Hechte gemeenschap biedt structuur, zingeving en veilige haven

Mensen sluiten zich aan bij minderheidsreligies omdat een gemeenschap aansluit bij herkenbare behoeften en existentiële vragen. Maar als die religies ‘sektes’ worden genoemd, fungeert dat, stelt onderzoeker Joëlle Fennebeumer, als negatieve morele kwalificatie: dan is toetreding naïef, in de groep blijven problematisch en vertrekken een vorm van ontsnapping. Dan verdwijnt de nuance en blijven cruciale vragen onbeantwoord, en blijft effectief preventief beleid buiten bereik.

‘Hoe geef ik richting aan mijn leven? Waar word ik gezien? Met wie deel ik waarden? Zeker in periodes van onzekerheid lijkt een hechte gemeenschap die structuur en zingeving biedt, een veilige haven te bieden’
(Joëlle Fennebeumer)

‘Deze constatering relativeert niet de mogelijkheid van latere schade, maar maakt inzichtelijk dat deelname doorgaans begint vanuit een actieve behoefte aan betekenisgeving, niet alleen vanuit passieve misleiding.’
(Joëlle Fennebeumer)


Joëlle Fennebeumer

Een genuanceerder beeld
Joëlle Fennebeumer is onderzoeker en PhD-kandidaat bij de faculteit Religie, Cultuur en Maatschappij aan de Rijksuniversiteit Groningen. In haar artikel in de Volkskrant schrijft zij een glasheldere opinie met zo’n 16 links voor nadere informatie. Zij zegt dat een negatieve morele kwalificatie belangrijke consequenties heeft. Betekenissen die betrokkenen zelf aan participatie toekennen, blijven daardoor grotendeels buiten beschouwing.

‘Ik heb echter ondervonden dat lidmaatschapservaringen erg divers zijn – veel diverser dan het klassieke beeld van manipulatie en dwingend leiderschap suggereert. Mijn lopende onderzoek naar toe- en uittreding uit nieuwe religies, laat een genuanceerder beeld zien.’
(Joëlle Fennebeumer)

Preventief inzicht ontbreekt
De onderzoeker stelt dat zolang incidenten en mediagenieke excessen het publieke debat over nieuwe religies domineren, het beleid overwegend reactief blijft.

‘Ingrijpen volgt vaak pas nadat schade zichtbaar wordt, terwijl preventief inzicht ontbreekt. Mijn onderzoek laat zien dat juist andere vragen richtinggevend zouden moeten zijn: wat trok mensen aanvankelijk aan? Welke behoeften werden vervuld? En waar ontstond frictie of twijfel?’
(Joëlle Fennebeumer)

Historisch beladen
Het gebruik van het label ‘sekte’ werkt contraproductief, stelt Fennebeumer, daar het begrip historisch is beladen en defensieve reacties oproept. Ervaringen, vooraf in een beperkt interpretatiekader geplaats, laat weinig ruimte over voor nuance.


Katja Schuurman en Master Oh Master, een ambassadeur voor geluk en gezondheid
voor de mensheid uit Zuid-Korea op de première van About Light and Shadows.

Oprechte zoektocht
Er is in Nederland geen structurele kennis over de diversiteit van nieuwe religies, zoals over ‘condities die risico’s vergroten of juist beperken en over de ondersteuning die (ex-)leden nodig hebben’. Fennebeumers onderzoek ziet de complexiteit ervan:

‘Mijn onderzoek brengt deze gelaagdheid expliciet in kaart en laat zien dat ook trajecten die uiteindelijk problematisch blijken, vaak beginnen met een oprechte zoektocht naar betekenis, erkenning en gemeenschap. En dat vertrek zelden eenduidig is, maar zowel bevrijdend als pijnlijk kan zijn.
(Joëlle Fennebeumer)


De zielenvisserij:  Allegorie op de ijver van de religies
tijdens het Twaalfjarig Bestand (1609-1621)

Analytisch scherper
Cruciale vragen blijven dus onbeantwoord, stelt de onderzoeker, en ook niet effectief preventief. De onderzoeker wil een debat dat ruimte laat voor de complexiteit, voor die gelaagdheid.

‘Een debat dat ruimte laat voor die complexiteit, is naar mijn mening niet milder, maar analytisch scherper. Het stelt ons in staat onderscheid te maken tussen contexten waarin deelname en vertrek daadwerkelijk vrijwillig zijn en situaties waarin structurele beperkingen dat lijken te bemoeilijken.’
(Joëlle Fennebeumer)

Bronnen:
* de Volkskrant 26 december 2025
* Master Oh Master (documentaire)
* Master Oh Master (About “Embrace Your True Nature: clear, bright and beautiful”)

Bron: NLBeeld – Katja Schuurman en Master Oh Master, een ambassadeur voor geluk en gezondheid voor de mensheid uit Zuid-Korea op de première van About Light and Shadows.
Foto Jenne Fennebeumer: rijksuniversiteit groningen
Beeld De zielenvisserij:  ‘Allegorie op de ijver van de religies tijdens het Twaalfjarig Bestand (1609-1621). De rivier tekent de vanaf nu duidelijke scheiding tussen noord en zuid. Links de protestanten met onder anderen de prinsen Maurits en Frederik Hendrik. Op de voorgrond vissen de protestanten; hun netten zijn gemerkt met Fides, Spes en Caritas. Rechts de katholieken met aartshertogen Albrecht en Isabella, Spinola en paus Paulus V gedragen door kardinalen. Een bisschop met zijn priesters vist in het katholieke bootje naar mensen.’ (Rijksmuseum Amsterdam, wikimedia commons)

! Leestip bij dit artikel
Bwiti tot een vorm van hekserij verklaard
Vermoedelijk dateert de Bwiti van ver voor het begin van de christelijke jaartelling en heeft ze zich langzaam onder de verschillende volkeren van Gabon verspreid. Na de kolonisatie door het katholieke Frankrijk werd de Bwiti tot een vorm van hekserij verklaard en actief bestreden.
Tempels werden in brand gestoken en religieuze leiders vervolgd. De traditie leefde heimelijk voort met nachtelijke ceremonies in het bos. Voor veel Gabonese stammen is de Bwiti een manier van leven en iboga een god.


Stekjes van de iboga, de wortel die in de Bwiti zo’n centrale rol speelt

Zie de Volkskrant 8 januari 2026: een reportage over de Bwiti
door Carlijn van Esch, fotografie: Carmen Yasmine Abd Ali

Rob Mutsaerts: ‘De waarheid zal u vrijmaken’

Rob Mutsaerts, afgestudeerd op Nederlands Recht (1984), stelt dat sommige opiniemakers en politici gelijkheid reduceren tot het delen van één moderne, liberale visie op mens en moraal. Jurist Mutsaerts, sinds 2010 hulpbisschop met staf om zijn kudde in toom te houden, hanteert echter vooral de pen om zijn wapenspreuk Veritas vos LiberabitDe waarheid zal u vrijmaken te prediken.
– Welke waarheid?

Keuzevrijheid vindt Rob Mutsaerts een uitdrukking van de diversiteit van onze samenleving. Hij vraagt zich af wie het voor het zeggen heeft als het gaat om de ziel van het kind.

Het einde van vrijheid van godsdienst, en van onderwijs. Dat stelt Mutsaerts als hij in Trouw de uitslag leest van een stemming over een motie van VVD-Kamerlid Arend Kisteman in de Tweede Kamer.

‘Een krappe meerderheid van de Tweede Kamer vindt dat de vrijheid van onderwijs niet mag botsen met artikel 1 van de Grondwet waarin staat dat iedereen gelijk behandeld moet worden, zo bleek vorige week na een stemming over een motie hierover.’
(Rob Mutsaerts, in: Trouw)

Religie
Onderwijs mag, zegt jurist Rob Mutsaerts, ‘niet verworden tot indoctrinatie door de heersende mode. Media plaatsen orthodox-religieus onderwijs in het verdachtenbankje, en politieke stemmen beweren zelfs dat religie in een land als het onze geen invloed op de maatschappij mág uitoefenen’.

‘Critici zeggen dat godsdienstvrijheid wordt ‘misbruikt’ om bijvoorbeeld lhbti+-personen te discrimineren, of dat onderwijsvrijheid ‘giftige’ ideeën laat verspreiden. Met andere woorden: juist in onze seculiere samenleving staan vrijheid van godsdienst en onderwijs onder druk – door overheidsbeleid, publieke opinie en culturele trends.’
(Rob Mutsaerts, in: Trouw)

‘Kinderen zijn van de ouders, niet van de staat’
Vrijheid van onderwijs vloeit, volgens Mutsaerts, voort uit het principe: ‘het recht en de verantwoordelijkheid om kinderen te vormen volgens diepe overtuigingen over waarheid en goedheid’.

