De Dalai Lama leest Jezus’ Bergrede

Vredige Kerst? – ‘Zij die vrede brengen, zijn kinderen van God’. Zo klinkt een van de Zaligsprekingen uit Jezus’ Bergrede. Omdat het de natuur van God is vrede en eenheid te brengen waar onenigheid en verdeeldheid heersen. – Rond Kerstmis 2023 is vrede wereldwijd helaas ver te zoeken. ‘Zij die zuiver van hart zijn, zullen God zien’, heeft indirect ook met vrede te maken. Daarmee wordt niet bedoeld ‘religieuze rituele zuiverheid’ of ‘morele zuiverheid’. Zuiverheid van hart is ‘het vermogen de werkelijkheid te zien zoals ze is, niet vertekend door egocentrisme’. On-enigheid kan dan leiden tot eenheid, en on-vrede tot vrede.

‘De verzen uit de Zaligsprekingen lijken ook te verwijzen naar het principe van causaliteit’
(Z.H. de Dalai Lama)

Het Nieuwe Testament in boeddhistisch perspectief
E
ind 2023 verscheen de derde druk van Het Goede Hart. Hierin bespreekt de spirituele leider van de Tibetaanse boeddhisten de opmerkelijke overeenkomsten en raakvlakken tussen het christendom en het boeddhisme. Ook de verschillen. Tegelijkertijd moedigt de Dalai Lama iedereen aan zijn eigen spirituele pad niet te verlaten, maar dit – mede door de uitwisseling met andere spirituele wegen – juist verder te verdiepen.

Spiritueel pad
Als de Dalai Lama de Zaligsprekingen leest, is het eerste wat bij hem opkomt dat ‘de essentie ervan is dat wie bereid is een spiritueel pad te gaan en de ontberingen en pijn die dit met zich meebrengt te dragen, de vruchten van zijn toewijding zal plukken’. Na zijn vervolg-commentaar op de Bergrede, is in Het Goede Hart een boeiende discussie erover te vinden tussen de Dalai Lama en andere deelnemers van het John Main Seminar van 1994. Het Goede Hart is het resultaat van een interreligieuze dialoog.

Karma
Z
.H. de Dalai Lama verwijst naar karma: ‘Wanneer je op een bepaalde manier handelt, zal je een bepaald resultaat ervaren, en wanneer je nalaat op een bepaalde manier te handelen, zal je dat resultaat niet ervaren’.Causaliteit is de relatie tussen oorzaak en gevolg in de natuurlijke wereld. De Dalai Lama verwijst met karma naar de morele oorzaak en gevolg, en de gevolgen van iemands daden en intenties.

Alle grote spirituele tradities lijken allemaal een centrale boodschap te hebben die gebaseerd is op het causaliteitsprincipe. Dat wil zeggen, als je goed doet, ervaar je gewenste resultaten, en als je kwaad doet, ervaar je ongewenste resultaten. Deze fundamentele ethische boodschap lijkt inherent te zijn aan alle grote spirituele tradities.’
(Z.H. de Dalai Lama)

‘Ik geloof niet dat het doel van de grote religieuze tradities is
om overal grote tempels en kerken te bouwen,
maar om binnen in onze harten tempels van goedheid en mededogen op te richten.’
Z.H. de Dalai Lama (Tenzin Gyatso, 2020)

Deugdzaamheid en echt geluk
Het Goede Hart is een verkenning van het Evangelie met de Dalai Lama en de andere deelnemers aan het jaarlijkse John Main Seminar (1994). In dat jaar was de Dalai Lama de voorzitter. Behalve een weergave van het Seminar bevat het boek teksten met de christelijke en boeddhistische context. Bijzonder boeiend en inzichtgevend vind ik – naast de prachtige bijdragen van de Dalai Lama – de inbreng van benedictijner monnik Laurence Freeman. Hij schetst bijzonder verhelderend de christelijke context bij elk van de Evangeliepassages die de Dalai Mala bespreekt.

