosoof | Frits de Lange)


De Lange stelt dat volgens Bonhoeffer het christendom om Jezus draaide, en is de kerk, hoe je het wendt of keert, in beginsel een Jezusbeweging die eventueel zonder religie kan, maar niet zonder Jezus. De theoloog houdt het bij Bonhoeffers vraag naar hoe Christus heer kan worden van religielozen. Zijn stelling is dat Christendom, orthodox dan wel vrijzinnig, alleen recht van bestaan heeft als Jezusbeweging.

Christelijk geloof is een eindeloze her-neming, een her-haling van wat ooit begon in en rond deze mens Jezus. Een voortdurend bij hem opnieuw beginnen. Dit is dan voor mij vrijzinnig christendom: een geloof dat niet gebonden is aan het dogma, maar zich alleen laat binden door de geest van Jezus zelf.’

De afstand tot Jezus – De Lange betrekt ook Albert Schweitzer in zijn betoog –  is historisch onoverbrugbaar, maar de ‘geest van Jezus’ is blijkbaar present en spreekt hem direct aan. ‘Jezus leeft’ als jij bereid bent net als hij je leven weg te geven voor het Rijk van God. Om de ‘bijzondere denker’ Jezus te kennen en te begrijpen heb je geen geleerdheid nodig, alleen de hartstocht voor het Rijk van God.

De historische Jezus confronteert Schweitzer met het dwaze verlangen naar de onmogelijke hoop dat het morgen met deze wereld beter gaat. En de liefde voor al wat leeft als de uitdrukking daarvan. Jezus geloofde echt dat God zelf tussenbeide zou komen om het Rijk te realiseren; daarin vergiste hij zich. Daarin was hij nog een traditionele theïst die hoopte op goddelijke interventie. Wij beseffen nu dat we het zelf naderbij moeten brengen.’

Je kunt alleen de echte Jezus ontmoeten, ontdekte Schweitzer, als je je bewust bent van zijn radicale vreemdheid, waarin hij zich aan je begrip onttrekt – en dat alleen door hem te laten terugkeren tot zijn eigen geschiedenis hij deelgenoot kan worden van de jouwe.

Laat christelijk geloof telkens opnieuw beginnen bij en met Jezus van Nazareth (of bij wat we van hem weten) en ga dan na of je gehoor wil geven aan het appel dat deze Jezus op je doet.’

Volgens De Lange hebben kerkelijke theologen niet langer het monopolie op de betekenis van Jezus: in het post-christelijk tijdperk raken ook seculiere onderzoekers en historici in hem geïnteresseerd.

‘Ook al weten we niet wie hij precies was, we kunnen toch relatief zeker zijn van de soort van dingen die hij zei, het soort handelingen die hij verrichtte, de soort persoon die hij was.’

jezus.als.cynisch.filosoof


Jezus, gekleed en gepositioneerd als cynisch filosoof (Museo Nazionale Romana) – (FdL)

De Lange verwijst naar Robert Funk van het Jesus Seminar die de hele christelijke traditie tot nu toe eigenlijk ziet als een geschiedenis van verval, waarin de radicaliteit van Jezus constant is afgezwakt, tegenstemmen zijn gesmoord en afwijkende visies verketterd.

Wie zijn leven verliest omwille van het Rijk van God die zal het behouden’ – als dat de radicale levenswet is die Jezus praktiseerde, dan zijn veel mensen trouw aan hem geweest, binnen en buiten de christelijke traditie, bewust of onbewust.’

En religie is daarvoor geen voorwaarde; sterker nog: zij kan je ernstig daarbij hinderen, aldus De Lange. Godsdienst kan een geleider zijn naar de geest van Jezus, maar kan de ontmoeting met hem ook onmogelijk maken. De historische Jezus vraagt om permanente religiekritiek.

Wat de opbrengst van historisch onderzoek over de mens Jezus voor ons betekent, is aan jou en mij – en niet aan de historicus, zegt De Lange, maar evenmin aan de theoloog.