‘Kinderen zijn van de ouders, niet van de staat. Het is om die reden dat ouders de ruimte moeten houden om hun visie op het goede leven in de opvoeding en scholing door te geven. Deze keuzevrijheid is een uitdrukking van de diversiteit van onze samenleving. De vraag is: wie heeft het voor het zeggen als het gaat om de ziel van het kind?’
(Rob Mutsaerts, in: Trouw)


‘Woke-evangelie’
In zijn boek Van waarheid tot woke, stelt Mutsaerts dat we terechtgekomen zijn in een cultuur van censuur waarin mensen doodsbang zijn om hun mening te geven en dat zaken die tot voor kort als normaal en vanzelfsprekend werden aangenomen, nu worden aangevallen.

‘Het bestaan van objectieve waarheid wordt ontkend en inmiddels worden ook wetenschappers gecanceld. Bestaat er zoiets als objectieve waarheid? Hoe denken klassieke en moderne filosofen hierover? En wat heeft God hier mee te maken? Een ding is duidelijk: een wereldbeschouwing die zich zo verwijdert van de realiteit heeft verwoestende gevolgen.’
(Rob Mutsaerts, in: Van waarheid tot woke)

Waarheid als filosofische vraag
Bestaat er zoiets als ‘waarheid die voor iedereen en altijd geldt’, vraagt Mutsaerts zich af in Van waarheid tot woke. De vraag naar waarheid tracht hij te beantwoorden als filosofische vraag.

‘Als niets waar is, valt er ook nergens over te praten. Als niets waar is, zijn argumenten waardeloos. De vraag naar de waarheid is een filosofische vraag. Filosofen hebben daar zinnige dingen over te zeggen. De klassieke filosofen hebben de tand des tijds doorstaan. Dat is niet voor niets, mij dunkt.’
(Rob Mutsaert in: Van waarheid tot woke)


Socrates en Jezus zijn op zichzelf al invloedrijke figuren die een belangrijke rol
hebben gespeeld in het historische en filosofische debat.’ (Shawn Buckles)

Socrates en Jezus
Onze westerse cultuur is gebouwd op het fundament van Athene en Jeruzalem, zegt Mutsaerts, ‘op de rede en de religie die beiden uitgaan van objectiviteit’.

‘Voor zowel Socrates als Jezus is waarheid objectief en universeel. Democratie en mensenrechten zijn er de vruchten van. Dat is de cultuur die nu sterft met wantrouwen en het ontbreken van consensus als gevolg.’
(Rob Mutsaerts in: Van waarheid tot woke)

De nieuwe Antoine Bodar?
Ook bekritiseert Mutsaerts processen binnen de kerk zoals de ‘synodaliteit’ die hij hevig door woke vindt geïnfecteerd. De jurist maakt zich in dit boek sterk voor de waarheid van alle eeuwen, die we al even lang hartstochtelijk zoeken, vinden en aanbidden. Is de nieuwe Antoine Bodar opgestaan?

‘Als de meerderheid vindt dat God dood is, is Hij al bijna dood. Die opvatting van de waarheid als democratisch principe is niet de mijne. Ik ben ervan overtuigd dat er een absolute waarheid bestaat, onafhankelijk van ons denken. De Bijbel leert dat ook. Christus zegt het zelf: ‘Ik ben de weg, de waarheid en het leven.’
(Rob Mutsaerts in: Bodar)


‘Jezus sprak over ‘de waarheid’ over leven in de diepe verbinding
van mens en God, en over de moed om te zien wat er is.’ (Arjan Broers)

Als het gaat om de ziel van het kind
Keuzevrijheid vindt Mutsaerts een uitdrukking van de diversiteit van onze samenleving. De jurist vraagt zich af ‘wie het voor het zeggen heeft als het gaat om de ziel van het kind’. Dat antwoord heeft hij al klaar en is net zo absoluut als die van Bodar:

 ‘Als je Bodar goed leest, heeft de rooms-katholieke kerk als enige de absolute waarheid in pacht. Bodar denkt sterk Rome-centrisch als hij – weliswaar glimlachend – zegt dat er veel wegen naar Rome leiden, alle wegen zelfs.’
(Rob Mutsaerts in: Bodar)

‘De absolute waarheid’
Het kind blijkt dus ‘niet van de ouders te zijn’ of ‘de staat’, maar van de rooms-katholieke kerk...

Bronnen:
* Opinie: Wie afwijkt van de moderne liberale visie op de mens, wordt als bedreigend gezien (Trouw, 18 december 2025)
* Van waarheid tot woke | Rob Mutsaerts | Uitgeverij De Blauwe Tijger | oktober 2023 | € 23,00
* God en de absolute waarheid van Antoine Bodar (de Bibliotheek, 2017)
*
Paarse Pepers (Boeken van bisschop Mutsaerts)
*
Bossche encyclopedie ( Antonius Petrus Lambertus Bodar, 1944)
* Blog kloosterhuissen Commentaar van auteur Arjan Broers: ‘Jezus zei: ‘De waarheid zal je vrij maken’ (Johannes 8,32). Hij had het daarbij niet over de catechismus van de katholieke kerk of over je persoonlijke levensproject, maar over leven in de diepe verbinding van mens en God, en over de moed om te zien wat er is. In een wereld waarin alles marketing, framing, eigenbelang en reclame lijkt te zijn is dat een dappere daad. Maar wat hebben we het nodig: mensen die zo in waarheid willen leven, zichzelf ontwikkelen om het geheel te kunnen dienen.’

Beeld: Wapen van bisschop Rob Mutsaerts
Beeld Socrates en Jezus: WisdomShort – “Socrates leefde ongeveer 400 jaar vóór Jezus en heeft dus niets over hem gezegd. De filosofieën van Socrates maken deel uit van het oude Griekse denken, terwijl de leer van Jezus centraal staat in het christendom en veel later is ontstaan.” (‘Wat zei Socrates over Jezus? – Wijsheid over tijdloze bruggen slaan’, door Shawn Buckles, online uitgever)
Beeld paus: Credo:‘De Paus: De abolute leider van de Katholieke Kerk?

‘Geluk begint met een moment voor jezelf’

Boekrecensie Solosofie – Nika Vázquez Seguí. Zij schrijft over ‘de kunst van het alleen-zijn’ in Solosofie. Liefde voor het alleen-zijn. De Spaanse auteur schreef Solosofia in 2022. Vertaald als Solosofie in 2023. Een variatie op het stoïcisme? Segui verwijst toch niet naar die sofisten uit de 5e eeuw v Chr. Wel toont Solosofie er duidelijk overeenkomsten mee. En eveneens met de wijze Solon van Athene. Segui vindt haar ‘denkgenoten’ echter verrassend genoeg veelal in het Westen.

‘Alleen zijn is niet hetzelfde als je alleen voelen’
(Nika Vázquez Seguí)

Nika Vázquez Seguí studeerde psychologie aan de universiteit van Valencia en behaalde een master in de psycho-oncologie. Zij combineert haar werk in haar eigen psychotherapiepraktijk met cursussen over emotionele intelligentie bij verschillende instellingen. Seguí schreef eerder de boeken Aporta o aparta en Te quiero, ¿y ahora qué?

Blijven leren
In Solosofie, in hoofdstuk Zelfgekozen eenzaamheid als je ouder wordt, leidt Segui af dat de Atheense moralist Solon een van de eerste solosofen was die dit soort uitspraken deed. En dat al een eeuw eerder dan de stoïcisten.

‘De Atheense moralist en dichter Solon zei het al in de zesde eeuw voor Christus: “Probeer te blijven leren zolang je leeft; denk niet dat de ouderdom de rede met zich meeneemt”.’
(Segui in: Solosofie)

Een kunst, een kunde
De Duits-Amerikaanse filosoof en psychoanalyticus Erich Fromm (1900-1980), een der belangrijkste denkers over mens en maatschappij van onze tijd, schreef onder meer Liefhebben – een kunst, een kunde (1956). Segui verwijst al direct naar deze titel als een van de voorbeelden hoe we ons ‘in het leven van alledag kunnen bekwamen en verbeteren’.


Nika Vázquez Seguí

‘Zoals Erich Fromm het concept liefde op zijn kop zette door het te beschrijven als een kunst waarin we ons in het leven van alledag kunnen bekwamen en verbeteren, is ook een leven op eigen benen niet iets wat je zomaar van de ene dag op de andere leert, zeker als je nooit eerder de noodzaak hebt gevoeld om het te leren.’
(Segui in: Solosofie)

Zelfontplooiing
Een andere Duits-Amerikaanse schrijver, Charles Bukowski, zegt Segui, is de vertegenwoordiger van de literaire beweging die dirty realism wordt genoemd en een trouwe bepleiter van eenzaamheid als middel om tot zelfkennis en zelfontplooiing te komen.

