Radicale Theologie wil bevrijdend niet-zeker-weten

Onzeker weten keert met sprankelende praktijkvoorbeelden traditionele zekerheden binnenstebuiten en ontdekt juist in het christendom ruimte voor een bevrijdend niet-zeker-weten. Onzekerheid als uitgangspunt. Onder de vlag van Radicale Theologie geven religiewetenschapper Bram Kalkman, filosoof Gerko Tempelman en theoloog Rikko Voorberg ‘een rijke mix van postmoderne filosofen, kunstenaars en activisten’ het woord.

Het boek Onzeker weten, dat 1 maart verschijnt, omschrijft zichzelf als bron van creativiteit, authenticiteit en verbinding: verbinding met jezelf, met anderen en met de eeuwenoude christelijke traditie. ‘Een levende theologie van de onzekerheid’. De recente opleving van het radicaal theologisch gedachtegoed komt volgens de auteurs van buiten de kerk, van filosofen die zichzelf atheïst noemen (of ‘christelijke atheïst’). Het is een van de redenen dat zij Onzeker weten laten beginnen met een filosofische geschiedenis om dat filosofisch denken vervolgens toe te passen op theologische thema’s.

‘… een nieuwe vorm van theologisch weten, het onzeker weten. Een weten dat niet wordt bedreigd door twijfel, maar dat de twijfel incorporeert in zichzelf en daardoor alleen maar sterker wordt. Het is voor veel radicale theologen niet moeilijk om zich voor deze (ontwrichtende) praktijk te beroepen op niemand minder dan Jezus zelf. Want was dat niet precies wat Hij deed in de context van zijn tijd?’
(Uit: Onzeker weten)

Radicale Theologie zegt theologische kritiek te willen leveren op maatschappelijke structuren en doet voorstellen voor een radicaal theologische praktijk. Daarbij wil ze met improviserende, theatrale benadering van de christelijke teksten en traditie laten zien dat Jezus beter te begrijpen is als performancekunstenaar dan als dominee.

Radicale theologie raakt de onzekerheid aan die onder de oppervlakte schuilt. Het wil verbinding brengen tussen mensen die zich zomaar ‘de enige’ voelen. De enige die twijfelt, de enige die aan het leven lijdt, de enige die niet weet of ze het nog gelooft. Het biedt ook een alternatief voor degenen die dreigen te bezwijken onder de gevoelde verantwoordelijkheid om de ander te ‘verlossen’.
Hoe zwaar kan het vallen om te proberen de depressieve ander op te beuren, de zieke te helpen aan genezing of de twijfelaar te overtuigen dat het toch allemaal waar is. De ervaring leert dat het erkennen van de onzekerheid soms helender is dan het aandragen van een oplossing.’
(Uit: Onzeker weten)

Onzeker weten stelt dat om ons heen mensen van alles zeker lijken te weten en dat voor elk van onze onzekerheden er wel een oplossing wordt aangedragen. Het heeft iets aantrekkelijks, maar werken zulke oplossingen, vraagt het boek zich af.

Het is de radicale theologie die kerk en samenleving erop wijst dat juist christendom voor deze bevrijding goud in handen heeft. Tenminste, als je het christelijke verhaal radicaal onzeker gaat lezen.’
(Uit: Onzeker weten)

Dat in de jaren 90 van de vorige eeuw hernieuwde interesse ontstond in radicale theologie, waarbij de Ierse filosoof Peter Rollins degene was die de filosofische ideeën wist te ontsluiten voor een groter publiek, doet volgens Onzeker weten bij mensen weer een belletje rinkelen.

Radicale Theologie is echter datgene wat confessioneel theologische ideeën opschudt. Ze is het bij nacht verschijnende knagende gevoel van twijfel dat zelfs de meest overtuigde gelovige kan bevangen. Ze stelt vragen die niet gesteld zouden moeten worden.(…) De radicale theologie bestaat niet op zichzelf – ze schept geen nieuw systeem. Ze krabt aan het bestaande. Ze jaagt op. Ze doet opschrikken. Ze schudt wakker.’
(Uit: Onzeker weten)