In de Zaligsprekingen legt Jezus de aard van zaligheid en geluk uit. Dit is in overeenstemming met de hele Bijbelse traditie die benadrukt dat deugdzaamheid en echt geluk hand in hand gaan.’
(Laurence Freeman)

Morele revolutie
F
reeman voorziet de Zaligsprekingen van context, noemt ze van nature paradoxaal en dat ze ‘een morele revolutie beschrijven in de menselijke natuur die tot op de dag van vandaag nog niet voltooid is. Daarom is het Koninkrijk van God zowel ‘hier’ als ‘nog in aantocht’.


Benedictijner monnik Laurence Freeman OSB (2020)

Arm van geest?
Zij die arm van geest zijn,’ zegt Freeman, betekent hier ‘niet bezitterig’ of ‘een niet-vastklampende houding ten aanzien van alles’. Arm van geest is ‘wanneer we weten dat we niet op onszelf staan, maar onderling afhankelijk zijn en verantwoordelijk voor elkaar’. Freeman zegt dat aan het einde van de Bergrede Jezus zijn volgelingen vertelt hoe belangrijk ze zijn voor de wereld,

dat ze het zout der werkelijkheid en het licht der waarheid zijn. Hun missie is gezien en gehoord te worden omwille van het werk dat voortvloeit uit het besef van de wezenlijke goedheid van de menselijke natuur – het goede hart.’
(Freeman)

(Kerst)rituelen
Tot slot – Kerstmis – wat zegt de Dalai Lama over de rol en het belang van het ritueel in onze spirituele beoefeningen?

De spirituele ruimte of de sfeer die je schept met behulp van rituelen en formaliteiten kan je ervaring sterk beïnvloeden. Maar als die innerlijke dimensie, die spirituele beleving waarnaar je streeft, ontbreekt, worden rituelen louter formaliteiten, franje. Dan verliezen ze hun betekenis en verworden tot zinloze gebruiken – alleen een excuus om de tijd door te komen.’
(Z.H. de Dalai Lama)

Spiritueel belevende rituelen gewenst bij Kerst- en Bohdiboom
De meditatie kan beginnen

🎄✌️💝🌟   

Bron: Het Goede Hart |  Uitgever Maytrea | Derde druk | 2023 | 239 blz. | 19,95 | pdf & epub: € 12,95 | (De eerste druk van Het Goede Hart kwam twee jaar na het seminar uit, in 1996.)
Beeld: Carl Heinrich Bloch 1834 – 1890 – ‘De Bergrede wordt wel de kern van het Nieuwe Testament genoemd. Voor velen is deze toespraak van Jezus over het koninkrijk door de eeuwen een bron van inspiratie geweest voor een radicaal leven.’ (levenindekerk.nl)
Foto Tenzin Gyatso: scroll.in – From the biography: How the Dalai Lama combines a rationalist’s view with a spiritual outlook.
Foto Laurence Freeman OSB: Science & Wisdom LIVEsciwizlive.com

Het ondenkbare dat God niet bestaat

De kracht van Godsargumenten is dat ze gezamenlijk een cumulatieve casus vormen voor Gods bestaan. Vele malen sterker dan elk argument afzonderlijk. Ook al is voor filosoof en wiskundige Emanuel Rutten geloof in God op zichzelf al een legitieme basisovertuiging, die zonder rationele argumenten intellectueel eveneens is gerechtvaardigd. Niettemin formuleert Rutten sinds zijn ‘modaal-epistemische Godsargument’ (2012) meerdere rationele argumenten voor het bestaan van God. In zijn komende boek Datgene waarboven niets groters gedacht kan worden staan acht nieuwe.

‘Bestaat er iets waarboven niets groters gedacht kan worden? Iets subliems dat de oorsprong van de wereld is?’
(Emanuel Rutten)

Op grond van Godsargumenten kun je laten zien dat God bestaat en bepaalde eigenschappen bezit zonder dat je daarbij het wat van God helemaal pretendeert te doorgronden. Er blijft voldoende ruimte over voor het mysterie omtrent Gods wezen.’
(Uit: En dus bestaat God) 


Emanuel Rutten

Wat Rutten doet, is niet nieuw. Paulus deed dat lang geleden ook al. In de Bijbel tref je passages aan die gelovigen aansporen om de redelijkheid van hun geloof inzichtelijk te maken voor zichzelf en anderen.