‘Het juiste evenwicht bewaren tussen eenzaamheid en mensen om je heen, daar gaat het om, dat is de manier om niet in het gekkenhuis te belanden.’
(Segui in: Solosofie)

De leegte van je ziel vullen
Segui vindt de Franse filosoof Blaise Pascal (1632-1662) een revolutionair in zijn tijd. Na  een zware depressie in 1645 wisselde hij wiskunde en toegepaste wetenschap in voor filosofie en theologie. Hij ontdekte de oneindige rijkdom van rust en zelfkennis. Wat hij met onderstaand citaat bedoelt, zegt Segui, is dat ‘de mens eropuit gaat om iets te vinden waarmee hij de leegte van zijn ziel kan vullen, omdat hij niet in staat is een innerlijk leven te cultiveren dat hem betekenis geeft’.

‘Al het leed van de mensen komt hieruit voort dat ze niet rustig in hun kamer kunnen blijven.’
(Segui in: Solosofie)

Naar jezelf kijken
De bekende managementgoeroe Stephen R. Covey (1932-2012) waarschuwt, zegt Segui, dat als je ondergedompeld bent in de maalstroom van het dagelijkse leven, het bijna onmogelijk is tijd te vinden om naar jezelf te kijken. Covey schreef De zeven eigenschappen van effectief leiderschap (2008), waarin hij schrijft: ‘Reorganiseer je leven en neem opnieuw de leiding’.

‘Je laat je meeslepen door wat urgent is en vergeet wat belangrijk is. Als dat gebeurt doen ontevredenheid en onbehagen hun intrede, aldus managementgoeroe Stephen Covey.’
(Segui in: Solosofie)

Zintuigen
Solosofie
bestrijkt tal van boeiende en onverwachte onderwerpen, zoals Leven met je vijf zintuigen. Over ruiken waarmee je reist naar het hart van je herinneringen. Zien: geluk schuilt in het oog van de waarnemer. Horen en de muziek van het leven. Voelen en de emoties die dicht onder je huid zitten: over ‘huidhonger’ dat ook wel contactarmoede wordt genoemd. En proeven: Segui zegt een ‘foodie’ te zijn, en vertelt waarom een ‘solosoof’ in een restaurant vraagt om een tafel voor één.

‘Alleen’ zijn
Als een ‘duveltje-uit-een-doosje’ reageert Segui als mensen tegen haar zeggen dat ze ‘alleen’ zijn om duidelijk te maken dat ze geen formele relatie hebben: ‘Je bent niet alleen, je hebt alleen geen partner’. Een groot hoofdstuk hierover beschrijft ze in: Liefde is niet altijd iets voor twee. Boeiend is ook wat zij schrijft over Zelfgekozen eenzaamheid als je ouder wordt, en dan komen we uit bij de eerdergenoemde Atheense Solon.

Cicero
In Samenleven zonder iets op te geven, nodigt Segui je ten slotte uit om met beoefening van solosofie je relatie met anderen te verbeteren terwijl je meer rekening houdt met jezelf. Daarom staan er ook tientallen Oefeningen en Ervaringen in Solosofie, die extra inzicht geven, om uiteindelijk Cicero na te kunnen zeggen: “Ik ben nooit minder alleen dan wanneer ik alleen ben.” Commentaar van Segui hierop:

Je hebt uiteraard jezelf. Beter gezelschap kun je je toch niet wensen?’
(Segui in: Solosofie)

Recensie: Solosofie – Geluk begint met een moment voor jezelf | Nika Vázquez Seguí | Hardcover € 16,99 | E-book € 9,99

Beeld: Liberi Coaching
Foto Nika Vázquez Seguí: Boekerij

Waar is de geest als die niet in je hoofd zit?

Drie filosofen zoeken een antwoord op de vraag of de mens in een tijd van ‘hormonen, neurotransmitters en hersenprocessen’ zonder geest kan. Zijn we ons brein of zijn we ons lichaam? ‘Nergens in de wereld komt de geest voor zonder dat er een lichaam is’. In een ‘bezield dossier over de geest’ van Filosofie Magazine vragen drie begeesterde denkers zich af of we zonder geest kunnen.‘De geest is de essentie van wat ons mens maakt.’

‘Al toont de liefde zich ook als een biologisch proces, het is onze geest die de emoties betekenis geeft’
(Désanne van Brederode)

Wijsgerige psychologie
Er bestaat een stroming in de wijsgerige psychologie die praten over de geest in termen van gevoelens, intenties en verlangens willen vervangen door objectieve termen uit de neurowetenschappen. Die stroming heet ‘eliminativisme’, waarvan de Amerikaanse Paul en Patricia Churchland de belangrijkste vertegenwoordigers zijn.

‘Een vrouw komt thuis bij haar man na een zware dag. ‘Paul, praat niet tegen me. Mijn serotonineniveau is tot een dieptepunt gedaald, mijn hersenen zitten vol glucocorticoïden, mijn bloedvaten zitten vol adrenaline en als ik geen endogene opiaten had gehad, was ik onderweg naar huis met de auto tegen een boom gereden. Mijn dopaminegehalte moet omhoog. Schenk me een glas chardonnay in.’
(Patricia tegen Paul)

Emoties
Filosoof Désanne van Brederode zegt hierover dat ‘als we als een neurowetenschapper naar de geest kijken, wordt alles extreem mechanisch’.

‘We kunnen verliefdheid wel uitleggen aan de hand van feromonen, stofjes in je hersenen en compatibele immuunsystemen, maar daarmee heb je doodverklaard wat liefde zo bijzonder maakt. Al toont de liefde zich ook als een biologisch proces, het is onze geest die de emoties betekenis geeft.’
(Désanne van Brederode)

Eliminativisten
Wetenschappelijke taal is doorgedrongen in ons alledaagse vocabulaire, schrijft Pieter Adriaens, hoofddocent filosofie KU Leuven, in This is mental!, een inleiding in de wijsgerige psychologie.

‘Zet de televisie aan en je hoort atleten praten over endorfines en endogene adrenaline. Eliminativisten zoals de Churchlands hopen dat we met neurologische termen objectief kunnen beschrijven wat het bewustzijn of de geest is. Net zoals chemici niet spreken van water en ijs, maar van H2O in vloeibare en vaste toestand.’
(Pieter Adriaens)


Fred Keijzer

‘Wij zijn ons lichaam’
Fred Keijzer, hoofddocent filosofie Rijksuniversiteit Groningen, onderzoekt de biologische basis van cognitie en stelt dat onze hersenen deel zijn van ons lijf en door dat lijf ook van de wereld.

‘Als we ons beperken tot neurologische processen verdwijnen wijzelf als vlezige, voelende, bewegende wezens uit beeld.(…)Nergens in de wereld komt de geest voor zonder dat er een lichaam is. In plaats van “wij zijn ons brein” kunnen we daarom beter “wij zijn ons lichaam” zeggen.’
(Fred Keijzer)

Geest is iets ‘relationeels’
Het nadeel van het neurofysiologisch denken leidt er volgens Keijzer toe dat een depressie soms wordt opgevat als een chemische onbalans in de hersenen. Volgens Adriaens is de geest iets ‘relationeels’. Veel geestesziektes vindt hij ‘relationele aandoeningen’.

‘Ze zijn op een complexe manier verweven met de interactie tussen individuen. Een voorbeeld is om emotie niet te zien als iets dat zich bevindt in het individu. Als ik kwaad word op iemand, dan zit de kwaadheid in de verhouding met die persoon.’
(Pieter Adriaens)


Désanne van Brederode

Ik ben niet ik
Volgens Désanne van Brederode is de geest de essentie van wat ons mens maakt. Zij haalt een gedicht aan van de Spaanse dichter en winnaar van de Nobelprijs Literatuur 1956, Juan Ramón Jiménez, omdat hij precies zegt wat de geest betekent: 

Ik ben niet ik
Ik ben deze
Die naast me loopt en die ik niet zie,
die ik soms bezoek,
en die ik op andere momenten vergeet;
die kalm en stil blijft terwijl ik praat,
en die vergeeft, zachtjes, wanneer ik haat,
die loopt waar ik niet ben,
die zal blijven staan wanneer ik sterf.

‘Geweten’
Weten is volgens Van Brederode iets anders dan kennis. In dat prachtige woord “geweten” ziet zij dat. Zij herinnert zich nog dat zij als jong meisje iets kleins had gestolen, een snoepje of zo.

‘Later in mijn bed voelde ik me daar ontzettend schuldig over. Al troostte mijn moeder me door te zeggen dat het helemaal niet erg was, toch voelde ik dat ik iets had gedaan wat ik niet had willen doen. Het weten dat maakt dat je een baan laat schieten om voor een naaste te zorgen of dat je doet besluiten toch te blijven vechten voor een relatie. Zelfs al verklaart de hele wereld je voor gek en je zelf ook niet kunt uitleggen waarom.’
(Désanne van Brederode)

Menselijke geest
Pieter Adriaens zegt aan het slot van het artikel dat de vraag wat de geest precies is nooit afdoende beantwoord zal worden.