Onzeker weten – Een inleiding in de radicale theologie | Rikko Voorberg, Gerko Tempelman, Bram Kalkman | VBK Media / Kok Boekencentrum | 9789043537933 | € 20,00,- | verschijnt 1 maart 2022 | ‘Onzeker weten pakt theologie aan zoals het wat mij betreft bedoeld is. Met flair en zin voor avontuur. Het is de taak van de theologie om de geslotenheid in het denken te doorbreken waarin wij ons leven steeds weer gevangen laten zetten. Dit boek spreekt vrij en opent het gesprek waar velen dachten dat het was afgesloten.’ (Hoogleraar theologie prof. dr. Erik Borgman)

Beeld: Carl Heinrich Bloch 1834 – 1890 – ‘De Bergrede wordt wel de kern van het Nieuwe Testament genoemd. Voor velen is deze toespraak van Jezus over het koninkrijk door de eeuwen een bron van inspiratie geweest voor een radicaal leven.’ (levenindekerk.nl)

‘Atheïsten hebben een signaalfunctie’

Atheïsten houden je volgens theoloog Rikko Voorberg een spiegel voor of de kerk nog impact heeft. ‘Als de kerk een zelfbevestigend cirkeltje is geworden, waarin de woorden alleen betekenis hebben voor de gelovigen zelf, dan is dat de dood in de pot.’ Voorberg, een predikant die zich daadwerkelijk vrijgemaakt heeft uit de vrijgemaakt gereformeerde bubble, houdt ook van het perspectief van een vrijgemaakte theologie. AdRem plaatste een interview met Voorberg, bekend van de PopUpKerk in Amsterdam, ‘We gaan ze halen’ en het boek De dominee leert vloeken: over woede, onmacht en daadkracht.

Dit boek is het verslag van een persoonlijke reis met aanknopingspunten voor constructieve actie. Het is voor cynici die hun cynisme zat zijn. Voor kerkelijken die hun kerkelijkheid zat zijn. Voor geëngageerden die verbaasd een dominee aan hun zijde vinden. Voor gelovigen die weten dat het niet om een hemel gaat. Voor ouderen die verlangen naar nieuw elan. Het is voor iedereen die meent dat alles wat we kunnen doen te weinig is, maar dat niets doen echt niet kan. Het is voor iedereen die zich afvraagt waar de moti­vatie en de energie te vinden zijn om steeds hoopvol opnieuw te beginnen.
(Uit: De dominee leert vloeken)

Voorberg zat, als zoon van de dominee, volledig in de vrijgemaakt gereformeerde bubble, zegt hij. Bij Karl Barth las hij over de ongrijpbaarheid van de eeuwige en het idee van God als gebeuren. Barth opende zijn ogen voor het perspectief van een minder vastgelegde theologie, en sindsdien wil Voorberg liefst zo dicht mogelijk op het ‘geleefde en publieke leven theologiseren’.

Het was met name de ongrijpbaarheid van God die me bij Barth raakte, die werd een ‘vreemde’, een verheven entiteit. Alles wat je over God zei moest ook weer ontkend worden, niemand had hem in the pocket. Ik kon weer ademhalen.’
(Uit: De dominee leert vloeken)

En ook de luthers predikant en theoloog Bonhoeffer.

Dietrich Bonhoeffers theologie die direct voortkwam uit de grote, existentiële vragen van zijn tijd zijn zo veel interessanter dan algemene dogmatische discussies…’ 
(Voorberg in AdRem)

De predikant vindt dat het verhaal van het christendom niet alleen betekenis kan hebben binnen de muren van de kerk. In zijn boek zegt Voorberg dat het kunstenaars en activisten waren die hem het idee gaven dat het mogelijk was om goede woede in constructieve actie om te zetten; hij trof ze toen hij de wereld buiten zijn gereformeerde subcultuur ging verkennen.

Mijn zoektocht werd het te ontdekken wat het geloof, wat het Evangelie voor betekenis heeft in de gewone wereld. Ik zeg soms tegen de kunstenaars en niet-gelovigen met wie ik werk, dat het eigenlijk een wat egoïstisch projectje is. Ik wil niet hen bekeren, maar zoek hun inzicht om zelf opnieuw bekeerd te worden tot een relevanter vorm van christendom. Of het christendom iets te zeggen heeft, moet je onderzoeken tussen niet-gelovigen.’
(Voorberg in AdRem)

Atheïsten hebben een signaalfunctie als kanaries in een kolenmijn, is een uitspraak van Voorberg. In de PopUpKerk in Amsterdam die hij initieerde, was een werkregel dat ‘als er geen atheïsten in een PopUpKerk meer aanwezig zijn, die per direct wordt opgeheven’.