Het ergste wat je immers met de radicale vreemdheid van Jezus kunt doen is haar onschadelijk maken in een leer over Christus, een christo-logie. Als we toch niet aan theologie kunnen ontkomen – en ik doe de hele tijd hier al niks anders – laat het dan een apofatische christologie zijn, een die begint en eindigt met zwijgen.
De herinnering aan Jezus kan nooit een levensbeschouwing, leer, traditie of religie worden, zonder dat ze het gevaar loopt dat ze wordt afgeplat, versimpeld, gedomesticeerd – verraden. Elke keer als dat gebeurt, wordt het tijd om weer opnieuw te beginnen.’

Zie: Opnieuw beginnen. De Vrijzinnige Lezing, 16 maart 2018 (Uitgebreide versie)
Beeld: © Grey Olsen
Update 20122024 (Layout, links)

De filosofie van Christus, met dank aan de Verlichting

JuniusBassus (1)

Een van de redenen die Frédéric Lenoir ertoe heeft aangezet om het boek De filosofie van Christus te schrijven, is dat de diepgaande vernieuwing van Christus’ boodschap vergeten is en zelfs omgevormd tot het exacte tegendeel ervan. Het christendom is sindsdien onbegrijpelijk voor wie de grondteksten niet kent. Lenoir verwijst hiermee naar de kritiek van Jacques Ellul en Søren Kierkegaard. ‘Het kerkelijk instituut heeft zich afgekeerd van zijn grondleggers’.

kierkegaard

Volgens Lenoir was Søren Kierkegaard (sorenkierkegaard.nl) een ‘gekweld christen’ en voelde hij zich de titel christen onwaardig. De beroemde gelovige stelde dat de ‘christenheid’ (de Europese samenleving) de boodschap van het Nieuwe Testament voortdurend de rug heeft toegekeerd.

Het werkelijke christendom bleek er volledig door te zijn verdraaid. Geen woorden zijn hem [Kierkegaard] te hard om de christenheid af te wijzen: ‘deze misdaad’, ‘deze illusie’, ‘dit bedrog’, ‘dit slappe citroenwater’, ‘deze walgelijke dikdoenerij’. (Lenoir)

Het christendom is afgeschaft door zijn verbreiding, door de miljoenen zogenaamde christenen, wier aantal de afwezigheid van de ware christenen en de onwerkelijkheid van het christendom verhult.’ (Kierkegaard)

jacquesellul

Dit vindt weerklank bij de Franse scherpzinnige denker en geëngageerd christen Jacques Ellul (aitheoloog.nl), die langer stilstaat bij de manier waarop deze omkering zich heeft voltrokken. In het essay Subversief christendom van deze jurist, historicus, theoloog en socioloog, schrijft hij:

Hoe is het mogelijk dat de ontwikkeling van de christelijke samenleving en de kerkelijk samenleving een maatschappij heeft doen ontstaan, een beschaving en een cultuur die zo volledig het tegendeel vormen van dat wat de onweersprekelijke tekst is van de Tora en de profeten, als van Jezus en Paulus? Ik zeg volledig en bedoel dat ook. Er is niet slechts tegenspraak op een enkel punt, maar op alle punten.’

Volgens Ellul is het historische christendom een religie geworden, een zedenleer en een macht die zichzelf heeft verrijkt.

Nu ondermijnde de hele boodschap van het Nieuwe Testament de religie, de moraal, de macht en het geld. Door zich af te keren van de boodschap van zijn grondleggers heeft het kerkelijke instituut dus op zijn beurt het christendom ondergraven. De kerk heeft het christendom teruggebracht tot het niveau van een godsdienst (met zijn rituelen en dogma’s) en een moraal (van plicht en onderworpenheid) zoals vele andere, en ze heeft zich laten omkopen door macht en geld.’

fredericlenoirtenhave

Jezus bleef volgens Frédéric Lenoir (foto: Ten Have) wel trouw aan wat hij noemde ‘de wil van zijn vader’ en is niet gestorven omdat God behoefte had aan smart, maar eenvoudigweg omdat Jezus tot aan het einde toe trouw bleef aan de waarheid die hij kwam brengen. Dat is zonder twijfel, vervolgt Lenoir, de reden waarom zijn woorden tweeduizend jaar later nog zo juist klinken.