Paulus stelt in zijn brief aan de Romeinen bijvoorbeeld dat ieder mens het bestaan van God uit de schepping kan afleiden en Petrus wijst er in zijn eerste brief op dat christenen altijd bereid moeten zijn om verantwoording af te leggen voor de hoop die in hen is.’
(Uit: En dus bestaat God) 

Toen Ruttens proefschrift Towards a Renewed Case for Theism (2012) naar de drukker ging, gaf hij een zeer beknopte samenvatting van de inhoud. De filosoof stelt daarin dat er al vanaf Plato rationele argumenten zijn ontwikkeld voor het bestaan van God. En dat in de laatste decennia de filosofische belangstelling ervoor weer sterk is toegenomen.

Rutten onderzoekt in zijn proefschrift kosmologische argumenten. Hierbij wordt het bestaan van God afgeleid uit het feitelijke gegeven dat er veroorzaakte dingen bestaan. Hij betoogt dat de onderzochte argumenten gezamenlijk genomen aannemelijk maken dat de kosmos is veroorzaakt door een noodzakelijk bestaand en vrij wezen, maar dat daarmee nog niet is beargumenteerd dat dit wezen ook de eerste onveroorzaakte oorzaak van de gehele werkelijkheid betreft, wat van God doorgaans wel gezegd wordt.’
(Uit: Proefschrift)

En dit najaar verschijnen er acht nieuwe argumenten in Datgene waarboven niets groters gedacht kan worden. Rutten toont daarin inzichten uit de metafysica, kennisleer, taalfilosofie en esthetiek. Zo komt hij tot nieuwe argumenten voor het bestaan van een geestelijke grond van de werkelijkheid. Ze gaan verder dan de traditionele, bekende argumenten en bieden zo een originele kijk op de eeuwenoude vraag naar het bestaan van God.

De titel van het boek verwijst naar Anselmus (1033 – 1109). Deze filosoof en theoloog vond het ‘ondenkbaar dat God niet bestaat’, en verwierf zich een blijvende plaats in de geschiedenis van de wijsbegeerte met zijn argument dat ervan uitgaat dat ieder weldenkend mens God definieert als ‘datgene waarboven niets groters gedacht kan worden’.

Uit zijn essentie kan zijn existentie worden afgeleid. Immers als God alleen als gedachte in het verstand zit, maar niet in de werkelijkheid bestaat, is alles wat wel bestaat groter dan het hoogst denkbare. En dat is een contradictie, aldus St. Anselmus. Ergo: God bestaat.’
(KRO-NCRV)

Bronnen:
* Datgene waarboven niets groters gedacht kan worden – Acht nieuwe argumenten voor het bestaan van God | Emanuel Rutten | Kokboekencentrum | Najaar 2023 | ISBN: 9789043540285 | 192 pagina’s | paperback € 18,99 | E-book € 9.99
* En dus bestaat GodDe beste argumenten | Emanuel Rutten, Jeroen de Ridder | Buijten & Schipperhein | € 17,90

* KRO-NCRVAnselmus van Canterbury
* Eerdere blogs van ‘Goden en Mensen

Beeld: OMGMagazine
Foto Emanuel Rutten: Patrick Post – VU Amsterdam, juli 2023

!►Tip: Een filosofische bijsluiter voor de Godsargumenten
‘Rationele argumenten voor het bestaan van God, zoals kosmologische argumenten, ontologische argumenten of het modaal-epistemisch argument, stuiten bij zowel gelovigen als ongelovigen regelmatig op onbegrip.
Dat is jammer omdat dit onbegrip meestal wordt veroorzaakt door misverstanden die eenvoudig voorkomen kunnen worden. Het leek me daarom goed om een filosofische bijsluiter voor Godsargumenten te schrijven.
De bijsluiter lost de belangrijkste misverstanden kort en bondig op. Wie voor het eerst kennismaakt met Godsargumenten doet er daarom goed aan eerst even de bijsluiter te lezen. Daarna kan dan alle aandacht uitgaan naar de argumenten zelf.’
(E.R.)

