Geloofsgesprek: iedereen zijn eigen god

lichtgaveIonastichting

‘Het komt natuurlijk sympathiek over, die bereidheid tot dialoog. Maar er zit wel een addertje onder het gras,’ zegt theoloog Wim Jansen. De roep om de interreligieuze dialoog gebeurt vanuit het misverstand van het religieuze gelijk, de waan van het religieuze gelijk. En dwars daardoorheen viert een versplinterd protestantisme vijfhonderd jaar hervorming. Een geschiedenis van moeite met dialoog, volgens de auteur: bovendien bestaat het christendom niet, of de islam, of het hindoeïsme.

Trouwens, waar zijn zij die zich atheïst noemen in deze dialoog? Het lijkt al met al op een religieus onderonsje uit te draaien. Ik had toch in mijn menswording de seculiere filosofie en literatuur niet graag willen missen! Hoe gezond is juist die inbreng voor religies!’ En zij die niet religiegebonden zijn maar wel de transcendente ervaring kennen? Ook zij lijken te worden buitengesloten, terwijl zij, bijvoorbeeld vanuit de religieloze mystiek, wel veel te melden hebben over de geestelijke dimensies.’ (Jansen)

Maar de atheïst bestaat natuurlijk ook al niet. Jansen noemt als voorbeeld van de waan van het religieuze gelijk de repeterende breuk in de geschiedenis van de hervorming: de eindeloze opsplitsingen zijn voortgekomen uit haarkloverijen over de feitelijke hoedanigheden van precies die werkelijkheid die ons te boven gaat.

BernhardReitsmaTwitterIn het geloofsgesprek (gesprek tussen individuen) dat Jansen voorstaat, botst hij onmiddellijk tegen theoloog Bernhard Reitsma (foto: Twitter) aan, die juist vanuit zijn bubbel met de ander die ook in zijn eigen bubbel zit, de religieuze dialoog wil aangaan. Vanuit de bubbel, oftewel in zijn visie bestaat het christendom wel, de islam eveneens.

Een oprechte en diepgaande dialoog is nodig juist omdat we niet identiek zijn. Dat is de grote uitdaging waar we in Nederland vandaag voor staan. Hoe we met verschillende en soms tegengestelde opvattingen, normen, gewoonten en manieren van doen een samenleving kunnen creëren waarin ruimte is voor iedereen. Het gesprek daarover is de echte dialoog.’ (Reitsma)

De vraag van Jansen is wie die dialoog dan gaat voeren. ‘Namens het christelijk geloof: Reitsma of De Lange of Oosterhuis of Van der Staaij…?’ Jansen kan er geen chocola van maken en stelt bovendien dat het religieuze gelijk niet te halen valt omdat we het hier nu eenmaal over God hebben.

En het meest kenmerkende voor God is juist dat hij/zij/het aan al onze waarheidsclaims ontstijgt. Je kunt niets feitelijks over God zeggen.’ (Jansen)

Een geloofsgesprek of interreligieuze dialoog is dan per definitie zinloos, lijkt me. Augustinus zei toch al te zwijgen en niet te kletsen over God, want doordat je je mond vol hebt van hem, lieg je en doe je zonde?

Maar wil je zonder zonde zijn en volkomen, klets dan niet over God! Ook moet je God niet willen kennen, want God is boven alle kennen verheven.’ (Augustinus)

Wim-JansenNieuwWijDat maakt het geloofsgesprek een stuk gemakkelijker. Dat hoeft dan niet meer. Dat wordt immers een loos gesprek, onmogelijk, net als een interreligieuze ‘dialoog’ waarin iedereen in zijn eigen bubbel blijft ronddobberen. Het toppunt van reformatie is dan, dat zou Luther zelfs niet verzonnen hebben: allemaal zwijgen over God. Nu. Alle kerken tegen de vlakte. De ultieme beeldenstorm.

Aanhangers van religies komen er onderling al niet uit om zich in te leven in het standpunt tegenover, laat staan als je iets moet verstaan in de volstrekt vreemde taal van een (andere) religie.’ (Jansen)  

Wim Jansen (foto: NieuwWij) vindt dat het moet gaan over de mens achter zijn religie. Dus ook de mens achter zijn atheïsme, neem ik aan, de mens achter zijn religieloze mystiek, de mens achter zijn transcendente ervaring. En zo komen we uit bij het humanisme, pardon, het humanisme bestaat ook al niet. Ook ieder mens leeft in zijn eigen bubbel, want de mens bestaat eveneens niet, evenmin als de Nederlander. In het geloofsgesprek heeft uiteindelijk iedereen zijn eigen god. En God zelf? De werkelijkheid die ons te boven gaat? God heeft geen religie.

