Klimaatverandering en de zondvloed

Gericault-deluge

Student Religiewetenschappen Justin Spoor schreef het ‘ontbrekende hoofdstuk van onze prehistorie’ in Spijt van de Goden (2019). In de laatste jaren van het gymnasium puzzelde hij aan de theorie achter een kunstmatige schepping. In de inleiding vertelt hij erover. De theorie werkte hij verder uit bij zijn studie van geschiedenis en religie aan de Rijksuniversiteit Groningen. ‘Ook al bestaan er theorieën zoals die van de Oerknal, deze geeft bij lange na geen antwoord op de vraag hoe of waarom alles precies begon.’

Zulke zaken zijn te groot om te onderzoeken in een mensenleven in het begin van de 21e eeuw, dus ik moest dichter bij huis beginnen. Het ontstaan van de mensheid leek een goed beginpunt. In dit korte werk zal blijken dat niet alles bekend is over het ontstaan van de mensheid. Natuurlijk spreek ik hierbij de evolutietheorie niet tegen, maar ik neem hem ook niet voor lief. Het geloof in de wetenschap zal aan de kaak worden gesteld.’

Spoor vertelt dat het doel van Spijt van de Goden is meer onderzoek te doen in de richting van de Zondvloed, verloren beschavingen en kunstmatige schepping. Hij vindt dat de lezer het natuurlijk ook kan gebruiken om zijn eigen kijk op de realiteit te verbreden. Voor de religieuze lezer wil hij sterk benadrukken dat dit werk geen aanval is op religie. Het zou religie en wetenschap juist dichter bij elkaar kunnen brengen. Zelf is Spoor niet religieus opgevoed, maar onder meer via berichten in de nieuwsmedia is hij zich gaan afvragen wat de betekenis is van ‘God’.

Ik heb religie nooit gezien als willekeurige onzin of iets irrationeels, maar ik had nooit de behoefte me volledig toe te wijden aan zoiets. Net zoals de doorsnee Nederlander hield ik het op afstand, maar waardeerde het. Maar toen ik merkte dat veel tijdgenoten in mijn omgeving religie zagen als verouderd en als iets irrelevants ging bij mij een alarmbel rinkelen. Zijn oude religieuze teksten dan niet langer relevant?’

Hoe kan het anders zo zijn dat wij mensen zo knap gebouwd zijn en het universum zo ingewikkeld in elkaar zit, vraagt de student zich af. ‘Wat zijn antwoorden op vragen zoals hoe dit alles is ontstaan?’ Hij kan geen antwoord geven op die vraag, maar het feit dat wij deze realiteit kunnen observeren met alle natuurwetten van dien betekent voor hem dat er een mysterie bestaat dat groter is dan de mensheid.

Spijtvandegoden

God had spijt van de creatie van de mens, zo beseft Spoor als hij in Genesis leest dat de mens zal worden weggevaagd door de Zondvloed. Spijt van de Goden wil een nieuw licht laten schijnen op die weggevaagde beschaving.

Voor de benadering van dit werk bestaat een vergelijkbare, maar niet dezelfde, theorie. Deze theorie is in verschillende landen bekend onder de naam ‘ancient aliens,’ ‘Prä-Astronautik,’ ‘antiguos astronautas,’ of ‘anciens astronautes.’ De zogenaamde ‘aliens’ of ‘astronauten’ worden hierbij gezien als een technologisch geavanceerde beschaving die beter bekend staat als de ‘goden’.’

Dit laatste klinkt alsof Spoor oeroude boeken zoals Waren de Goden astronauten? heeft ontdekt. Nogal controversieel, maar voor een jonge student schijnbaar gloednieuw. De andere vraag die Spoort stelt, komt me boeiender voor: is een van de oorzaken van die watersnoodramp misschien klimaatverandering? Hij wijst op verschillende bewijzen voor deze ramp, zo’n 12.800 jaar geleden. Als die ramp zich toen voordeed vindt hij één ding zeker: er ‘ontbreekt een hoofdstuk van onze prehistorie’. En dat is tevens de ondertitel van Spijt van de Goden.

Niet alleen de schepping van de mens en het wegvagen van diens eerste beschaving worden in dit werk behandeld, maar ook de problemen die daaruit voortvloeien voor de huidige modellen. Immers zijn de huidige historische modellen niet langer voldoende als de mens vanaf het begin van zijn bestaan al in contact stond met een technologisch geavanceerde beschaving. Als er daadwerkelijk een ‘goddelijke’ beschaving aanwezig was op aarde, klopt ook het psychologische model niet, waarbij ervan uit wordt gegaan dat goden voortkomen uit menselijke emotie.’

Spijt van de Goden | Justin Spoor | 9789402189339 | maart 2019 | Uitgever: Brave New Books | € 15,79 | E-book € 5,-

Schilderij: Zondvloedscène (Scène de déluge) van Jean Louis Théodore Géricault (1791–1824) – De naam is niet van het woord ‘zonde’ afgeleid, maar van het Middelnederlandse ‘sintvloet’, grote vloed. De zondvloed (Eng. deluge; Fr. déluge) is de wereldwijde overstroming die in het derde millennium voor Christus als Godsgericht de aarde trof en al het menselijke en dierlijke leven op het land verdelgde. In de ark van Noach was er echter ontkoming.’ (Christipedia)

‘Cruciale parallel tussen religie en politiek’

Astana

Hoogleraar aan de faculteit Religie en Theologie van de VU Amsterdam, Ruard Ganzevoort, signaleert een cruciale parallel tussen het domein van de politiek en het domein van religie. Hierover hield hij eind 2018 een speech bij het 6th Congress of Leaders of World and Traditional Religions in Astana (Kazachstan.) Beide domeinen zijn volgens Ganzevoort niet tevreden met de status-quo van de bestaande wereld en de realiteit ervan. Beide geloven dat de wereld anders kan zijn dan wat we vandaag zien.