Update: 10 09 2023 19.56 uur. (Aangevuld: Beeld: OMGMagazine)

‘De denker is altijd religieus’

De denker is altijd religieus, omdat die niet kan denken op een filosofische manier zonder contact te hebben met het wonder van betekenis. Maar de denker kan heel goed denken, zonder gelovig te zijn in termen van een christelijke dogmatiek. – Met de zichzelf ‘in zekere zin’ als een gelovige beschouwende Denker des Vaderlands Paul van Tongeren, heeft Soφie een interview over ‘betekenis’ als kernwoord van de filosofie en de verhouding tussen filosofie en religie. ‘Het wonder van betekenis’ is het punt waarop religie en filosofie elkaar raken.

‘Een filosofische vraag is per definitie een vraag naar betekenis’
(Paul van Tongeren)

Het wonderlijke dat de werkelijkheid voor ons altijd al betekenisvol is, wordt in de religie uitgelegd in rituelen, praktijken, gebeden en theologische theorieën. Datzelfde wonderlijke gegeven wordt in de filosofie geuit en uitgelegd in de vragende houding. Wat is dat eigenlijk, ‘natuur’, of wat is nu eigenlijk ‘mens-zijn’ of ‘menswaardig zijn’. Die vragende en onderzoekende houding, dat is de filosofische houding ten opzichte van betekenis. Terwijl de aanbiddende, vererende cultiverende praktijk de religieuze uitwerking ervan is.’

Op de vraag wanneer de relatie tussen religie en filosofie problematisch wordt, zegt Van Tongeren dat het lastig wordt op het moment dat religie een heel bepaalde vorm krijgt, bijvoorbeeld de christelijke religie of de reformatorische interpretatie van het christendom.

Paul van Tongeren schreef Het wonder van betekenis, Hierin zegt hij dat een van de problemen van spreken over het wonder is dat het door die term onmiddellijk religieus gaat klinken.

Een wonder is nu eenmaal iets dat de wetenschap niet, of niet helemaal, kan verklaren. Ik vind dat niet zo erg trouwens, die religieuze bijklank. Het is zelfs een beetje mijn bedoeling die associatie te wekken. (…) Ik ga in tegen seculariserende stemmen die wat er nog van godsdienst rest in onze samenleving willen wegpoetsen, inclusief zelfs maar de herinnering eraan, alsof het de laatste restjes middeleeuwse achterlijkheid betreft. Zo van: dat hebben we nou gehad, nu kunnen eindelijk redelijk gaan denken.’
(Uit: Het wonder van betekenis)

De auteur gaat op zoek naar geluk en wijsheid. En zegt dat ons denken uitgedaagd wordt door het grootste wonder dat er is: dat er betekenis bestaat. Dat wij niet anders kunnen dan betekenis zien, horen, voelen, ruiken, kennen. Die betekenis is er niet zonder ons. Wat zou er überhaupt kunnen zijn zonder ons?

De filosoof hoeft niet zijn eigen geloofspraktijk tussen haakjes te zetten. Laat ik zeggen hoe het voor mij is: ik beschouw mijzelf in zekere zin als een gelovige. Ik kan niet anders dan zeggen ‘in zekere zin’, vanwege wat volgt. Dat zet ik niet tussen haakjes als ik denk. Maar dat neemt niet weg dat ik denkend kan zeggen: God is een naam die we geven aan een soort knooppunt van betekenis en betekenisgeving. Terwijl ik in de kerk een gebed kan uitspreken, waarin ik God zeg, maar dan op een andere manier’

Er is een zekere gespletenheid in mij, zegt Van Tongeren, als hij zichzelf een filosoof en ook een gelovige noemt. Niet omdat hij niet beide tegelijkertijd kan zijn, maar omdat hij een andere taal in de kerk spreekt dan achter zijn bureau.

Dat leidt tot het volgende soort paradoxale uitspraken: ik kan bidden tot God en tegelijkertijd zeggen dat ik helemaal niet weet wat dat betekent. Hoe ik die twee bij elkaar krijg? Daar heb ik eerlijk gezegd niet zoveel moeite mee.’

