SGP wil nog altijd alleen voor christenen godsdienstvrijheid


Het officiële partijstandpunt van de SGP is nog altijd dat alleen christenen recht op godsdienstvrijheid hebben, en niet aanhangers van ‘valse religies’.  ‘Vanuit artikel 36 van de NGB (Nederlandse geloofsbelijdenis, pd) zijn wij er tegen dat Mohammedanen hun geloof in het openbaar kunnen belijden. De overheid mag de afgoderij niet toestaan.’  

Het zijn de woorden van drs. P.H. op ’t Hof, voorzitter van de Landelijke Stichting ter Bevordering van de Staatkundig Gereformeerde Beginselen. Mij komt deze uitspraak nogal laatdunkend voor, het getuigt van weinig respect. Meestal wordt deze aanduiding alleen spottend gebruikt.

Hij is bang dat dit standpunt voor velen binnen de SGP een gepasseerd station is. Op ’t Hof is degene die indertijd in het Reformatorisch Dagblad verkondigde dat het hem een raadsel is waarom de SGP principieel gezien niet voor een verbod op openbare verkoop van de Koran heeft gestemd. Inmiddels is hij geen SGP-lid meer.

Dirk-Jan Nijsink, jeugdwerk­adviseur van de Jeugdbond Gereformeerde Gemeenten, vindt dat zijn partij ervan af moet en dat zij in het beginselprogramma moet opnemen dat ze godsdienstvrijheid wil voor elke religie. Richting de achterban draagt de SGP volgens hem het officiële partijstandpunt uit, dat gelovigen van andere godsdiensten alleen gewetensvrijheid hebben.

Geert Jan Spijker, Medewerker van het Wetenschappelijk Instituut van de ChristenUnie, verwondert zich. ‘Stellen de auteurs nu echt dat de SGP ook niet-christelijke groeperingen dezelfde godsdienstvrijheid en onderwijsvrijheid wil geven als de christelijke minderheid? Dat zou nieuw zijn.’

Reformatorisch Dagblad: ‘De beleidsadviseur (Dirk-Jan Nijsink, pd) zou het goed vinden als binnen de SGP een commissie wordt ingesteld die het beginselprogramma eens grondig gaat bestuderen en dat document in lijn brengt met de inmiddels gegroeide praktijk van alledag. Met name op het punt van godsdienstvrijheid. ‘Ik vind het onverteerbaar dat de partij zich in een bepaalde richting ontwikkelt, terwijl het beginselprogramma ongewijzigd blijft.’

Het begin is er, wellicht. ‘Godsdienstvrijheid is een grondrecht voor iedereen,’ zei SGP-fractievoorzitter Kees van der Staaij dinsdag in het Nederlands Dagblad.

Zie: Verschuift visie van SGP op vrijheid godsdienst?

Atheïsme mogelijk dankzij erkenning godsdienstvrijheid

Laat nu het atheïsme juist dankzij de vrijheid van godsdienst en levensovertuiging bestaansrecht hebben! Nooit zo bij stil gestaan, maar Erik Borgman, hoogleraar aan de Universiteit van Tilburg, met als leeropdracht ‘theologie van de religie, in het bijzonder het christendom’, wel. Godsdienstvrijheid is dus niet alleen goed voor religieus gelovigen.

‘Het was de erkenning van de godsdienstvrijheid die het uitsluiten van atheïsten van maatschappelijke verantwoordelijkheden deed verschijnen als onrechtmatig. Vandaag de dag spreken alle bepalingen daarom over vrijheid van godsdienst en levensovertuiging en in Nederland krijgt op grond van dit recht bijvoorbeeld het Humanistisch Verbond dezelfde erkenning als kerkgenootschappen en andere religieuze organisaties.’

Aldus theoloog Borgman. Het afschaffen van de vrijheid van godsdienst noemt hij bovendien politiek onverstandig. ‘Hoe kunnen wij van landen met een officiële godsdienst verwachten dat zij mensen met een ander geloof – religieus of seculier – hun rechtmatige vrijheid geven als wij zelf godsdienstvrijheid niet langer erkennen als een grondrecht?’

In Volzin (2011) huivert Borgman van het standpunt van Thijs Kleinpaste en Marcel Duyvestijn. Zij zeggen in hetzelfde tijdschrift dat het wel een tandje minder mag met de bescherming van de godsdiensten, immers: ‘Geloof is ook maar een mening’. Borgman reageert hierop met te stellen dat ‘de mens een onvervreemdbare vrijheid bezit ten opzichte van welke gezagsinstantie dan ook.’ Ook in Volzin een interview met rechtsfilosoof Wibren van der Burg: ‘Het draagvlak voor anders-zijn wordt steeds minder.’

Zie: Artikel 6 Grondwet – Hoe lang nog?

Atheïstisch en ook nog seculier, die ASP


‘Inspirerend van de ASP vind ik eigenlijk vooral de drive om ergens voor te gaan en te staan. Om tijd te steken in een ideaal of ideologie en daar ook voor uit te komen’, vindt Johannes van de Bank, christen en daar ook nog blij mee. ‘Dat doen bovengenoemde heren en ik neem er mijn hoed, tulband en keppel voor af. Verder blijf ik vooral hopen dat de ASP dezelfde weg gaat als de partij voor feest. Die gingen in de geest van hun oprichter Johan Vleminx immers met glans van de schans. De ASPassé…’

De ASP is een partij die vooral over religie schrijft. Ze is erg bang voor de populariteit van religie en schrijft op haar website: ‘Maar hoe komt het dan, dat religie zo mateloos populair is? Alleen in Nederland en in Oost-Duitsland is een meerderheid niet kerkelijk. In alle andere landen van de wereld bestaat de meerderheid uit ‘religianten’. (onder ‘religianten’ verstaan we mensen, die zich niet door de rede, maar door een godheid laten leiden). De kracht en de hardnekkigheid van de religieuze illusies zit hem in wat we thans ‘wishful-thinking’ noemen.

Van de Bank noemt deze seculiere atheïsten op dejaap.nl ‘mensen die onder de noemer van een politieke partij religieuzen wel erg ver in het – excusez le mot – verdomhoekje willen plaatsen.’

‘De naam is al een aardige binnenkomer,’ vindt Van de Bank. ‘Laten we er geen doekjes om winden, dachten de oprichters. Stel je voor dat mensen het woord atheïstisch stand alone nog wat gematigd vinden, dan voegen we daar het woordje seculier aan toe. Of, andersom, is seculier niet duidelijk genoeg om onze intentie over te brengen? Dan zorgt het woord atheïstisch voor de nodige verzwaring.’

Zie: De Atheistisch Seculiere Partij: intolerante wolven in schaapskleren