Het is zo helend om niet- of andersgelovigen te betrekken bij wat je doet. Zij houden je een spiegel voor of de kerk nog impact heeft.’
(Voorberg in AdRem)

Mensen zoeken rust en comfort in de kerk, maar… zegt Voorberg, religie hoort altijd ook in zekere zin oncomfortabel te zijn.

Als je het licht wilt vinden, dan moet je in het duister zijn, want daar schijnt het. Ik herken dat heel sterk uit het pastoraat en uit levens van vrienden. Of ik doe wat het evangelie vraagt? Ik doe wat ik soms dénk dat het Evangelie van me vraagt in de hoop om te ontdekken wat het Evangelie werkelijk van me vraagt. Zeker weten, dogmatisme is dan de dood in de pot’.’
(Voorberg in AdRem)

Bronnen:
* Zoek je het licht, ga dan naar het duister (AdRem, februari 2021) | ‘In 1807 werd door Westerlingen een bijbel voor slaven gemaakt, maar ze moesten niet op het idee komen om in opstand te komen. Dus werd 90% van het Oude Testament uit hun bijbel geschrapt.(Voorberg in AdRem)

* De dominee leert vloekenRikko Voorberg | De Arbeiderspers | 25-10-2016 | € 20,99 | E-book: € 10,99 | ‘Rikko Voorberg gelooft in lotsverbondenheid met anderen, dichtbij en ver weg, en laat zien wat dat in de praktijk betekent.’ – Petra Stienen, publiciste en arabiste | ‘Eindelijk een alternatief voor volwassen idealisten. Een boek dat ieders aandacht verdient.’ – Karel Smouter, De Correspondent.

Beeld: VISIE-EO

‘Als het leven onzinnig is, hoe zullen wij leven?’

sannekedehaanrikkovoorberg

Religiewerkgroep De Linker Wang – van GroenLinks, ‘politiek met compassie’ – organiseerde gisteren in Utrecht een debat over de zin van het leven. Voor filosoof Sanneke de Haan eigenlijk on-zin, want ‘ons bestaan heeft geen zin, bergt geen hoger doel in zich’. Voor theoloog Rikko Voorberg is de vraag naar het nut van het leven misschien zin-loos, maar de vraag naar de hoop en de deugd essentieel. De Haan vraagt zich af wat ons houvast geeft, en hoe je bepaalt wat een goede manier van leven is. Beiden hadden iets moois en zinvols te vertellen, de filosoof (1980) en de theoloog (1980), en dat zette zich daarna voort met zo’n 80 belangstellenden.

Job de Haan, van De Linker Wang, blijkt naast theoloog en journalist ook een uitstekend gespreksleider en maakte één keer gebruik van ‘Abstract Alert’: als iemand vervalt in vaagheid, krijgt iemand anders het woord. Wel zo goed bij dit thema.

Sanneke vertelde uit een ‘gemengd nest’ te komen: katholiek en Nederlands Hervormd. School ervoer zij wat religie betreft als ‘heftig’ en toen ze rond haar twaalfde jaar hoorde dat God zelfs in ‘je hoofd kan kijken’, vond ze dat niet te geloven. Op dat moment hield God voor haar op te bestaan: ‘God kwam tot hier en niet verder’.

Toch verdiepte zij zich in levensbeschouwingen en ontdekte de filosofie en via zenboeddhisme de meditatie. Als filosoof doet zij nu onderzoek op het grensvlak van filosofie en psychiatrie. Meditatie vindt zij een vorm van ‘moreel superieur escapisme’. Iets met een tefallaag waarvan je alles kan laten afglijden. En leven is lijden, hoorde ze. Maar Sanneke vindt het leven leuk. Sartre spreekt haar aan, vooral zijn idee dat alle keuzes in je leven je eigen keuzes zijn; je kiest ook bij wie je te rade gaat. Maar ook Sartres idee over dat je zelf verantwoordelijk bent voor wat je doet, past bij haar.