Pieter Adriaens

‘Maar misschien is dat mysterie op zichzelf al voldoende reden om te blijven spreken van een menselijke geest.’
(Pieter Adriaens)

Bron:
Kan de mens zonder geest?
(Emile Smits, in Filosofie Magazine, november 2025, dossier De Geest)

Beeld: Citylit.ak.uk – ‘A taste of philosophy’ – ‘Bij City Lit zijn we er trots op dat we mogelijkheden creëren voor mensen om samen te komen en hun leven te verrijken door te leren.’
Beeld Fred Keijzer: Youtube
Foto Désanne van Brederode: Filosofie Magazine
Foto Pieter Adriaens: Brainwash

Een maatschappij waar veroudering er niet mag zijn

Dat is een dubbel probleem voor ‘de grijze duiven met dementie’, zegt psycholoog Ad Bergsma. Hoewel volgens Alzheimerverenigingen geestelijk verval geen onderdeel mag zijn van veroudering, werpt dit zijn schaduw vooruit. The European Journal of Aging stelt dat 40% van de mensen van middelbare leeftijd bang is straks de controle te verliezen. Het zenboeddhisme klinkt hoopvol en gaat ervan uit dat we niet minder menselijk worden, en evenmin worden onze subjectieve ervaringen minder belangrijk.

‘Als we een gelukkig moment beleven, is het emotioneel net zo rijk als eerder in ons leven toen we nog ‘gewoon’ waren’
(Psychogerontoloog Huub Buijssen)

‘Het hart wordt niet dement’
De wetenschappelijke beschrijving van dementie stelt verliezen centraal. Dat beïnvloedt onze beleving: een wetenschappelijke definitie kan iets ondraaglijk maken wat in zichzelf al erg is’. Het mooie idee dat hier tegenover wordt gesteld, dat ‘het hart niet dement wordt’, komt van de Nederlandse psychogerontoloog Huub Buijssen.

‘Bij dementie verslechteren de denkende delen van de hersenen veel erger dan de emotionele delen. Als we een gelukkig moment beleven, is het emotioneel net zo rijk als eerder in ons leven toen we nog ‘gewoon’ waren.’
(Huub Buijssen)

Zenboeddhisme
De filosofie van het zenboeddhisme laat zo meer ruimte voor het goede dat behouden blijft, stelt Bergsma. De Dalai Lama schreef er zelfhulpboeken over. ‘Waar wetenschappers zich richten op het oplossen van wat er niet zou moeten zijn’, stellen boeddhisten het lijden echter voor als iets dat onvermijdelijk op je pad komt: ‘Leer leven met ellende’, zo klinkt hun motto.’

‘De “nobele waarheid” is dat het “leven lijden is”.’
(De Dalai Lama)

Terugkeren tot de kern
Bergsma stelt dat het streven naar perfecte gezondheid voort kan komen uit een preoccupatie met ziekte en verval. Bij het denken over dementie is het daarom zaak de verliezen te bezien in relatie met wat behouden blijft. Hij vertelt over de Amerikaanse meditatieleraar Doug McGill die de langzame aftakeling van zijn moeder beschrijft. Niet de verliezen staan centraal, maar het terugkeren tot de kern.

‘Terwijl zij de ene na de andere lichamelijke en mentale vaardigheid verloor, werd ze voor mij meer en meer de persoon die zij in essentie altijd al was. Haar glimlach is in de loop van vijftien jaar meer spontaan en oprecht geworden. Haar lach – en ze lacht nog vaak – is zachter geworden en lichthartig, zonder een spoor van ironie, nostalgie of spijt. Haar blik is meer open en verlangend en haar liefde pijnlijk puur en direct.’
(Doug McGill)

Verbondenheid in liefde
In Onze laatste jaren van vreugde en verdriet vertelt de boeddhistische lerares Olivia Ames Hoblitzelle de laatste levensjaren van haar dementerende partner Hob. Dementie beschrijft ze onomwonden als een wreed proces. Toch ziet zij het ziekteproces van haar man ook als een mogelijkheid om te ervaren wat er het meest toe doet in het leven: de verbondenheid in liefde en momenten van geluk. Wakker worden is voor Hob wel heel moeilijk.

‘Toen ik vijf minuten geleden wakker werd, wist ik niet waar ik was… waar iedereen was… waar jij was… Ik wist niet wie ik was… Ik ben uit de gewone tijd gevallen… Het kan best zijn dat ik tweehonderd jaar heb geslapen… Ik heb helemaal geen besef van kloktijd als ik zo gedesoriënteerd ben als nu…’.’
(Uit: Onze laatste jaren van vreugde en verdriet, Olivia Ames Hoblitzelle)

Positievere benadering
In het voorwoord van Onze laatste jaren van vreugde en verdriet concludeert de Dalai Lama:

‘We kunnen weinig veranderen aan het ouder-worden of Alzheimer, maar zoals Hoblitzelle laat zien, kan het accepteren van onze toestand op de lange duur een veel positievere benadering zijn.’
(De Dalai Lama)

Paniek
Psychogerontoloog Buijssen bezocht begin deze eeuw een opera, vertelt Bergsma, toen hij plotseling besefte dat hij zich twee namen niet meer kon herinneren. ‘Paniek maakte zich van hem meester. Hij hoorde niets meer van de muziek, maar kon alleen maar denken dat hij op het punt stond dementie te krijgen, net als zijn beide ouders. Bijna twintig jaar later functioneert Buijssen nog steeds op hoog niveau, maar de gedachte aan een toekomst met dementie maakt hem minder bang dan vroeger.’

‘Als deze ziekte mij inhaalt, hoop ik zo snel mogelijk weer te worden wie ik was in mijn vroegste jeugd. Volgens haar vaak herhaalde verhalen was ik de kleuter die elke moeder zich wenst: zelden humeurig, lastig of opstandig en in het piepkleine wereldje van de box helemaal tevreden met zichzelf. Als ik deze periode nog een keer mag overdoen, dan zal het staartje van mijn leven toch een heel gelukkige tijd zijn.’
(Huub Buijssen)

Bronnen:
Zen in het aangezicht van dementie
(Volzin, 21 oktober 2025, Ad Bergsma)

Onze laatste jaren van verdriet – mindful omgaan met Alzheimer | VBK Media | Broese boekverkopers Utrecht
Alzheimer Nederland

Beeld: Le courrier des maires / Adobe
Foto vergeetmijnietje sleutel: Alzheimer Nederland
Foto: Magazine Kijk / Unsplash/Pixabay

Bingo… of levensdoelen stellen als je toekomst krimpt

UITGELICHT – Filosoof Suzanne Biewinga promoveerde dit jaar op haar zeventigste op Ouder worden als ervaring, filosofie van het late leven. Zij ontdekte een overvloed aan kennis, inzicht en ervaring bij de oudste generatie. Voor haar onderzoek voerde zij filosofische groepsgesprekken met ouderen naar het ware, goede en schone van senioriteit. ‘Maar los van heersende vooroordelen die ouder worden afdoen als niets anders dan kommer en kwel, alsof ouder worden alleen maar bestaat uit kwalen, eenzaamheid en het verlies van alles wat je lief is’.

‘Geloof me, Kefalos, ik vind het fijn om met heel oude mensen te praten. Ze hebben als eersten een weg genomen die misschien ook wij moeten afleggen’
(Socrates)

De weg tot geluk
Het onderzoek van Biewinga is dit jaar onder dezelfde titel als boek verschenen. Het ware, goede en schone in Biewinga’s gesprekken met ouderen doen mij direct denken aan Plato: bovenaan zijn Ideeënleer staan ‘het goede, ware en schone.’ De ziel is dan belangrijk, want daarmee wordt de mens in staat gesteld de ideeën te kennen. Zelf lijkt de wereld weinig op de ideeën. We leren pas echt via de dood de ideeën kennen. Daarom, zegt Plato, moeten we leren sterven: de weg tot geluk. Voor de oudste generatie wordt die weg steeds korter.

Nationale Ouderendag 2025
Ouder worden kan kwalen met zich meebrengen, eenzaamheid en het verlies van alles wat je lief is. Als je dan leest dat Bingo ‘het hoogtepunt’ is van de Nationale Ouderendag 2025, dan slaat de schrik van het ouder worden je om het hart. Als je zo je eenzaamheid moet vullen… “Welke zinvolle levensdoelen kun je stellen als je toekomst krimpt?” zou Biewinga waarschijnlijk vragen aan de oudere die ‘Bingo!’ riep en na afloop met een grote leverworst om haar nek eenzaam naar huis wandelde.


Bingo troef op de Nationale Ouderendag 10 oktober 2025

Filosofie van het late leven
De filosoof plaatste in een lokale krant een uitnodiging aan ouderen om ‘deel te nemen aan filosofische gespreksgroepen, waarin met behulp van oude en hedendaagse denkers en wetenschappers zal worden onderzocht wat de hete hangijzers zijn van ouder worden’. Bingo! dachten vele ouderen: de mailbox van Biewinga stroomde over van de vele aanmeldingen die zij ontving. De wachtlijst bleef groeien.

