Nederland als het enfant terrible van de katholieke kerk

De jaren 60 waren een van de meest revolutionaire én religieuze periodes uit de Nederlandse geschiedenis. Vrouwen gingen massaal aan de pil, heiligen werden overboord gegooid en homoseksualiteit werd voorzichtig bespreekbaar. Een roerig tijdperk dat misschien ver weg lijkt maar doorwerkt tot op de dag van vandaag. Raakte Nederland van God los? De tentoonstelling Van God los? in Museum Catharijneconvent Utrecht laat de grote religieuze veranderingen van de jaren zestig zien.

Een breuk die de geschiedenis van Nederland meer veranderde dan de Tweede Wereldoorlog, zo wordt het tijdperk van de jaren zestig wel omschreven,’ vertelt tentoonstelling Van God los? ‘De economie groeide, de welvaart steeg, de sociale zekerheid werd uitgebreid, er kwam een grotere seksuele vrijheid en jongeren begonnen zich te roeren.’

‘In 1960 behoorde Nederland nog tot de meest christelijke landen van Europa, maar nergens waren de veranderingen zo tumultueus. Zo werd Nederland van het braafste jongetje van de klas zelfs het ‘enfant terrible’ van de katholieke kerk. Dit alles onder grote belangstelling van de internationale pers. Maar wie denkt dat religie in dit onstuimige decennium met een sneltreinvaart uit Nederland verdween, heeft het mis.’

Van God los? vertelt dat de jaren zestig ook de tijd was van invloedrijke tv-dominees, religieuze bestsellers, beatmissen, zenboeddhisme, opzwepende evangelische bijeenkomsten en experimentele kerkbouw. Zelfs Provo’s bedienden zich van christelijke taal en ook de Reformistische zuil kwam in deze periode op. Nederland was veel religieuzer dan vaak wordt gedacht.

‘In Van God los? toont het museum de hand van fotografie, muziek, kunst, radio- en tv-fragmenten een wereld waarin het geloof en de traditionele invulling daarvan ter discussie werden gesteld. De eeuwenoude hechte band tussen het instituut kerk en het geloof bleek niet langer vanzelfsprekend. In de tentoonstelling komen zowel de ludieke en vernieuwende geluiden van deze periode (denk aan Gerard Reve en Godfried Bomans ) als de conservatieve tegenbewegingen aan bod.’

Museum Catharijneconvent Utrecht | Tentoonstelling Van God los? – de onstuimige jaren 60 | 19 feb – 28 aug 2022 | Lange Nieuwstraat 38 3512 PH Utrecht | Dinsdag t/m vrijdag van 10.00 tot 17.00 uur | Zaterdag, zondag en feestdagen van 11.00 tot 17.00 uur

Info:
Museum Catharijneconvent
Beeld: Simon Vinkenoog
1966 (Catharijneconvent)
Foto: Beatmis Venlo 1967 (Catharijneconvent / Nationaal Archief)
Foto: Op naar Roermond 1968 – Protest tegen ontslag Ed Miedema. Fotograaf onbekend. (ANP / Catharijneconvent) ‘Al voor hij pastoor van ’t Eikske werd, liep Ed Miedema al voor de muziek uit van het beroemde Tweede Vaticaans Concilie (1962-1965) waarin opgeroepen werd tot modernisering en meer openheid binnen de kerk.’ (Zout Magazine)

Tip: Zie ook – nog tot 6 maart 2022 in Museum Krona (Uden): Vrijheid & Verwarring – Kloosterleven in de jaren zestig.


De Clarissen van Megen, 1961. Foto Guus Bekooy. Collectie Museum Krona

‘Vrijheid is wat je doet met wat je wordt aangedaan’

Theater – In Sartre & de Beauvoir kijken de cultfiguren van het Franse existentialisme terug op hun leven en denken. En op de liefde, Ă©videmment. Altijd weer die liefde. De voorstelling in één zin: ‘Vrijheid is wat je doet met wat je wordt aangedaan’. Volgens het Zuidelijk Toneel maakt filosoof en theatermaker Stefaan Van Brabandt de redeneringen van Jean-Paul Sartre en Simone de Beauvoir actueel en prikkelend, genuanceerd en daarmee des te overtuigender.

I
n Filosofie Magazine van februari 2022 vertelt Van Brabandt over de voorstelling dat hij geen idee had dat het zo actueel zou worden. Volgens de theatermaker zijn vandaag de dag vrijheid en identiteit – de twee grote thema’s van het existentialisme – niet meer weg te denken uit het maatschappelijk debat.