Lenoir begint zijn boek met een verhaal uit Dostojevski’s De broers Karamazov: een episode van de grootinquisiteur; over de legende van de terugkeer van Christus op aarde. Dostojevski legt hierin het accent op wat hem het belangrijkste lijkt: de kerk heeft Christus’ boodschap van vrijheid verworpen uit naam van menselijke zwakte, om haar macht te vestigen. Jezus bood weerstand, daar waar de kerk bezweek  voor de verleiding.

Opmerkelijk vind ik genoemde uitspraak van Lenoir dat het kruis van Christus niet staat voor de Zoon die lijdt om de toorn van de Vader tot bedaren te brengen, zoals wordt opgevat binnen een doloristische (= de verheerlijking van het lijden, PD), opofferingsgezinde theologie:

Zo’n voorstelling is in tegenspraak met de hele leer van Christus en met zijn openbaring van een liefhebbende God. Jezus accepteert zijn dood, omdat hij geen andere uitweg heeft om trouw te blijven aan zijn boodschap, die onverdraaglijk is voor de religieuze autoriteiten van zijn tijd.. Hij moet ofwel zwijgen en verdwijnen, ofwel zijn boodschap verloochenen, ofwel tot het einde de consequenties aanvaarden en de prijs daarvoor betalen.’

Volgens Lenoir, die ook de grote verdiensten van de kerk beschrijft, werden de geestelijken verblind door het verpletterende succes van hun religie en proefden van de macht.

De kerk werd sterker en ging zich geleidelijk meer met zichzelf bezighouden dan met haar oorspronkelijke doelstelling. Het evangelie werd nog altijd verkondigd, maar de kloof tussen de geboden van Christus en de kerkelijke praktijken werd steeds groter, omdat die meer en meer gericht waren op haar instandhouding, ontwikkeling en gezag.’

De filosofie van Christus, zijn meest fundamentele ethische leer, zo stelt Lenoir al in het begin van zijn boek, ‘bereikte de mensen niet langer door de deur van de kerk, maar keerde terug door het raam van het humanisme van de renaissance en de verlichting!’

Terwijl de kerk met haar inquisitiepraktijken drie eeuwen lang de christelijke leer van de menselijke waardigheid en de geloofsvrijheid aan het kruis spijkert, herleeft deze boodschap dankzij de humanisten.’

En deze paradox vormt het hoofdthema van het boek De filosofie van Christus.

de_filosofie_van_christus_isbn_9789079001132_1_1415502285

De filosofie van Christus | Frédéric Lenoir | ISBN 9789079001132 | Ten Have | 2008 | 270 pag.

Frédéric Lenoir is filosoof en godsdiensthistoricus. Hij werkt als onderzoeker aan de Ecole des Hautes Etudes en Sciences Sociales te Parijs en is hoofdredacteur van Le Monde des Religions. Hij schreef vele essays en historische romans. Zijn werk is in veel talen vertaald.

Lenoir beschrijft hoe de filosofie van Christus werd vertroebeld door kerkelijke instituties, toen in de vierde eeuw het christendom de officiële religie van het Romeinse Rijk werd. Pas duizend jaar later beleeft deze filosofie een nieuwe ‘geboorte’, als Renaissance- en Verlichtingsfilosofen een beroep op haar doen om de Europese samenleving te bevrijden van het juk van de kerk en een modern humanisme stichten. (Ten Have)

Illustr: Christus als leraar – Detail van de sarcofaag van Junius Bassus uit circa 359, gevonden in 1595, bij het graf van Petrus, tijdens bouwwerkzaamheden in de Sint-Pieterskerk in Rome, onder de vloer. (johnveldhuis.com)
– De hemel is niet leeg. Het leven is niet louter een product van de wetten en van het toeval van de materie, maar in alles en tegelijk ook boven alles staat een persoonlijke wil, staat Geest, die zich in Jezus als Liefde heeft geopenbaard. De vroegchristelijke sarcofagen brengen dit inzicht in beeld – in het aangezicht van de dood, wanneer de vraag naar de zin van het leven onontkoombaar wordt. De gestalte van Christus wordt op de vroege sarcofagen vooral op twee manieren uitgelegd: als filosoof en als herder. (rkdocumenten.nl)

update 10 05 2023