‘Als eindig wezen hebben we ons, na een lange periode van ‘gewone’ volwassenheid, te verhouden tot het voorbijgaan van de tijd en onze eindigheid. Met de verzamelde bouwstenen vorm ik een nieuwe semantische ruimte* rond ouder worden, waarin vrijuit en waarachtig gesproken kan worden over ervaring, waarheid en betekenis van ouder worden in deze tijd.’
(Uit: Ouder worden als ervaring)

[*Een talige ruimte die de mogelijkheid biedt om op een nieuwe manier te denken en te spreken over ouder worden (UvA)]

Bondgenoten
Biewinga kent de tools die je nodig hebt voor je levensreis, en waarin ouderen verder zijn dan jongeren: Levensmoed, praktische wijsheid, interesse, maat houden, eigenwaarde en bondgenootschap. Zij vertelt in haar boek over de filosofiewerkplaats. De deelnemers ervan ‘proberen woorden te vinden voor deze houding:

‘We willen doen wat ons gelukkig maakt en dat willen we voortleven en doorgeven. We hoeven niet per se te slagen in het leven, je best doen is genoeg. We hopen dat anderen er iets aan hebben dat wij zijn zoals wij zijn.’
(Uit: Ouder worden als ervaring)


‘Wat ouderen jongeren te bieden hebben’

“Geloof me, Kefalos, ik vind het fijn om met heel oude mensen te praten. Ze hebben als eersten een weg genomen die misschien ook wij moeten afleggen. En ik denk eigenlijk dat we van hen kunnen leren hoe die weg is, ongelijk en lastig óf gemakkelijk en vlak. Hoe denk jij hierover?”
(Socrates in Het bestel (Plato) – Geciteerd in: Ouder worden als ervaring)

Zouden die bondgenoten de gen Z’ers en millennials kunnen zijn? Jonge levensreizigers die optrekken met de oudere levensreizigers om zelf te leren hoe je je het beste uitrust voor de expeditie van het leven? Een ervaren medereiziger zou op een goed moment in het leven van de gen Z’ers en millennials komen, want ze staan net op een kruispunt van een nieuw, onbekend parcours.’
(Trouw, Tijdgeest, 12 oktober 2025, essay: Wat kunnen twintigers leren van zeventigplussers?)


Suzanne Biewinga

Levenservaringsloket
In haar essay in Trouw stelt onderzoeksjournalist Anna Maria van Willigen dat ‘twintigers vaak met grote vragen zitten waar je niet mee naar een psycholoog gaat. Kan het groeiende leger 70+’ers soelaas bieden? Is de tijd rijp voor een levenservaringsloket?’ In het essay verwijst zij onder meer naar Biewinga, en spreekt ook anderen, jong en ouder over levensdilemma’s. Onder het essay staat de oproep van Van Willigen: Bent u 70+ of tussen de 20 en 30 en wilt u meebouwen aan het levenservaringsloket? Mail Anna Maria: ame.vanwilligen@jurkenvanmaria.nl

Bronnen:
* Ouder worden als ervaring, filosofie van het late leven | Suzanne Biewinga | Boom Uitgevers | Februari 2025 – 5e druk | ISBN 9789024469079
‘Suzanne Biewinga (1954) promoveerde als zeventigjarige aan de Universiteit van Amsterdam op haar onderzoek naar een nieuwe filosofie van ouder worden als ervaring. Hiervoor was ze onder andere werkzaam als ondersteuner van patiëntenorganisaties en als coördinator van een hospice. Na haar werkende bestaan studeerde zij filosofie aan de Radboud Universiteit in Nijmegen en zette ze haar filosofiewerkplaats op.’ (Boom Uitgevers)
* Ouder worden als (andere) ervaring (Universiteit van Amsterdam)
* Wat kunnen twintigers leren van zeventigplussers? (Trouw, 12 oktober 2025, Essay Levenservaringsloket, Anna Maria van Willigen (1973). De onderzoeksjournalist volgt momenteel een opleiding tot geestelijk verzorger en publiekstheoloog aan de Vrije Universiteit Amsterdam)

Gerelateerd: Voltooid leven? Doe als Boeddah (RELIFILOSIFIE, 2023)

Beeld: Pxhere
Foto Nationale Ouderendag 2025: Bingo! © Herman Stöver / AD
Foto Wat ouderen jongeren te bieden hebben: Othello België #ouderenweek
Foto Suzanne Biewinga: Frans Rentink / Boom Uitgevers

Want wie is er nou geen Vreemdeling?

De Vreemdeling breekt in ons leven in, provoceert en irriteert. Filosoof, religiewetenschapper en theoloog Laurens Ten Kate zegt: ‘De stem van de vreemdeling spreekt blijkbaar niet vanzelf, en haar horen, naar haar luisteren, brengt mensen in verlegenheid. Hoort die verlegenheid bij onze ‘wereldtijd’? Recentelijk, of al heel lang? Die vragen wil ik onderzoeken, in gesprek met vele denkers die al met zo’n onderzoek begonnen zijn.’
Beschouwing van het boek Wereldtijd van Laurens ten Kate door gastblogger Rudi Holzhauer, Erasmus School of Law, retired.

‘De stem van de vreemdeling spreekt blijkbaar niet vanzelf, en haar horen, naar haar luisteren, brengt mensen in verlegenheid. Hoort die verlegenheid bij onze ‘wereldtijd’? Recentelijk, of al heel lang?’
(Laurens ten Kate)

Vreemd vooraf, met ook wat verbinding.
Vreemde Vrijheid was de titel van de oratie van Laurens ten Kate (Universiteit voor Humanistiek Utrecht – UvH) in 2016. Ik zat daar toen in de zaal. Ik volgde alles aandachtig, ik kon alles ook goed volgen, maar doordringen deed het allemaal pas veel later.
Dat is voor mij Laurens ten Kate. Wat hij wil overbrengen is zo groot dat er eigenlijk geen woorden voor zijn. Waarbij het woord ‘vreemd’ veel gebruikt wordt (door hem). Ik lees nu UvH als ‘Universeel vreemde Herkomst’.

‘De vreemdeling’
Wereldtijd is ook zo’n woord en zo’n boek. Het is in beginsel niet te vatten. ‘Vreemd’ krijgt hier invulling als ‘de vreemdeling’. Waarbij Ten Kate vanuit zijn achtergronden de relatie tussen religie en migratie onderzoekt, verkent en toegankelijk maakt.
Religie en wetenschap is al vele eeuwen onderwerp van studie. Religie en migratie is ingegeven door ‘bewegingen’ in de sferen van religie en migratie. Min of meer recente bewegingen. Meer of minder controversiële bewegingen.

Verbinding
‘Een goede mentale volksgezondheid is “dat iedereen er mag zijn”. Daarvoor is het nodig dat mensen meer voor elkaar openstaan, vertelt hij. ‘Dat vergt een spirituele ontwikkeling.’ Dit is zelfs mogelijk voor instanties: je hebt er alleen wel de juiste houding voor nodig. Mensen moeten zich bewust zijn van hun eigen universum, zodat ze op zoek kunnen naar het universum van de ander. Friedrich [in: Vangnet voor vrienden] zelf veroordeelt niet. Hij is altijd op zoek naar wat iemand beweegt.’

Dat gaat van ‘vreemd’ naar nog algemener. En komt niet eens uit het boek van Ten Kate, maar uit een recent rapport van de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving (RVS). Zie de verbinding tussen zijn boek en dat rapport. Het citaat is overigens opgetekend in een gesprek onder Vangnet voor vrienden in hoofdstuk 4 van het rapport van die Raad: ‘In hoofdstuk 4 zet de RVS uiteen wat er nodig is om de mentale volksgezondheid te verbeteren. We pleiten voor meer ruimte voor de waarden van verbinding, verscheidenheid en vertraging’. Laurens ten Kate had het ook zo kunnen schrijven. Met een voetnoot naar Hartmut Rosa.

Vreemde Vrijheid
Die V die zegt het allemaal. Niet alleen Vreemde Vrijheid, niet alleen Vluchteling en Vreemdeling, niet alleen Verlichting en Verduidelijking, maar ook Voorspelbaarheid en Verlossing. Daar kun je acht boeken over schrijven. Het ‘VEET’ nog even door.

Vier delen
Het boek bestaat uit Vier delen, met de Volgende Vermeldingen. Deel I gaat over Vrije tijd (een Verkenning). Deel II gaat over Vreemde tijd (een Verdieping). Deel II over Wereldtijd (ook een Verdieping). En Deel IV over Verwonderde tijd (ofwel Verbeelding). Ofwel er is een Verkenningsgedeelte (Opening en de hoofdstukken 1 en 2), twee delen Verdieping (hoofdstukken 3-5 en hoofdstuk 6) uitkomend bij een Verbeeldingsgedeelte (hoofdstukken 7-15).