Politiek en religie hebben, volgens Ruard Ganzevoort, tevens vicefractievoorzitter van GroenLinks in de Eerste Kamer, het potentieel om leiders te inspireren en succesvol te laten zijn voor het algemeen welzijn. Politiek en religie hebben de eigenschap gemeen dat ze geloven dat de wereld anders kan zijn dan wat we zien: beide zijn gebouwd op ideaalbeelden.

Ganzevoort noemde het congres een belangrijke markering van het visionaire perspectief dat nodig is om fundamentele problemen en risico’s van deze tijd aan te pakken: oorlog, ongelijkheid en klimaatverandering. Deelnemers waren tachtig religieuze leiders, maar ook politici en academici, uit 46 landen. Er werd een Manifest* besproken dat de noodzaak om oorlog uit te roeien koppelt aan een oproep om de oorzaken van oorlog, inclusief ongelijkheid, weg te nemen.


* Volgens dit Manifest moet er vooruitgang worden geboekt naar een wereld die vrij is van nucleaire – en andere massavernietigingswapens; moet er voortgebouwd worden op bestaande geografische initiatieven om oorlog als manier van leven uit te bannen; is het noodzakelijk om dergelijke overblijfselen uit de Koude Oorlog te elimineren zoals militaire blokken die de veiligheid op de wereld bedreigen en een bredere internationale samenwerking belemmeren; is het belangrijk om het internationale ontwapeningsproces aan te passen aan de nieuwe omstandigheden, en vereist een wereld zonder oorlog in de eerste plaats eerlijke mondiale concurrentie in internationale handel, financiën en ontwikkeling. (Uit: Manifesto: The World. The 21st century)


Ook verwees Ganzevoort naar sociale en ecologische initiatieven, en de agenda voor duurzame ontwikkelingsdoelen. In dit kader noemde hij de encycliek Laudato Si en soortgelijke voorstellen van de oecumenische patriarch Bartholomeüs.

We hebben maar één wereld. Daarop leven we samen en er is geen ontsnappingsroute. We maken daarom allemaal deel uit van hetzelfde geopolitieke en ecologische ecosysteem. Gebeurtenissen in één gebied zullen onvermijdelijk andere gebieden beïnvloeden. Oorlogen in het Midden-Oosten leiden tot vluchtelingen naar omringende landen en West-Europa. Klimaatverandering beïnvloedt de armen meer dan wie dan ook en zij doen daarom een beroep op de rijken. Sociale ongelijkheid in Afrika veroorzaakt instabiliteit in Europa. Economische crises in het Westen hebben catastrofale gevolgen voor de ontwikkeling van andere delen van de wereld. ’

Volgens Ganzevoort zijn dit geen afzonderlijke gebeurtenissen of omstandigheden. Ze zijn allemaal verbonden met de fundamentele en overkoepelende uitdaging van onze tijd: hoe we ons bestaan ​​duurzaam kunnen maken.

En we maken intrinsiek deel uit van die uitdaging: hoe vervullen we onze verbondenheid met onze medemensen en met de natuurlijke wereld om ons heen. We zijn geroepen om nieuwe samenlevingen te bouwen waarin we in harmonie zijn met elkaar en met de aarde.’

Leiders die daarbij nodig zijn, zijn mensen die sterk geloven in de mogelijkheid om veranderingen aan te brengen en van deze wereld een betere plek te maken, die dapper genoeg zijn om toe te geven dat onze traditionele stijlen van politiek en religie ons grote schade hebben toegebracht en geleid naar een wereld van oorlog en ongelijkheid. Leiders dienen nederig genoeg te zijn om toe te geven dat ze de wijsheid en bijdragen van anderen nodig hebben; leiders die hun macht gebruiken om ruimte te maken voor de ander in plaats van de eigen invloed te vergroten; die begrijpen dat ze geroepen zijn om te dienen. Leiders die de tekenen van de tijd begrijpen en de urgentie van radicale stappen naar vrede.

Ganzevoort relativeerde in zijn speech de visionaire gezichtspunten van religie en politiek. Die schieten nogal eens tekort. Politiek blijft vaak steken in machtsspelletjes en komt op voor de eigen gevestigde belangen. Religieuze leiders en instellingen zijn soms geobsedeerd met het versterken van de eigen identiteit, zien zichzelf als alleen maar positief, maar maken in feite vaak deel uit van het probleem in plaats van de oplossing.

Religies zijn naar mijn mening per definitie ambivalent en kunnen worden gebruikt voor goed en kwaad, om vrede te brengen en oorlog te veroorzaken, liefde te laten groeien en haat te zaaien.’

Als ‘iemand die actief is in de wereld van politiek en van de academische studie van religie’ zegt Ganzevoort zich wel diep bewust te zijn van tekortkomingen van de politiek en religie, maar is hij eveneens overtuigd van hun potentieel.

Bron: Religious Leaders for a Safe World (Ruard Ganzevoort)

Zie ook: Statement 6th Congress of Leaders of World and Traditional Religions

Foto van het zesde congres: kazinform (international news agency)