’Het idee dat je zelf vorm moet geven aan je leven is cruciaal in het existentialisme, de stroming waartoe hij [Sartre] en De Beauvoir behoren. Je moet je niet laten insnoeren door traditie, cultuur of opvoeding. Daarin ben je weliswaar ‘geworpen’, maar je kunt jezelf er ook altijd aan onttrekken. Vrijheid is wat je doet met wat je is aangedaan, vonden ze.’

Sartre schreef: ‘Existentie gaat vooraf aan essentie’, zegt Van Brabandt. ‘Dat we bestaan gaat vooraf aan wat we met dat bestaan aanvangen.’

‘De mens is daarom wat hij van zichzelf maakt. Mens-zijn gaat daardoor altijd hand in hand met openheid en mogelijkheid. Als mens zijn we tot die vrijheid veroordeeld, al willen we er ook vaak aan ontsnappen, omdat ze gepaard gaat met een verpletterende verantwoordelijkheid.’

De theatermaker zegt dat je weliswaar deels bepaald bent door je omgeving, maar nooit helemaal. Je kunt je altijd verhouden tot je situatie, en daardoor ben je ook altijd vrij om jezelf te bepalen; je kunt spelen met de gegevenheden.

‘En dat deden Sartre en De Beauvoir. Ze namen de regie van hun leven in handen en maakten er een eigen verhaal van. Als acteurs zonder opgelegde tekst improviseerden ze spelenderwijs een leven bij elkaar.’

Vrijheid is het tegenovergestelde van egoĂŻstische willekeur, die anderen schade kan toebrengen. Sartre en De Beauvoir zouden zich daarom, volgens Van Brabandt, fel kanten tegen de vrijheid van de jungle, waarin iedereen doet waar hij zin in heeft, en tegen de egocentrische weigering van elke verantwoordelijkheid.

‘Vrijheid stond bij Sartre en De Beauvoir voor engagement: je inzetten en zorg dragen voor anderen, en voor het recht op dezelfde vrijheden voor iedereen. Want zolang niet iedereen vrij is, aldus Sartre, is niemand vrij.’

De voorstelling ‘Sartre & de Beauvoir’ is vandaag (premiĂšre) in Tilburg te zien. Daarna op verschillende plekken in Nederland en BelgiĂ« | ‘Je krijgt eindelijk inzicht op de vragen waarom we ‘gedoemd zijn tot vrijheid’; wat De Beauvoir bedoelt met de moraal van de dubbelzinnigheid en wat het betekent om authentiek mens te zijn? Jouw portie verantwoorde ontspanning.’ (Het Zuidelijk Toneel)

Zie: Filosofie Magazine: Filosoof en theatermaker Stefaan Van Brabandt maakte een voorstelling over De Beauvoir en Sartre

Beeld: Jean-Paul Sartre en Simone de Beauvoir (meer.com)

‘De mens kennen door het brein te kennen is een illusie’

Het complete menselijke brein simuleren op supercomputers, misschien al in 2023. Het Human Brain Project (HBP) wil de mens doorgronden: antwoorden op traditioneel filosofische vragen zoals die over het bewustzijn, het ‘ik’, het denken of de vrije wil. De massale parallelle communicatiearchitectuur van het brein wordt geïmiteerd. Miljarden kleine brokjes informatie worden tegelijk overgedragen naar duizenden verschillende plekken. Daardoor lijkt het functioneren eerder op een biologisch brein dan op een normale computer.

O
ok is het doel van het Human Brain Project – sinds 2015 met meer dan 1 miljard euro gesubsidieerd door de Europese Commissie – om medisch onderzoek te doen naar de hersenen om aandoeningen als Parkinson en de ziekte van Alzheimer beter te begrijpen en te behandelen. Meer dan 500 wetenschappers en ingenieurs van meer dan 140 universiteiten, academische ziekenhuizen en onderzoekscentra in heel Europa pakken een ​​van de meest uitdagende onderzoeksdoelen aan: het menselijk brein.

Samenwerking met een lichaam nodig
Neurofilosoof Pim Haselager zegt in Je brein in een computer dat als je een computer bewust wil laten worden, hij moet kunnen gaan snappen wat hij waarneemt, en hiervan kunnen leren. Mensen kunnen dit door hun ervaringen, gedachten en gevoelens te gebruiken. Maar die bezit je niet vanaf het ene op het andere moment: die ontwikkelen zich organisch, en daarvoor heb je interactie met de omgeving nodig, een supercomputer dus ook.