Levinas
Het gaat er voor Ten Kate in dit boek om de wereld te (leren) begrijpen via de vreemdeling. Het boek heet Wereldtijd omdat het gaat over die wereld waarin we de ander ontmoeten (blz. 15). Wie is de vreemdeling en wat is de wereld, zijn vragen die Ten Kate opneemt met de Franse filosoof Levinas en diens werk Totaliteit en oneindigheid uit 1961. Hij ziet dat werk als het startschot voor andere denkers die hij bespreekt, zoals Hannah Arendt, Jacques Derrida en Jean-Luc Nancy.
Ten Kate neemt ons mee door de vreemde wereld waarin Levinas ons binnenleidt: de wereld die ons thuis is en die ons tegelijkertijd ontsnapt. (blz. 19) Hij gaat na hoe de wereld een plek is waar mensen als vreemdelingen wonen, voor zichzelf, voor elkaar, voor de wereld, en dat we dat vreemdelingschap moeten uithouden en op waarde schatten. In de hoofdstukken 3, 4 en 5 van Deel I gaat hij ver terug in de tijd, want de wereld is naar zijn inzicht al heel lang een vreemde plek. (blz. 20).


Laurens ten Kate bij zijn recent verschenen boek

Van A naar Z
Van de Axiale tijd of de Aufklärung naar een Zeitenwende. De axiale tijd wordt in de recente wetenschap minder als een definieerbare tijdperiode beschouwd dan als een modus, een fundamentele voorwaarde van onze tijd die zijn oorsprong vond, breed genomen, in en rond dat laatste millennium BC. De huidige axiale theorievorming interpreteert axiale wending liever als een continu proces dan als een tijdperk met een begin en een einde.
Dit alles in aanmerking genomen geeft Ten Kate de voorkeur aan de term ‘non-axiaal’ boven ‘preaxiaal’, om elke suggestie van een historische chronologie (voor en na, pre- en post-) te vermijden. Het is heel goed mogelijk dat axiale en non-axiale kenmerken de hele menselijke evolutie bepalen, waarbij ze elkaar wederzijds beïnvloeden en transformeren, elkaar soms versterken en soms tenietdoen of minstens ondermijnen (zoals bij een historische breuk). (blz. 86-87).

Religie en migratie
De vreemdeling koppelt Ten Kate aan migratie. En ook aan de huidige zgn. asielcrisis, met alle geweld (incl. Gaza) en alle eenzijdigheden die daarmee op ons pad komen. Dat stukje in het boek (blz. 25-37) leest als kritische krantencolumns. De politiek, de religies, de academische wereld, pop- en rockteksten komen voorbij. Het boek van Hein de Haas over migratiemythes werkt dan inzichtelijk. En: ‘Het zou dus kunnen dat meer dan veertig jaar neoliberalisering van de politiek in westerse landen deze spanning tussen vrijheid en verbinding voor velen onleefbaar heeft gemaakt?’ (blz. 37).

Vrijheid ‘een toverwoord’
Het Pinksterverhaal brengt de christelijke godsdienst naar binnen. Over Jezus van Nazareth die op aarde als een vreemdeling rondzwerft en in de huizen van mensen verblijft. De taal wordt universeel. Met het Bijbelboek Handelingen komt het dilemma vrijheid en verbinding binnen. Jezelf zijn en ergens bij horen. (blz. 41). Ten Kate noemt vrijheid een ‘toverwoord’, op basis van tien jaar onderzoek naar het vrijzinnig gedachtengoed. Met daarin een botsing tussen twee talen: de religieuze en de seculiere. Die elkaar niet per se uitsluiten. (blz. 50).

Spreekt vrijheid vanzelf, of toch niet?
In zijn boek ontdekt Ten Kate het tegendeel. Neoliberalisme en populisme, de Capitoolbestormers, de coronacrisis – overal staat onze vrijheid centraal. Als dilemma. ‘We staan allen voor dit dilemma dat de geest van Pinksteren ons inblaast: lieten zijn vuurtongen ons immers niet tegelijkertijd ons zelf zijn (‘moedertaal’) en ons blootstellen aan de wereld door ‘buiten onszelf te zijn’? Maar zou het dilemma dan meer zijn dan een patstelling, en ons een kans bieden? De kans om een band aan te gaan met degene met wie ik helemaal geen band heb, met de vreemdeling?” (blz. 56).

Vluchteling als heilige indringer
‘Heilig’ verwijst van oudsher naar iemand die buiten de gemeenschap staat. De heilige is de indringer. Op een schilderij van Caravaggio: ‘Caravaggio is alleen geïnteresseerd in de mens. Hij heeft van alle schilders het scherpste oog voor wat de verschijning van het hemelse voor gewone stervelingen betekent: ze raken erdoor ontzet.’ (blz. 66).
Anno de vluchtelingencrisis 2015 zien we de vluchteling als de heilige indringer die de Europese werkelijkheid ‘overvalt’, verandert, en ja, misschien ook laat ‘ineenstorten’. (blz. 69). Kan men van elkaar gescheiden zijn – dat wil zeggen volledig vreemd voor elkaar – en toch een band hebben? En zo ja, wat voor band zou dat dan kunnen zijn? (blz. 71). Antwoord: een scheidingsband ofwel een ‘bond of separation’.

Rudi Holzhauer
Want wie is er nu geen migrant en dus geen vreemdeling?
Daar werd ik zelf mee geconfronteerd door de mooie opdracht die Ten Kate in mijn exemplaar van Wereldtijd schreef. Want ja – met een Duitse moeder en wonend in Spanje ben ik dus die ‘migrant bij uitstek’. En waar koningin Maxima in 2007 meldde dat ‘de Nederlander niet bestaat’, doelend op een behoorlijke diversiteit in identiteiten, geven David de Boer en Geert Janssen in hun boek De Vluchtelingenrepubliek aan dat de overgrote meerderheid van in Nederland wonenden een migratieachtergrond heeft. Ooit gekomen als vluchteling. Naar die Republiek. Daar is niets bijzonders aan. Allemaal ooit Vreemdelingen. Allemaal ooit Indringers. Inmiddels allemaal behoorlijk Verbonden.

Lees hier vervolg van deze bijdrage: ‘Een spirituele revolutie’
RELIFILOSOFIE vangodenenmensen.com

Beeld: deBalie Amsterdam
Foto Laurens ten Kate: Universiteit voor Humanistiek
Foto: Hans van Velzen – Trots laat Laurens ten Kate zijn recent verschenen boek zien. Wie meer wil weten over zijn ideeën doet er goed aan dit boek ‘Wereldtijd’ te lezen, over de blik van de vreemdeling die, zoals iedereen, verlangt naar verbondenheid.
Foto Rudi Holzhauer: (Moslim Archief)

Wereldtijd |Essay over de vraag van de vreemdeling | Laurens ten Kate | Boom

Een fascinerende reis door geest en werkelijkheid

Auteur en blogger Bruno Del Medico, gespecialiseerd in kwantumfysica, metafysica, sociale actualiteit en wetenschap, schreef Carl Jung en het Kwantum Universum 1 (2025). Del Medico zegt zijn inspiratie gehaald te hebben uit ‘Jungs idee dat schijnbaar willekeurige gebeurtenissen diepgaande en kosmische betekenissen konden krijgen, en zo aspecten van de kwantumtheorie integreerde in de psychologie’.  Eerder schreef hij Van het fysieke universum naar de metafysische kosmos. De kwantumverstrengeling en synchroniciteit van Carl Jung (2022, de bijgewerkte en uitgebreide versie van 2019).

‘Wie kent de weg naar de eeuwig vruchtbare velden van de ziel? Er is maar één manier, en dat is jouw manier.’
(Carl Jung in: Het Rode Boek)  

Helder en toegankelijk
Beide boeken zijn opvallend helder en toegankelijk geschreven, mede door Del Medico’s ervaring als populair-wetenschappelijk schrijver. Carl Jung laat zich op elke pagina gelden, als de ontdekker van het onbewuste en door zijn belangrijkste theorieën in relatie met de kwantumtheorie.

Baanbrekende visies
In Carl Jung en het Kwantum Universum 1 (2025) beschrijft Del Medico over ‘de verrassende correlaties tussen Jung en de kwantumtheorie’. Hij verkent de baanbrekende visies op de psyche en het collectieve onbewuste die later verweven raken met de kwantumprincipes van het universum. Zoals fundamentele concepten als het oneindig kleine van de kwantumfysica, Werner Heisenbergs onbepaaldheid en Niels Bohrs complementariteit. Elk hoofdstuk biedt een gedegen analyse over de verbanden tussen de menselijke geest en het kwantumuniversum. Nog twee delen volgen.

