God en Ganesha in de Abdij van Berne

thomasenpaul2

Dialogen tussen Oost en West. ‘Zinzoekers zijn mensen die existentiële vragen durven te stellen,’ zeggen monnik Thomas Quartier en kunstenaar Paul van der Velde. En dat laten ze horen ook, gisteren in de Abdij van Berne in Heeswijk. Niet alleen in woord en vertelling, maar ook met ‘Sacred chants’, Gregoriaanse en oud-Hindi gezangen, samen met Geertruid Steenbakkers en Henry Vesseur. In de Dialoog tussen Oost en West raken Thomas en Paul gedreven met elkaar in gesprek onder leiding van Christoph Lüthy. De complete dialoog vind je terug op zo’n 200 bladzijden in hun – ook deze dag – gepresenteerde boek Zinzoekers, waarin voor beiden geldt dat er ‘binnen hun eigen fascinatie voor het vakgebied sprake is van een diep esthetische en existentiële bevlogenheid, zeker ook waar het de vorm van beleving betreft’.

U heeft één slagtand, een groot lichaam, u bent ontstaan uit puur goud. U heeft een grote buik, grote ogen, ik prijs u, Ganesha. Uw rijdier is een muis, snoepjes eet u telkens uit uw hand. Uw oren zijn als waaiers, de heilige draad hangt naar beneden. U heeft de gestalte van een dwerg, u bent de zoon van de grote Shiva. U neemt al mijn problemen weg. Ik prijs u, liggend aan uw voeten.’ (Ekadantam – hymne op Ganesha in Sanskriet)

En die beleving wordt gedeeld. In de kerk van de abdij klinken de hymnen en de psalmen door de goede akoestiek extra mooi. Vooral de oud-Hindi hymnen en traditionele hymnen in het Sanskriet, door Paul melodieus gereciteerd, ervaar ik als van een ontroerende schoonheid. Voor mij nieuw, naast het voor mij bekendere Gregoriaans, dat minstens zo prachtig klinkt. Ik vind het een vorm van ‘lived religion’, geleefde religie, zoals de auteurs praktijken en ervaringen van religie verwoorden in Zinzoekers.

Domus mea, domus orationis vocabitur, dicit Dominus: in ea omnis, qui petit accipit: et qui quaerit, invenit et pulsanti aperietur. (GR 402)  ‘Er staat geschreven: ‘Mijn huis moet een huis van gebed zijn.’ Want ieder die vraagt ontvangt, en wie zoekt vindt, en voor wie klopt zal worden opengedaan.’ (Mt. 21,13; 7,8)

In Zinzoekers zijn de benedictijner monnik, theoloog, religiewetenschapper, schrijver, spreker en musicus Thomas, en hoogleraar Aziatische religies en kunstenaar Paul, in een voortdurende dialoog. Ze leggen elkaars betrokkenheid – zo schrijven zij op de cover – bij christelijke en oosterse spiritualiteit naast elkaar en wisselen hun ervaringen uit met pelgrimages, rituelen, kunst en cultuur. ‘Het is een soort laboratoriumexperiment waar hopelijk veel lezers zich in herkennen en hun eigen verhalen in teruglezen.’ Voor elke zinzoeker – zoals ik – zouden het ‘bronnen van inspiratie kunnen zijn door zowel de verschillen als de verrassende parallellen’.

In Zinzoekers (met opvallend mooie zwart-wit illustraties van fotograaf Ted van Aanholt), schrijft Thomas er voor mij als opdracht in: ‘Voor Paul, verbonden in zinzoeken. Pax!’ – en Paul pent iets in het Sanskriet dat ik nog moet vertalen of het moet: ‘Veel succes!!’ betekenen, dat staat eronder. Thomas en Paul leggen de nadruk niet zozeer op zin, maar op het zoeken. Alleen de Inleiding al geeft inspiratie genoeg om van de dialoog in zeven hoofdstukken te zullen genieten. Wat wil je ook met titels als De kunst van het zinzoeken; Wegen van zinzoekers; Geregeld zinzoeken; Biografieën van zinzoekers; Ruimte voor het zinzoeken; Zinzoeken ritualiseren en Reflecteren op het zinzoeken. In een van mijn volgende blogs kom ik hier zeker op terug.

De bijeenkomst zelf is inspirerend genoeg voor de bijna honderd bezoekers. De vrolijke uitbundigheid van Thomas werkt aanstekelijk, hij praat met heel zijn lijf, hij komt handen te kort om zijn woorden kracht bij te zetten. Het valt niet eens meer op dat hij een ingetogen monnikengewaad draagt, plus capuchon. En dan Paul, die een prachtig goudkleurig Indiaas jasje draagt – een waarop David Bowie jaloers geweest zou zijn. Ook bij hem uitbundigheid, wel wat ingetogener dan Thomas, maar hij is, net als Thomas, zeer gevat, en ook niet wars van een grapje. En dan zijn prachtige Sanskriet recitatie… Dit valt trouwens op: de vrolijkheid en de hartelijkheid waarop de monniken – en een zuster – en Paul – met elkaar omgaan. En allen stralen passie uit.