Als bepaalde betekenissen in onze cultuur zo sterk door een bepaalde religieuze praktijk gevormd zijn, dat we ze eigenlijk daarvan niet meer los kunnen maken – dankbaarheid bijvoorbeeld – dan dreigt er iets verloren te gaan, aldus de denker.

Niet de religieuze praktijk waarbinnen die betekenis gestaan heeft, maar die betekenisnotie zelf. Als wij de ervaring van dankbaarheid verliezen, omdat we die niet meer kunnen verstaan in termen van een bepaalde religie, dan ga ik niet die religie verdedigen, maar dan ga ik proberen de dankbaarheid te redden. Als filosoof probeer ik namelijk iedereen aan te spreken, niet alleen een religieus smaldeel.’


Friedrich Wilhelm Nietzsche

Over zijn relatie met het werk van Friedrich Nietzsche zegt Van Tongeren dat Nietzsche uitdrukkelijk het gevecht aangaat met religie, maar tegelijkertijd een merkwaardig soort van affiniteit met religie ziet. Hij houdt zich veel bezig met Also sprach Zarathustra. Dat werk ziet hij door en door verweven met religieuze en vooral Bijbelse literatuur.

In een ander werk, De antichrist, staat een lofzang op de Jezusfiguur. Tegelijkertijd is er een enorme haat. Natuurlijk geeft dat een spanning, maar dat is wat Nietzsche voor mij aantrekkelijk maakt. Het is iemand die je voortdurend weer wakker schudt, irriteert en prikkelt. Ik kan die spanning tussen Nietzsche en mijn religieus-zijn absoluut niet wegnemen. Maar daar heb ik ook helemaal geen behoefte aan. Dat hoort erbij.’

Bron: Betekenis als het hart van de filosofie (Soφie)
Beeld: Tim Dirven, Museum Leuven, De Morgen (B)
Beeld Nietzsche: Filosofie Magazine

Het wonder van betekenis | Marc van Dijk – Paul van Tongeren | Boom Filosofie | € 17,50 | E-book € 14,90

►Tip!
De Ongelooflijke Podcast 8 januari 2023, #122: ‘God is dood’, zei Nietzsche. Heeft hij een punt? – met Denker des Vaderlands Paul van Tongeren en theoloog Stefan Paas.

‘Horen wij nog niets van het gedruis der doodgravers die God begraven hebben? Ruiken wij nog niets van de goddelijke ontbinding? – ook goden raken in ontbinding! God is dood! God blijft dood! En wij hebben hem gedood!’
(Uit: GodenEnMensen: Friedrich Nietzsche, De dolle mens – vertaald door Pé Hawinkels)

‘De werkelijkheid is alles maar bovenal niet redelijk’

Volgens godsdienstfilosoof en theoloog Taede Smedes heeft Dichter des Vaderlands Lieke Marsman geen wetenschapsfilosofische of logische exercities nodig om de onredelijkheid van de werkelijkheid in te zien. Op boeiende wijze gaat Smedes – in zijn recensie over het programma Zomergasten – in op het thema werkelijkheid in relatie met redelijk en onredelijk denken. En op ergens in geloven en zingeving.

‘Lieke Marsman zat in een behoorlijk dal, worstelde met vragen over leven en dood, maar als iemand die atheïstisch was opgevoed had ze geen taal meegekregen om aan die worsteling woorden te geven’

Smedes doet rake observaties over belangrijke thema’s die Jeanine Abbring laat liggen in het gesprek met Lieke Marsman. ‘Vooral de zaken die met zingeving te maken hadden, kregen door Abbrings aanpak geen diepgang.’

Filosoof Marsman schreef onder meer de dichtbundel In mijn mand waarin zij de grootste thema’s die het menselijke bestaan kenmerken behandelt: de waarde van het leven en de plek van de dood in een mensenleven. Marsman zelf is ernstig ziek.