‘Dit eerste deel biedt een solide basis voor het pad dat in de volgende delen zal volgen. Door de pagina’s van het boek leidt de auteur de lezer op een reis, die de filosofische en wetenschappelijke fundamenten van beide disciplines behandelt.’
(Uit: Carl Jung en het Kwantum Universum 1, Inleiding)


Carl Jung (1875 – 1961)

‘Wie kent de weg…’
De auteur citeert in het hoofdstuk Ontmoeting tussen geest en materie een prachtige gedachte van Jung uit Het Rode Boek. Jung zegt hierin:

‘Wees niet hebzuchtig naar de vruchten die op andermans akkers worden geboren. Weten jullie niet dat jullie zelf de vruchtbare akker zijn waarop alles groeit wat jullie nodig hebben? Maar wie weet dat vandaag nog? Wie kent de weg naar de eeuwig vruchtbare velden van de ziel? Er is maar één manier, en dat is jouw manier.’
(Carl Jung, in Het Rode Boek, geciteerd door Del Medico in Carl Jung en het Kwantum Universum 1)  

‘Concluderend nodigt Jung ons uit om de diepten van onze psyche te onderzoeken door middel van mythen, symbolen en dromen, waarbij de universele onderlinge verbondenheid van de menselijke ervaring wordt erkend. Het analyseren van deze elementen biedt toegang tot een completer begrip van het menselijk bestaan en opent deuren naar een groter zelfbewustzijn en een bredere visie op onze plaats in de wereld.’
(Uit: Carl Jung en het Kwantum Universum 1, De theorie van synchroniciteit en het verband met de kwantumtheorie)

Absoluut onverenigbaar?’
Eerder (2022) verscheen van Del Medico Van het fysieke universum naar de metafysische kosmos. De kwantumverstrengeling en synchroniciteit van Carl Jung. Del Medico geeft hierin de samenwerking weer tussen Carl Jung en Wolfgang Pauli. Meer dan twintig jaar werkten zij samen op het gebied van de psyche (Jung) en op dat van de materie (Pauli). Deze twee sectoren worden als absoluut onverenigbaar met elkaar beschouwd. In feite ontkent het wetenschappelijk materialisme het bestaan van enige psychische component in het bekende universum.

‘De introductie van de fotontheorie van Albert Einstein [in 1905] was een mijlpaal in de kwantumfysica. Dit concept maakte de weg vrij voor verder onderzoek en ontwikkelingen op dit gebied en opende nieuwe deuren om de wereld op microscopisch niveau te begrijpen en aspecten van de werkelijkheid te onthullen die niet konden worden verklaard door de klassieke natuurkunde.’
(Uit: Van het fysieke universum naar de metafysische kosmos. De kwantumverstrengeling en synchroniciteit van Carl Jung, Schets van de geboorte van de kwantumfysica)


Wolfgang Pauli en Carl Jung

‘Carl Jungs verkenning van het onbewuste en Werner Heisenbergs revolutionaire ontdekkingen in de kwantumfysica komen samen in een harmonieuze synergie. Terwijl Jung ons uitnodigt om de diepten van de menselijke psyche te onderzoeken om onszelf te begrijpen, stelt Heisenberg de aard van de werkelijkheid en het kennisproces in vraag. Door deze combinatie van perspectieven worden we uitgenodigd om onze innerlijke wereld te verkennen en het verband tussen onze innerlijke en uiterlijke werkelijkheid te herkennen.’
(Uit: Van het fysieke universum naar de metafysische kosmos. De kwantumverstrengeling en synchroniciteit van Carl Jung, in Werner Heisenberg en onbepaaldheid)

Does It Happen to You Too?
Als gepensioneerd computerprogrammeur werkt Del Medico als blogger op verschillende technische vakgebieden. En publiceert artikelen en studies in diverse vakbladen (Informatica oggi, CQ Elettronica, Fare Computer, Bit, Radio Elettronica en andere). De laatste jaren legt Del Medico zich toe op de verspreiding van de nieuwste ontdekkingen in de kwantumfysica, in lijn met het metafysische perspectief van vele gerenommeerde wetenschappers zoals David Bohm en Henry Stapp. Op dit gebied heeft hij drie boeken gepubliceerd: Entanglement and Synchronicity, Does It Happen to You Too? en recentelijk All the Colors of Entanglement.


Bruno Del Medico

Bronnen:
* Bruno Del Medico: Carl Jung en het Kwantum Universum 1 (Amazon) – E-book: Bol.com  
* Bruno Del Medico: Van het fysieke universum naar de metafysische kosmos. De kwantumverstrengeling en synchroniciteit van Carl Jung –
Op weg naar het tijdperk van samenwerking tussen geest en materie (Amazon) – E-book: Bol.com
* Amazon
* Nobelprize.org
Natuurkundige en Nobelprijswinnaar (1932) Werner Heisenberg (1901 – 1976) was een van de grondleggers van de kwantummechanica. Hij werkte een tijd samen met natuurkundige en Nobelprijswinnaar (1922) Niels Bohr (1885 – 1962). Bohr werkte onder meer aan de problemen die zich in de kwantumfysica voordoen.

Beeld: Coverfoto Van melkweggrenzen tot kwantumverstrengeling (Bruno del Medico)
Foto Bruno Del Medico: Amazon
Foto Jung: Brittanica

‘Een wereld waarin alles in relatie staat tot God’

Theoloog Aza Goudriaan, hoogleraar Wetenschap & Vroomheid, gaat ‘een wereld waarin alles in relatie staat tot God’ onderzoeken. Hij is niet de eerste. Gisbertus Voetius, (veld)predikant en hoogleraar in de Oosterse talen en theologie, beschrijft deze gedachte al. ‘Op fascinerende manier’, zegt Aza en noemt hem de ’sleutelfiguur binnen zijn onderzoek’. Voetius schrijft in zijn inaugurele rede over de ‘verbintenis tussen de vroomheid en de wetenschap’. En nu zit Aza op de nieuwe, persoonlijke, leerstoel* ‘Wetenschap & Vroomheid’. ‘Heel toepasselijk, zo dicht bij het Voetius-herdenkingsjaar 2026’.

‘Voetius is iemand die op een theoretische en een praktische manier geprobeerd heeft om het hele leven en de werkelijkheid te beschouwen en te leven als van God afhankelijk en door Hem geleid’
(Aza Goudriaan)

Verbinding met de wetenschappen
H
et is niet alleen de mens Gisbertus Voetius (1589 – 1676) door wie Aza gefascineerd is, maar vooral de manier waarop hij de werkelijkheid beschouwt.

‘Hij [Voetius] is een voorbeeld van een manier van denken die heel het leven en heel de werkelijkheid in verband brengt met God, en onder Gods regering ziet. Iemand die een poging heeft gedaan om theologie met verschillende wetenschappen te verbinden en zo het hele leven in verband te brengen met het dienen van God.’
(Aza)

Genuanceerd afwegen
A
za vindt Voetius ‘een meester in het schetsen van verschillende posities, het genuanceerd afwegen van vraagstukken in uitgebreid gesprek met de traditie en de internationale literatuur’.

‘Dat levert niet de meest toegankelijke manier van schrijven op, maar wel precisie. De nauwkeurigheid waarmee hij beschrijft, zijn streven om aan de posities van mensen recht te doen – ik vind het een respectvolle manier van omgaan met mensen.’
(Aza)

‘Kijk maar welke methode je het meest geschikt lijkt. Als Jezus Christus maar wordt verkondigd aan het hart van de mensen.’
(Gisbertus Voetius)

Tegenstelling?
I
n zijn onderzoek wil Aza de komende jaren de verschillende aspecten van Voetius’ theologie samenhangend bestuderen. ‘Het is een manier van kijken die een relatie tot God veronderstelt. God heeft de wereld geschapen, dus dan moet je ook de wereld en de geschiedenis in relatie tot Hem bekijken’. 

‘Ik ben benieuwd wat voor beeld je dan krijgt. Wetenschap met vroomheid verbinden was een opgaaf, en het is soms wel gezien als een tegenstelling: persoonlijke vroomheid aan de ene kant en schoolse geleerdheid aan de andere kant.
(Aza)

Origenes
E
r zijn ook anderen die op Voetius’ manier kijken, zegt Aza: ‘Het was eigenlijk een oud christelijk streven, dat iemand als Origenes al in Caesarea probeerde vorm te geven’. – Origenes, aldus vroegekerk.nl, is een experimenteel theoloog uit de 3e eeuw, die zich ‘verdiepte in de profane wetenschappen, zoals wijsbegeerte en filosofie’. 

‘Als hoofd van de Alexandrijnse catechetenschool schreef Origenes zijn belangrijkste dogmatische werk: “Over de grondbeginselen”, waarschijnlijk een weerslag van het onderwijs dat hij aan de hoogopgeleiden gaf. De titel van dit werk is dubbelzinnig. Griekse filosofen hadden deze titel ook al gebruikt bij de beschrijving van de oorzaken en grondslagen van het bestaan. Zocht Origenes bij hen aansluiting? In ieder geval beschreef hij de grondbeginselen van het Christendom.