Thomas pakt ineens zijn mondharmonica erbij om twee wel heel andere ‘chants’ te begeleiden. Iedereen, ook de bezoekers – zij het zachtjes en voorzichtig – zingen aan het einde van de bijeenkomst mee met Where have all the flowers gone, long time passing? en: How many roads must a man walk down.

zinzoekers


N
a afloop is het vol in boekhandel annex café Berne bij de abdij. Spirituele boeken te over natuurlijk, maar Zinzoekers gaat als warme broodjes – of als koude Berne biertjes – over de toonbank. Thomas en Paul hebben schik in het signeren van hun boek. Dat doen ze ook al met vrolijke geestdrift. Als een mens nu nog niet geïnspireerd raakt… Ik zoek mijn weg terug naar huis, met extra zin in zoeken. Maar, zoals een van de monniken zei: ‘Zoeken is ook gevonden worden.’ En Paul zegt: ‘Zoek nooit. Zet een stap en ga verder…’

Zinzoekers | Paul van der Velde en Thomas Quartier | © Berne Media | 2018 | uitgeverij abdij van berne | bernemedia.com | Fotografie: Ted van Aanholt | Vormgeving Garage BNO | €17, 90

Foto:
Thomas en Paul vertellen door, ook aan de signeertafel… (
© PD)

‘De filosofen blazen God nieuw leven in’

ongeneeslijkreligieus

‘God is dood? De filosofen lijken ‘M nieuw leven in te blazen…’ En een van hen is Gerko Tempelman van Ongeneeslijk religieus (nov. 2018), waarin de filosoof (en theoloog) verslag doet over hoe God verdween uit onze wereld – en zijn leven – en waarom steeds meer filosofen zeggen dat ‘ie terug is. Volgens Wouter Nieuwenhuizen, vriend van de Remonstrantse groep  ‘De Leven Utrecht’, lijken de filosofen ‘M nieuw leven in te blazen. ‘De Leven’ haalde 15 januari Tempelman in huis om zijn verhaal te horen over een verwarrende comeback van God in de hedendaagse filosofie.

De Leven is voor iedereen die iets met (de christelijke) religie heeft en daar graag over in gesprek gaat. Dat kunnen trouwe kerkgangers zijn, maar ook twijfelaars, randkerkelijken, agnosten, atheïsten, ketters en afvalligen. En iedereen die niet in een van die hokjes past. En zo ontmoet ik die avond, als ‘breed georiënteerde zinzoeker’, naast Nieuwenhuizen en Tempelman, ook een Bijbelvaste man voor wie de wereld pas zo’n 6000 jaar bestaat, een dogmavrij-gelovige, en een zoekende. De spreker is op dreef als hij zijn verhaal vertelt en met zo’n veertig mensen het gesprek aangaat, vragen stelt en luistert. Een filosoof die ongeneeslijk religieus ‘M nieuw leven inblaast? God verdween dan wel uit zijn leven, maar hij denkt niet dat hij echt weg is.

Volgens Blossom, dat de avond met De Leven organiseerde, zou je dit boek het eerste ‘radicale-theologieboek’ in het Nederlands taalgebied kunnen noemen, waarin de auteur vertelt over zijn eigen geloofsdeconstructie als kapstok over God na de dood van God.  Vooral in de laatste twee hoofdstukken gaat het over ‘radical theology’. Dat blijkt voor de theoloog en filosoof een ‘fascinerende denkstroom’, een vrij nieuwe, onvoltooide denkstroom, die een ‘zeer filosofische blik op het christendom’ biedt, ‘prikkelend, onorthodox, soms blasfemisch en opvallend theologisch’.

Hallo, ik ben Gerko en ik ben ongeneeslijk religieus,’ zo begint de auteur zijn boek. Hij lijkt het geloof van zijn jeugd maar niet te kunnen loslaten, ondanks dat zijn boek begint met de verklaring hoe God uit zijn leven verdween.