Geconfronteerd werd Sanneke met de dood van de vader van een vriendin. Dat zette haar sterk aan het denken. Dient het leven een doel? Heb je het goed gedaan? Er is geen Hogere Instantie die goedkeuring geeft. Leven en dan dood. Dit is het, hier moeten we het mee doen, was haar reactie op die ervaring. Meer is het niet. Sanneke ging wel vol voor het leven. Op een dag liep zij bij de buren binnen toen ze letterlijk hoorde dat de man zijn vrouw mishandelde. Sanneke greep in. Ze maakte het verschil. Ze snapte ook wat er aan de hand was: er speelde psychiatrische problematiek mee. En zij hielp. Het was niet zin-loos wat ze deed.

Rikko vertelde over een pastorie op een heuvel waar hij zoon van een dominee was, waar gebeden werd voor het eten en als toetje de Bijbel, en dat betekende iets. Trots op de zuil waarop hij zat. Geen televisie, maar dat kwam voort uit een verantwoordelijk idee over hoe gezinsleven in elkaar dient te zitten. Alles werd doordacht. Dan tien jaar later. Theologische universiteit. Zijn religieus fundament werd ‘verpulverd door een postmodern sloopplan’.

Zeer geboeid werd hij door zowel protestants theoloog Karl Barth als filosoof Friedrich Nietzsche. Barth gaf ruimte, geen catechismus waarin alles vast stond. Rikko kwam uit zijn bubbel. Door theater, radio en vrienden. Zijn bunker – de Kathedraal van Zeker Weten – stortte in, verdween in zee. Daar stond hij, moederziel alleen, nog wel met zijn medestudenten. Rikko ging op zoek, ook bij de studentenpastor, en vroeg hem te helpen met het doel in zijn leven. Doen, handelen was het antwoord. Ga het doen, de vorm komt vanzelf. Hij organiseerde een burennetwerk, richtte in Amsterdam de PopUpKerk op. Maar ondertussen bleef de vraag spoken hoe om te gaan met zijn geschiedenis, zijn achtergrond. En: ‘Wat Wil Ik Echt?’

Hij maakte een speciale Facebookpagina toen hij hoorde dat een pedoseksueel nergens meer welkom was. De pagina heette ‘Benno L. welkom in onze straat’. Overtuigd als hij is dat de meeste recidieven voortkomen uit sociale uitsluiting. Bovendien, niemand kent het strafblad van je buren in de straat… Rikko vindt dat je moet belichamen waar je voor staat. Je kunt van alles roepen, maar je moet iets doen. En zo nam de mede-oprichter van de ‘Vluchtkerk’ ook het initiatief: ‘We Gaan Ze Halen’. Rikko geeft op uiteenlopende manieren concreet vorm aan geloven. Hij blijft niet op zijn handen zitten, maakt van geloven positieve actie.

Rikko kan zich kwaad maken over de vluchtelingenproblematiek. Hoe dat systeem werkt. Niet werkt, beter gezegd. Hij noemt dat systeem kwaadaardig. Gaf er een voorbeeld van. Doe je als vluchteling je verhaal, je eerste gesprek voor de asielprocedure, waarbij je je van je beste kant laat zien: wel vluchteling, maar gezond, sterk, kan en wil werken. Dan word je afgewezen. De vluchteling had over zijn martelingen moeten vertellen en ander leed, dan was hij geaccepteerd. Zo word je door het systeem kwetsbaar gemaakt. Je verdwijnt in een vicieuze cirkel. Rikko schreef het boek De dominee leert vloeken. Heel begrijpelijk, als je vecht voor een rechtvaardige wereld. Een wereld waar je kwaad van wordt. Hij wil juist bijdragen aan een rechtvaardiger wereld. Zijn boek roept dan ook op tot actie. Hij put onder meer moed uit Augustinus. Die zei: ‘Hoop heeft twee prachtige dochters. De een heet woede, de ander heet moed; woede over hoe de dingen zijn: en moed om te zien dat ze niet zullen blijven zoals ze zijn’.