Bronnen (NieuwWij):
“Er is geen echte dialoog als ik bij voorbaat tussen haakjes zet wie ik ben”
*  De waan van het religieuze gelijk

Beeld: Glaskunstenaar Peter Vormer – een hedendaagse illustratie van de metafoor waarmee Dionysius de onkenbare eenheid van God aanduidt – als de ‘oorspronkelijke en bovenoorspronkelijke lichtgave’, die ‘door een bonte vormenrijkdom van de heilige omhullingen bedekt is’. (iona.nl)

‘Interreligieuze dialoog meestal ook veilige dialoog’

9789023971054_5670_front (1)

‘Niks mis mee natuurlijk,’ zegt reli-ondernemer Enis Odaci. ‘Maar leren we de ander dan eigenlijk wel goed kennen? Wordt het niet pas spannend wanneer de interreligieuze boot gevaarlijk dicht langs de dogmatische ijsschotsen vaart? Of leidt één verkeerde opmerking direct tot schipbreuk? Dat risico voelen we natuurlijk feilloos aan, dus praten we vooral over religieuze koetjes en kalfjes.’

Ga maar na: hoe vaak heeft u het met joden erover dat zij de christelijke verlossingsleer volledig verwerpen? Vindt u het fijn wanneer moslims de drie-enige godheid binnen het christendom afkeuren? Vertelt u open en bloot dat u Mohammed eigenlijk helemaal geen profeet vindt? Ik vermoed van niet, uit respect voor de ander, of uit angst voor de ander. Jammer, want zo worden potentieel geweldige ontmoetingen bedekt onder een laag goede bedoelingen.’ (Odaci)

EnisOdaciTwitterOm die redenen is Enis Odaci (foto Twitter), eindredacteur van Nieuwwij,  blij met het nieuwste boek van theoloog Bernhard Reitsma – bijzonder hoogleraar voor de kerk in de context van de islam – getiteld Kwetsbare liefde – De kerk, de islam en de drie-enige God. Over dit boek schrijft Trouw dat Reitsma zich serieus heeft verdiept in de islam, uit persoonlijke ervaring spreekt en zich niet laat leiden door angst.

En juist omdat hij zo stevig in zijn geloof staat, durft hij nieuwsgierig en opvallend onbevooroordeeld over de schutting te kijken. Het staat nog te bezien of hij met dit boek veel Nederlandse moslims zal bereiken, maar als u vanuit een christelijke achtergrond eens een pittig potje wilt sparren over kerk en islam, heeft u aan Reitsma een prima partner.’ (Trouw)

Reitsma zegt dat het natuurlijk afhangt van de definitie van dialoog: als dialoog betekent: we gaan samen ontdekken wie God is, en dan beginnen we zo open mogelijk, ja dan kan ik me de scepsis voorstellen. Als dialoog betekent, we gaan met elkaar in gesprek vanuit onze eigen identiteit als moslims en christenen, dan ligt het anders.

Bij een dergelijke dialoog realiseer ik mij, dat we over tal van zaken fundamenteel verschillend denken. De dialoog is dan bedoeld om ons voor de ander open te stellen, om die geloofsovertuigingen en geloofservaringen – ook op kritische wijze – te bespreken.’ (Reitsma)


‘Wat mij betreft gaat het er in de eerste plaats om wie Jezus Christus is. Bij hem zie ik hoe God het leven bedoeld heeft en hoe het hij leven herstelt. Daar zie ik dus grote verschillen tussen islam en christendom (de christelijke kerken leren dat Jezus Gods zoon is, volgens de islam is Jezus een profeet, red.). Daar kan ik niet van afwijken. Je kunt het niet met God op een akkoordje gooien, zo van: we doen een beetje meer van mijn God en een beetje minder van de jouwe.’ (Reitsma in Trouw)


Voor moslim Odaci leverde zijn ontmoeting met protestant Reitsma geen scheve gezichten op. Integendeel, achteraf dacht hij hoe het kan dat zij zo rustig over onze wezenlijke, existentiële verschillen hebben kunnen debatteren. Odaci denkt dat dat antwoord vooral in de eerlijkheid ligt en in de acceptatie dat er nimmer een theologische middenweg gevonden kan en zal worden in de interreligieuze dialoog.

Gewoon, eerlijk vertellen wat we geloven. En ook vertellen hoe zich dat verhoudt tot het geloof van de ander.’ (Odaci)

BernhardReitsmaTwitterBernhard Reitsma (foto: Twitter) zal zich in ieder geval – zowel op de Christelijke Hogeschool Ede als aan de VU – vanuit de christelijke bronnen met die vragen van botsende perspectieven bezig gaan houden.

Hoe kunnen we met een grote diversiteit aan stellige overtuigingen in Nederland toch een huis creëren, waar voor iedereen plaats is. En waar liggen dan de grenzen, want we willen ons wel houden aan de grenzen van de rechtsstaat? En wie bepaalt dan wat daarbinnen wel of niet welkom is?’ (Reitsma)

Kwetsbare liefde – De kerk, de islam en de drie-enige God  | Bernhard Reitsma | Boekencentrum Uitgevers | 2017 | ISBN 9789023971054 | 256 pagina’s | € 19,90

Zie:
“Er is geen echte dialoog als ik bij voorbaat tussen haakjes zet wie ik ben”
De interreligieuze dialoog mag wel wat eerlijker