Daarom vroeg ik me af: heb je überhaupt een keuze als het over geloven gaat? Ik denk het niet. Waar je mee omgaat, daar word je mee besmet. Dat gold in ieder geval voor mij. Precies zo is het, denk ik, ook gegaan met het verdwijnen van God in het westerse denken. Is ongeloof daarmee onherroepelijk ons lot? Of is de rol van het christendom nog niet uitgespeeld?’ (Uit: Ongeneeslijk religieus)

Vervolgens vraagt Gerko zich af, in opeenvolgende hoofdstukken, wat we eigenlijk geloven, en vertelt hij hoe God uit onze wereld verdween. Maar ook waarom ‘christelijk atheïst’ Slavoj Žižek en ‘postmoderne pelgrim’ John Caputo zeggen dat God terug is. Deze filosofen filosoferen regelmatig over de uitspraak dat ‘we niet weten wat we geloven’. Žižek stelt zelfs dat mensen tegenwoordig meer dan vroeger blind zijn voor hun overtuigingen. Caputo ziet,  net als filosoof Jacques Derrida, een opleving van God.

Mijn eerste conclusie was deze: misschien is dat geloof gewoon onzin. Ik hield niet zoveel meer over. Mijn vroegere religieuze overtuigingen waren weg geanalyseerd. Kapot-gedeconstrueerd. En daar had het gemakkelijk kunnen eindigen. Maar dat gebeurde niet. Geheel conform Derrida’s filosofie.’ (Uit: Ongeneeslijk religieus)

Gerko’s boek vind ik erg oorspronkelijk in zijn opzet. Al lezend word je op een prettige manier meegenomen in zijn leven en denkwereld, en spreekt hij je rechtstreeks aan, zonder ook maar een moment belerend te zijn. In zijn boek vertrekt hij vanuit de filosofie, en speelt op heldere manier met argumenten, schemaatjes, en eenvoudige premissen en conclusies. Voorbeeldje: ‘1. Opgegroeid in een gereformeerde zuil. 2. Studeren in Amsterdam. 3. Dus: geloof verliezen.’ Ook zegt hij dat zijn boek ‘een beetje theologisch’ wordt, maar Gerko blijft goed te volgen.

Als ik vertel over m’n persoonlijke zoektocht in het christendom krijg ik vaak de vraag: ‘Gerko, je gelooft toch niet echt in God?’ (of in die andere variant: ‘maar Gerko, je gelooft toch wel in God?’). Eh tja, dat weet ik niet zo goed. Daar ben ik dus naar op zoek. Het is die zoektocht die je het beste meemaakt als je je normale standpunten en neigingen af en toe tussen haakjes kunt zetten.’ (Uit: Ongeneeslijk religieus)

Ook neemt Gerko je mee naar de ‘profeet van het modernisme’, Nietzsche. Die spreekt hem nogal aan, deze filosoof kom je vaak tegen in zijn boek. ‘Als zzp-filosoof sta ik regelmatig op allerlei plekken een verhaal over de filosoof Nietzsche te houden’, zegt hij. Hij deelt dan ook ‘De dolle mens’ uit aan zijn luisterend publiek. Voor hem betekent de uitspraak ‘God is dood’ in ieder geval dat God minder belangrijk is dan dat hij vroeger was. En God is niet dood zoals de meeste doden uit ver vervlogen tijden dood zijn: dood en vergeten.

God is dood – maar het wordt er niet eenvoudiger op, zegt ook Nietzsche. Als God dood is, dan gaan we daar de gevolgen van merken. Als God verdwijnt, verdwijnt de zin. Dan verdwijnt de reden, de bedoeling, en het antwoord op de echte waaromvraag. Ledige ruimte. Voortdurend nacht. Vallen.’ (Uit: Ongeneeslijk religieus)

Als je echt christen wilt zijn, vind Gerko, dan moet je door het verhaal van Nietzsche heen: de volledige beleving van de dood van God.

God is dood!’ zegt de postmoderne filosofie. Maar dat wil niet zeggen dat mensen niet in beweging komen van dat woord. Ook als God dood is, of als we vermoeden dat hij dood is, dan nog insisteert hij wel. Datgene wat verscholen zit achter het woord ‘God’, kan ons roepen. Kan ons doen verlangen. Kan ons in beweging zetten.’ (Uit: Ongeneeslijk religieus)

P.S. Voor de nerds onder ons heeft Gerko nog een apart hoofdstuk: Meer informatie (voor nerds), want elk boek moet in een elevator pitch kunnen worden samengevat. Daarin gaat het vooral over radical theology, de achtergrond bij de hoofdstukken 4 en 5, en Level-up geek stuff. – Ik raad lezers aan dat als eerste te lezen. Plus de Bibliografie, dan weet je welke boeken Gerko heeft gebruikt, met per titel het hoofdstuk waarin het boek genoemd wordt. – Veel inspirerend leesplezier gewenst! Echt een prettig leesbaar, toegankelijk, filosofisch/theologisch boek.