Foto: © PD – Sanneke de Haan en Rikko Voorberg. Op speelse manier werden bingoballen ingezet waarvan de getallen verwezen naar vragen die Rikko en Sanneke beantwoordden. Het leidde ertoe dat ze spontaan persoonlijk, vanuit eigen idee en gevoel open over zichzelf vertelden. 

Niet bij Geloven in een Betere Wereld alleen

gelovenineenbeterewereld©pd

Ook bij brood, bij actie, want het kan anders, moet anders. Praktisch idealisme? – Hoogleraar dr. Azza Karam, vanaf 2019 verbonden aan de Vrije Universiteit Amsterdam, (Faculteit Religie en Theologie), tevens werkzaam bij de Verenigde Naties (VN), vindt het vreemd dat er voor de rol van religie in het bereiken van de internationale duurzaamheidsdoelen nauwelijks aandacht is, terwijl religie voor het overgrote deel van de wereldbevolking een belangrijke rol speelt. ‘Duurzame ontwikkeling kan niet zonder aandacht voor religie.’

Daarom start de Faculteit Religie en Theologie van de Vrije Universiteit Amsterdam samen met ontwikkelingsorganisaties ICCO en ACT Alliance per 1 januari 2019 de bijzondere leerstoel ‘Religion and Sustainable Development’.’ (VU)

Sustainable Development: Duurzame Ontwikkeling. Karam heeft wereldwijd een grote bekendheid op het terrein van religie en ontwikkelingswerk. Zij is onder meer voorzitter van de VN-taskforce voor de samenwerking met faith-based organisaties en is blij met deze internationaal belangrijke leerstoel die zij vanaf januari 2019 mag bekleden. – Een einde maken aan extreme armoede, ongelijkheid, onrecht en klimaatverandering: de kern van de duurzame ontwikkelingsdoelen.

‘Naast deze culturele en religieuze waardepatronen gaat het onderzoek over de rol van de vele religieus geïnspireerde NGO’s [organisaties onafhankelijk van de overheid]. Marinus Verweij, voorzitter van [de interkerkelijke] ontwikkelingsorganisatie ICCO: ‘Het onderzoek kijkt ook naar het fijnmazige netwerk van kerken, moskeeën, synagogen en tempels overal in de wereld. Dit netwerk is te vinden op plaatsen waar overheden en bijvoorbeeld de VN vaak niet kunnen komen.’ In Nederland en wereldwijd zijn kerken en andere religieuze gemeenschappen betrokken bij thema’s als duurzaamheid, sociale gerechtigheid en vredesopbouw. Voor blijvende veranderingen is dit netwerk van geloofsgemeenschappen een belangrijke bondgenoot, maar dat vraagt wel altijd tegelijk een kritische blik.’ (VU)

Azza Karam had erbij moeten zijn, gisteren bij de Vrienden van Oikos in Utrecht. Bij hen leeft de gedachte dat het anders kan, anders moet, springlevend. Praktisch idealisme. Religie heeft aandacht voor armoede en klimaatverandering, onderwijs, gender, vredesopbouw. Kortom, voor een leefbare en eerlijke wereld. De zorg voor de aarde en de natuur speelt een belangrijke rol. In 2015 bijvoorbeeld schonk NPO Spirit aandacht aan Religie en Duurzaamheid. Religie anno 2018 kan niet zonder aandacht voor duurzame ontwikkeling. Zittend op haar bijzondere leerstoel had Karam zo aan kunnen schuiven bij Oikos om een van de 17 internationale duurzaamheidsdoelen in werking te zien.

Ongelijkheid, klimaatverandering en conflicten zijn de uitdagingen zijn voor vandaag en de toekomst, waarvoor stichting Oikos en haar voorlopers zich decennialang lang inzetten voor een eerlijke en leefbare wereld, door studie en acties.’ (Oikos)

davidrenkema

Ondanks dat Oikos recent is opgeheven, werd door oud-directeur van Oikos, David Renkema met wijde blik voorwaarts gekeken en gaf hij door zijn deze dag gepresenteerde boek Geloven in een betere wereld (‘Diep onder de indruk’ – Jan Pronk) een luid klinkend startsein om de opgedane ervaringen van Oikos door te geven aan de toekomst. Renkema beschrijft uitvoerig de wereldwijde uitdagingen, zoals het zorgen voor een eerlijke verdeling (armoede!) binnen en tussen landen, het bieden van kansen voor komende generaties, en het terugdringen van spanningen, conflicten en polarisatie. Zelf geeft Renkema daar al een praktisch voorbeeld van door zijn werkzaamheden bij De Zinnen in Den Haag. (foto David Renkema: PD)