‘En bewustzijn ‘bouw’ je niet, dat moet ontstaan.’ Haselager is universitair hoofddocent Kunstmatige Intelligentie aan de Radboud Universiteit Nijmegen. ‘En daarvoor zijn twee dingen nodig: ervaringen – of zoals ik het zie: een interactie met de omgeving – en de samenwerking met een lichaam.’
(Kennislink: Je brein in een computer)

Illusie
H
et idee dat we door het brein te kennen de mens kennen, is volgens filosoof en hoogleraar kennistheorie Markus – ‘Ik ben niet mijn brein‘ – Gabriel, in Filosofie Magazine, een illusie. Hij stelt dat de menselijke geest geen zuiver biologisch fenomeen is, maar de geest is volgens hem evenmin louter materie. ‘Het is de reductie van het geestelijke tot die materiĂ«le werkelijkheid die ik verwerp.’

‘Het dualisme blijft zitten met de vraag hoe er interactie kan zijn tussen lichaam en geest. We zijn dus geen in het lichaam verdwaalde engelen. Maar we zijn ook niet louter genenkopieermachines met een stel hersenen. Daarmee ontken ik niet dat er een correlatie is tussen bepaalde neurologische processen en onze geest of ons bewustzijn.’
(Gabriel)

De smaak van chocolade
M
aar dat hersenen en geest samenhangen, betekent volgens de bestsellerfilosoof ook weer niet dat die hersenprocessen identiek zijn, zoals het materialisme – ‘en iemand als jullie Swaab‘ – beweert. Gabriel geeft de ervaring van de smaak van chocolade als voorbeeld.

‘We kunnen in de hersenen processen waarnemen; bepaalde delen lichten bijvoorbeeld op als we chocolade eten. Maar waar is de smaak van chocolade? Niet ín de hersenen: ik zou niet weten hoe die smaken. Ja, sommige volkeren eten hersenen, maar ze smaken zeker niet naar chocolade!’
(Gabriel)

Het idee van ‘de geest’
In de geschiedenis van het bewustzijn heeft ons tijdperk het neurocentrisme voortgebracht dat keurig lijkt aan te sluiten bij een belangrijk basismotief van onze tijd, namelijk inzicht door de natuurwetenschappen en daarmee de reductie van bewustzijn tot biologie, aldus Gabriel.

‘De moderne overtuiging is dat uiteindelijk de menselijke geest geheel in fysische termen kan worden verklaard. Daarmee is het idee van ‘de geest’ steeds meer uit ons universum verbannen.’
(Gabriel)

Zelfbeeld en psychische problemen
D
ie verbanning van de geest heeft gevolgen voor ons zelfbeeld en hoe we ons tot onszelf verhouden, zegt de filosoof. Een goed voorbeeld daarvan is hoe we tegenwoordig psychische problemen zien, zoals depressie en angsten. Volgens Gabriel is er een tendens om die te beschouwen als directe gevolgen van hersenprocessen, een chemische disbalans van de hersenen. En dan ligt een farmaceutische behandeling ervan voor de hand.

‘Maar we weten toch dat praten — zoals bij de psychoanalytische talking cure, die in Duitsland gelukkig nog vergoed wordt — vooral heilzaam is? Dan zul je je bewust worden van gedachten en gevoelens die je uit de weg gaat, die onbewust zijn.’
(Gabriel)

Zie:
* Welcome to the Human Brain Project (Human Brain Project)
* Je brein in een computer (Kennislink)
* Markus Gabriel: ‘We lijden aan metafysisch pessimisme’ (Filosofie Magazine)

Luistertip: De Ongelooflijke Podcast (19 januari 2022)
Bernardo Kastrup is een filosoof en computerwetenschapper die internationaal furore maakt door te stellen dat het materialisme – het idee dat de werkelijkheid alleen bestaat uit materie en er geen God, ziel, of vrije wil is – niet klopt. En hij baseert dat onder andere op recent onderzoek uit de kwantumfysica. Kastrup heeft de gave om moeilijke materie uit te leggen met heldere voorbeelden.
– Journalist David Boogerd gaat in gesprek met Bernardo Kastrup en vaste gast theoloog Stefan Paas.


Gerelateerd: Een ander verhaal dan hemel, hel en reĂŻncarnatie (o.a. met Kastrup – 26 september 2021 -Goden En Mensen)

Beeld: Getty Images
Graphic: Human Brain Project (Matteo Farinella Blog)
Cartoon: LECTRR (De Standaard)