Remonstranten en filosofie? Zie: Filosofie

Ongeneeslijk religieus | Gerko Tempelman | Uitgever: KokBoekencentrum | 1e druk | 9789043529921 | november 2018 | Paperback | 176 pagina’s | € 17,99 | E-book € 9,99  | ‘In dit boek doe ik een uiterste poging om mezelf zo ver mogelijk op te rekken. Aan de ene kant trekt mijn christelijke opvoeding – aan de andere kant het postmoderne denken. Dit boek is een ultieme poging om te kijken hoe ver Nietzsche, atheïsme, postmodernisme en post-religiositeit enerzijds en het christelijk geloof anderzijds werkelijk uit elkaar liggen.’ (GT)

Zelf de weg gaan naar zin en geloof

ede2015

‘Reiziger, er is geen weg, de weg maak je door zelf te gaan.’ Dit is het credo van het televisieprogramma ‘Het Vermoeden’. Vandaag, 13 januari, maakt reiziger Edy Korthals Altes zijn weg door zelf naar NPO 2 te gaan, waar hij om 11.30 uur vertrekt en de kijkers mee laat reizen. Korthals Altes: ‘We moeten elkaar blijven ondersteunen en stimuleren, lichtpuntjes blijven zien. We hebben hele grote uitdagingen, en hoe komen we daaruit? Daarvoor is het belangrijk om op zoek te gaan naar bronnen van inspiratie en altijd weer terug te grijpen op de diepe waarden die we allemaal delen. Spiritualiteit is de sleutel voor onze plek in de wereld.’

Edy Korthals Altes is geboren in 1924 en was ooggetuige van de Tweede Wereldoorlog. Dat vormde zijn wereldbeeld. Lang marcheerde hij als diplomaat mee in het koudeoorlogsdenken. Tot een droom hem de waanzin van een wapenwedloop deed inzien en Jezus aan hem vroeg: En jij, wat heb jij gedaan?’ (EO)

Korthals Altes publiceerde in 2017 Sprokkelhout als ‘een zoektocht naar zin en geloof’. Als motto koos hij een citaat van Dag Hammarskjöld, de voormalige secretaris-generaal van de VN: ­‘De langste reis van het leven is de reis naar binnen.’

Deze bundel bevat gedachten over een reeks van jaren, door de auteur bijeengesprokkeld, over zin en geloof in deze tijd. Het gaat om persoonlijke ervaringen en inzichten. Met een voor een diplomaat ongebruikelijke openhartigheid spreekt hij over wat hem ten diepste beweegt. Als oecumenisch christen voert hij een sterk pleidooi voor samenwerking met andere levensovertuigingen bij de aanpak van grote wereldproblemen.’ (Discovery Books)

Eind vorig jaar zei Korthals Altes op de vraag van de Volkskrant: ‘Wat is de zin van ons leven?’ dat dit een grote vraag is die vooral gaat woelen naarmate we ouder worden.

Omdat hij verband houdt met: waar ben ik mee bezig geweest? Was dat wel meer dan het najagen van ijdelheden? Ik zou nuchter willen beginnen: de zin is wakker worden en ons bewust worden van de fundamentele relatie met de oergrond van ons bestaan en ons richten op de grondwet in ons leven. Dat is voor mij de liefde voor de mens en de natuur. Zelf noem ik die oergrond God, maar mensen die zich van religie hebben afgekeerd, kunnen zich er ook in herkennen. Omdat ze weet hebben van een grotere werkelijkheid dan wij ons kunnen voorstellen, het transcendente.’ (de Volkskrant)

korthalsaltes

Een ‘nieuwe mens’ hebben we nodig, stelt Korthals Altes, een nieuwe mens die gedreven wordt door liefde voor de ­medemens en de natuur; en die dat weet te vertalen in een ander economisch ­model en een ander veiligheidsmodel.

Dat vergt een andere vorm van leven: materieel soberder, maar rijker van inhoud, met meer aandacht voor de geest. Met onze knappe koppen hebben we een bulldozer ontwikkeld die tot de vernietiging van alles in staat is – van het menselijk leven door middel van kernwapens tot vernietiging van de natuur, zie onze ecologische crisis. Die bulldozer wordt bestuurd door een klein mannetje met een nog kleiner kopje. In zijn geest wordt niet geïnvesteerd, want nee, we geloven tegenwoordig in algoritmen! Dan zeg ik: juist nu hebben we mensen nodig die weet hebben van mens-zijn, die oog hebben voor de krachten die er gaande zijn en die zich de vraag stellen: hoe kunnen we die verantwoord beheersen?’ (de Volkskrant)

Sprokkelhout | Edy Korthals Altes | Uitgever: Discovery Books | 1e druk | 9789077728482 | december 2017 | Paperback | 152 pagina’s | € 14,95

Foto: © PD