Bij Oikos bleef het niet bij geloven alleen – maar werd er voortdurend gewerkt aan een betere wereld waarin mensen zich in alle verscheidenheid inzetten voor menselijke waardigheid en een leefbare aarde voor iedereen. Ruim twintig instellingen, gelieerd aan Oikos, kregen die dag een geldprijs dankzij de Challenge die de stichting Vrienden van Oikos had georganiseerd om haar restsaldo een bestemming te geven ‘in de geest van Oikos’. In de prijzen, uitgereikt door voorzitter Ina van de Bunt-Koster, vielen onder meer: stichting IDEA; stichting OnFile en de Groene Moslims.

DSCF5730

Tijdens deze Oikos-dag (foto: PD) werd aan het einde van de middag onder leiding van journalist en wetenschapper Mirjam Vossen – in een temperamentvolle ‘Lagerhuis-opstelling’ – stellingen besproken met vragen die te denken gaven, ook voor na afloop:

Is het erg dat de ‘grote verhalen’ zijn vervangen door ‘praktisch idealisme’?; ‘Als onze gevoelens van compassie onze agenda bepalen, want doen we dan met de saaie, trage en meer structurele vraagstukken?’ en ‘Hebben kerken / ontwikkelingsorganisaties een rol als educator van het publiek?’ (Oikos)

Het kan anders, stelde Oikos. Het kan beter, klonk het deze dag. Oikos mag er dan als organisatie niet meer zijn, maar – gedreven door humanitaire en ecologische waarden, zoals Renkema ook schrijft in zijn boek – het werk gaat door.

rikkovoorberg2

‘Theoloog in het wild’ Rikko Voorberg gaf in zijn speech, inspirerend gebarend, de luisteraars veel mee. Dat je je bijvoorbeeld niet achter God kunt verschuilen – je bent zelf verantwoordelijk. Voorberg legde daarbij de vraag voor die God zo’n vierduizend jaar geleden al stelde aan Job: ‘Waar was jij?’ met de duidelijk ondertoon: ‘Wat doe jij?’
– Een steentje bijdragen bijvoorbeeld, zoals Renkema stelt. (foto Rikko Voorberg: PD)

Soms ondergronds. Met de kennis van nu zien we een aantal initiatieven die het werk mogelijk op eigen wijze zullen voortzetten. (…) Mensen, bewegingen en organisaties dragen naar beste kunnen een steentje bij, gebaseerd op de beschikbare kennis en gedreven door humanitaire en ecologische waarden. Daarbij is in dialoog zijn en blijven altijd belangrijk. Want hoe we het ook wenden of keren, we hebben te maken met mensen met verschillende belangen, ideeën en verwachtingen. Dat was het geval in de twintigste eeuw en dat is in de eenentwintigste eeuw niet anders. De kunst is om de samenleving zo te ordenen dat die ordening mensen geen redenen geeft om zich vernederd te voelen.’* (Uit: Geloven in een betere wereld, blz. 156)

* Renkema verwijst hier naar Avishai Margalit, De fatsoenlijke samenleving (1966)

AzzaKaram

Azza Karam (foto: berkleycenter.georgetown.edu) is senior adviseur met de portefeuille cultuur bij het Population Fund van de VN en is voorzitter van de VN-taskforce voor de samenwerking met religieuze organisaties. Zij heeft een Egyptische en Nederlandse achtergrond en promoveerde aan de UvA op een onderzoek naar religie, beleid en gender, doceerde aan verschillende universiteiten en werkt inmiddels vele jaren bij verschillende VN-organisaties op het snijvlak van cultuur, religie en ontwikkeling. (VU)

Geloven in een betere wereld. Sporen van Oikos | ISBN: 978-94-92183-76-7 | 160 pagina’s | Uitgave 15 11 2018) | € 15,00 incl. Btw

Gerelateerd: Geloven in een nieuwe oecumene

Foto: PD (26-08-2015 – Ede-Wageningen)
Update: 10.20 uur.