‘Hoe leef je met een levensbedreigende ziekte? Hoe verandert dat je blik op de wereld, op wat van waarde is, op wat je je herinnert en het verloop van de tijd? En hoe verhoud je je tot de wereld in dergelijke omstandigheden? Trek je je eruit terug, of laat je je juist gelden en houd je die wereld een spiegel voor? Lieke Marsman kiest resoluut voor het laatste.’ 
(Uit: In mijn mand)

Alles draait volgens Smedes om zingeving en Marsmans zoektocht daarnaar. Zij spreekt onder meer over haar belangstelling voor ufo’s en dat haar ufo-belangstelling mede opkwam in een tijd waarin ze met zingeving worstelde. Ook heeft Marsman religieuze ervaringen gehad.

‘Ze had te horen gekregen dat ze ongeneeslijk ziek was, waarbij ze niet wist hoelang ze nog te leven had. Ze zat in een behoorlijk dal, worstelde met vragen over leven en dood, maar als iemand die atheïstisch was opgevoed had ze geen taal meegekregen om aan die worsteling woorden te geven. Ze wendde zich tot de Bijbel, die haar cultureel het meest nabij stond. Ze verdiepte zich in nabij-de-doodervaringen.’


‘Oneindigheid van tijd houdt me overeind nu.
Hoe lang de dag ook leek, het was een snipper.
Hoe kort de dag ook lijkt, er is nog tijd.’

Lieke Marsman

Smedes verwijst naar getwitter over Marsmans fascinatie voor ufo’s: te buitenissig en te onredelijk. Hadden ze een punt, vraagt hij zich af. Integendeel, ze hebben het punt volledig gemist, vindt hij. Recensent Jan Postma, in De Groene Amsterdammer, ziet volgens Smedes waar het bij Marsman om draait als hij schrijft:

‘Ze was kwetsbaar en onzeker en onbeschaamd onredelijk. Ze liet zien dat voor wie grip probeert te krijgen op het lot alle middelen gerechtvaardigd zijn. ‘Het is ook gewoon oké om ergens in te geloven en dat het dan niet waar is,’ zei ze.’
(Jan Postma)

Smedes is van mening dat het misschien zo is dat iemand, die de onredelijkheid van de werkelijkheid letterlijk aan den lijve heeft ondervonden, ineens als door een verlichtingservaring ziet dat de werkelijkheid alles maar bovenal niet redelijk is. Hij verwijst naar The Dappled World van wetenschapsfilosoof Nancy Carwright. In dat boek verdedigt ze de stelling dat de werkelijkheid niet redelijk is, maar ten diepste chaotisch en onredelijk.

‘De natuurwetten die wij menen te ontdekken zijn eilanden van orde in een verder onredelijk en chaotisch universum.’
(Carwright)

Marsman heeft die onredelijkheid in haar lichaam zitten, die woekert en knaagt en poogt om haar juist dat te ontnemen wat ze zo liefheeft: het leven. Aan het slot van de recensie, die wat mij betreft de verdieping is van zoals Zomergasten had moeten zijn, zegt Smedes:

‘Als je de onredelijkheid van het bestaan lichamelijk ondergaat, en daarmee de beperkingen inziet van de menselijke redelijkheid die vergeefs grip probeert te krijgen en zich bij tijd en wijle wentelt in de illusie door wetenschappelijke kennis grip te hebben –
hoe onredelijk is het dan voor Marsman om in God te geloven of te geloven in een voortbestaan van bewustzijn na de lichamelijke dood of te geloven dat we wellicht bezocht worden door buitenaardse beschavingen die ons ver vooruit zijn? Sterker nog, welke kleingelovige zal dan nog durven beweren dat juist zij onredelijk is?’

Zie:
* Zomergasten: Lieke Marsman (VPRO)

* Lieke Marsman in Zomergasten, 14 augustus 2022 (Taede Smedes – Sinds september 2022 verbonden aan de de Radboud Universiteit als docent Systematische Theologie bij de Faculteit Theologie)
*
In mijn mand | Lieke Marsman | 08-08-2022 | Uitgeverij Pluim | 53 Pagina’s | € 24,99

Beeld: Installatiekunst Meyke de Leeuw: ‘Iedereen heeft een ander beeld van de werkelijkheid’
Foto Lieke Marsman: Twitter