Het uitgangspunt van Origenes bij de beschrijving van de Christelijke grondbeginselen is dat het object van religieuze kennis een mysterie is. Dit heeft iets van een tegenstrijdigheid. Want waarom zouden we een mysterie leren kennen als het mysterie onkenbaar is? Origenes’ antwoord hierop is dat het mysterie in zijn totaliteit voor de mens onkenbaar is.’
(vroegekerk.nl)

‘Kennis komt na het geloof’
V
olgens Historiek wordt de theologie van Voetius gekenmerkt door het primaat van geloof boven wetenschap en zijn klemtoon op vroomheid.

‘Een van zijn kernleuzen was “ik geloof opdat ik begrijp”. Kennis kwam na het geloof en moest dus godsvruchtig zijn om kennis te zijn. In deze zin stond Voetius diametraal tegenover de rationalistische filosofie van onder meer René Descartes, die uitging van het adagium “Ik denk, dus ik ben”.’
(Historiek)


Gevelsteen aan de voorzijde Sint-Catharijnekerk in Heusden
(Voetius werd geboren op 3 maart 1589 in Heusden, oorspronkelijk als Gijsbert Voet)

Werkelijkheid beschouwen
H
et onderzoek van Aza klinkt veelbelovend en hij zal de wereld waarin alles in relatie staat tot God veelzijdig moeten bestuderen. Voetius duikt de diepte in als hij in 1634 de positie van hoogleraar aanvaardt, op zoek naar God: ‘Als je God wilt dienen, moet je Hem kennen, dat wil zeggen: studeren’.

‘In de Bijbel, maar ook in andere vakgebieden die licht werpen op God en Zijn daden. Voetius is iemand die op een theoretische en een praktische manier geprobeerd heeft om het hele leven en de werkelijkheid te beschouwen en te leven als van God afhankelijk en door Hem geleid.” Negentiende-eeuws theoloog en oud-minister-president Abraham Kuyper noemde hem “de grootste godgeleerde waarop het gereformeerd Nederland roemen mag”.’
(Aza)


Presentatie-exemplaar van G. Voetius, van zijn Politieke Ecclesiastica (kerkpolitiek)

* De leerstoel Wetenschap & Vroomheid is ontstaan mede op initiatief van de stichting Ad pias causas. Deze stichting hecht veel waarde aan de bestudering van theologie en filosofie ten tijde van de Reformatie en stelde de PThU voor onderzoek op dit thema te sponsoren. De PThU heeft vervolgens een profiel voor een leerstoel en onderzoeksprogramma uitgewerkt.

Bronnen:
* PThU: “Achter de teksten en de schepping staat de Schepper”
(interview)
* Vroegekerk.nl: Origenes, een experimenteel theoloog uit de 3e eeuw
* Historiek: Gisbertus Voetius (1589-1676) – Gezicht van de Nadere Reformatie


Beeld: Vatican City / Bridgeman ImagesDe Schepping van Adam, van het Sixtijnse Plafond, 1510 (detail), Michelangelo Buonarroti, Vatican Museums and Galleries
Gisbertus Voetius: Christian Study Library
Gedenkteken Voetius: Heusden in BeeldVoetius werd geboren op 3 maart 1589 in Heusden, oorspronkelijk als Gijsbert Voet. Hij werd vooral bekend als eerste hoogleraar van de Universiteit van Utrecht.
Politieke ecclesiastica (Kerkpolitiek) Gisbertus Voetius: Uitgever: Johannes Janssonius van Waesberge. 1663, 1666, 1669, 1676. Zeldzame complete set van dit monumentale werk over het kerkelijk leven van de Nederlandse calvinistische theoloog Gisbertus Voetius (1589-1676), die beroemd werd door zijn botsing met Descartes. (Abebooks.com)

‘Je leven in een kort ogenblik totaal veranderd’

Zonder dat er daadwerkelijk iets is gebeurd…Boekrecensie Boomtijd. Auteur Beitske Bouwman beschrijft een zoektocht naar woorden voor de natuur, in een verhaal, want zo geven we immers ‘betekenis met woorden’. Opdat ‘we grip krijgen op hetgeen ons is overkomen’. En wàt haar overkomt, doet de wereld in haar kantelen. Er gebeurt iets dat zij ‘niet kan omschrijven, maar wel voelt’.

‘Als we door de ruimte van de letters heen durven vallen, vangt de aarde ons op, de zachte aarde die geduldig wacht op een nieuw begin’
(Beitske Bouwman)

Kan je leven in een kort ogenblik totaal veranderen zonder dat er daadwerkelijk iets is gebeurd? Beitske slaagt in de poging haar ervaring in woorden te vangen en ook wat er tussen die woorden tot leven komt. 

Bij het grip krijgen op wat ons overkomt, is ‘alleen het vreemde dat we door de grip vaak de essentie verliezen’. Omdat ‘wat gebeurt, nog niet in honderdduizend woorden is te vangen’.

‘Omdat wat gebeurt, vanuit oneindig veel gezichtspunten te benaderen is. Een verhaal is dus nooit zoals het werkelijk op het moment zelf was, je kleurt het altijd met woorden in.’
(Uit: Boomtijd)

Beitske beheerst op verrassende wijze de kunst de essentie in woorden te vangen. Als lezer loop je bijna vanzelf met die woorden mee zodat je haar verwondering meevoelt. En ook de verbazing, verrukking, momenten van verdwazing, het staren naar het plafond, haar ‘verlangen of een soort heimwee, een dieper gevoel van ergens te willen zijn waar ik niet was’.

In ’de ruimte van het bos’, waarin het verhaal zich grotendeels afspeelt door een onvergetelijke ontmoeting met bor, ervaart Beitske ook weerstand, want ‘moest ik mezelf niet in bescherming nemen tegen deze nieuwe gevoelens? Wat als ik de werkelijkheid waarin ik zo lang geleefd had niet meer zou begrijpen?’

‘Maar wellicht is dat de essentie van het leven, dat het zich vanzelf ontvouwt. Misschien gaat het erom te durven duiken in onwetendheid om zo het werkelijke leven te kunnen omarmen.’
(Uit: Boomtijd)

Het verhaal blijft door ieder woord boeiend. Je gaat mee in haar weerstand, voelt mee met nieuwe gevoelens. Woorden vangen je als lezer, ook als Beitske geen antwoorden vindt op de vragen die zij zichzelf stelt. ‘In ieder geval geen antwoorden in het leven dat ik leidde’. En zo is het als lezer ook ‘al vrij snel duidelijk dat de antwoorden niet in het denken – zoals ik dat kende, te vinden zouden zijn’.

‘Ik ben gaan twijfelen over het bestaan van een zelf. Of anders gezegd, een begrensd zelf dat losstaat van al het andere dat leeft.’
(Uit: Boomtijd)

bor roept Beitske in een taal die zij nog niet begrijpt maar wel voelt. Onverwachts verschijnt bor in haar verhaal. En als bor de wereld in jou als lezer, net als bij Beitske, lijkt te doen kantelen, voel je jezelf misschien ook even verdwaald of dwalend, en vraag je je eveneens af of jouw werkelijke thuis ook daar is.

‘De verschijning van bor naast mij was zo puur, zo echt. Er welde een groots gevoel in mij op, iets dat mij ten diepste raakte. Het kon ook niet zo zijn dat ik dit verzon, het was ook mijn verbeelding niet, dit gebeurde in dit moment.’
(Uit: Boomtijd)

Wat er met Beitske gebeurt, wil je meebeleven in de ruimte waar het leven zich werkelijk lijkt af te spelen. In haar dwalen in boomtijd is ‘geen andere plek op aarde waar ik liever wilde zijn’.

‘Zolang de mensheid verhalen schrijft, komen er bomen in voor. De boom van goed en kwaad, de boom van leven, de boom met geheime deuren, de boom waaronder recht gesproken wordt. Wie sprak er eerder? De boom of de mens?’
(Uit: Boomtijd)


Beitske Bouwman

Boomtijd | Beitske Bouwman | Uitgeverij Noordboek |  8 april 2025 | 96 blz. | hardcover | € 19,90 | ‘Beitske Bouwman schreef onder meer vier romans, is PhD-onderzoeker aan Wageningen University & Research en oprichter van de Anaya Academy, waarin de relatie tussen mens en natuur centraal staat. Boomtijd is haar eerste autofictieve werk.’
NatuurCollege: ‘Het verhaal dat beklijft en dat iedereen die van natuur houdt of graag in het bos wandelt, gelezen zou moeten hebben’, verscheen in samenwerking met NatuurCollege, een ideële stichting die onderwijs en wetenschap ontwikkelt voor het versterken van de relatie tussen mens en natuur in onze huidige tijd.’

Foto’s Eik: Ergens op de Heuvelrug (PD, mei 2025)