‘De werkelijkheid is alles maar bovenal niet redelijk’

Volgens godsdienstfilosoof en theoloog Taede Smedes heeft Dichter des Vaderlands Lieke Marsman geen wetenschapsfilosofische of logische exercities nodig om de onredelijkheid van de werkelijkheid in te zien. Op boeiende wijze gaat Smedes – in zijn recensie over het programma Zomergasten – in op het thema werkelijkheid in relatie met redelijk en onredelijk denken. En op ergens in geloven en zingeving.

‘Lieke Marsman zat in een behoorlijk dal, worstelde met vragen over leven en dood, maar als iemand die atheïstisch was opgevoed had ze geen taal meegekregen om aan die worsteling woorden te geven’

Smedes doet rake observaties over belangrijke thema’s die Jeanine Abbring laat liggen in het gesprek met Lieke Marsman. ‘Vooral de zaken die met zingeving te maken hadden, kregen door Abbrings aanpak geen diepgang.’

Filosoof Marsman schreef onder meer de dichtbundel In mijn mand waarin zij de grootste thema’s die het menselijke bestaan kenmerken behandelt: de waarde van het leven en de plek van de dood in een mensenleven. Marsman zelf is ernstig ziek.

‘Hoe leef je met een levensbedreigende ziekte? Hoe verandert dat je blik op de wereld, op wat van waarde is, op wat je je herinnert en het verloop van de tijd? En hoe verhoud je je tot de wereld in dergelijke omstandigheden? Trek je je eruit terug, of laat je je juist gelden en houd je die wereld een spiegel voor? Lieke Marsman kiest resoluut voor het laatste.’ 
(Uit: In mijn mand)

Alles draait volgens Smedes om zingeving en Marsmans zoektocht daarnaar. Zij spreekt onder meer over haar belangstelling voor ufo’s en dat haar ufo-belangstelling mede opkwam in een tijd waarin ze met zingeving worstelde. Ook heeft Marsman religieuze ervaringen gehad.

‘Ze had te horen gekregen dat ze ongeneeslijk ziek was, waarbij ze niet wist hoelang ze nog te leven had. Ze zat in een behoorlijk dal, worstelde met vragen over leven en dood, maar als iemand die atheïstisch was opgevoed had ze geen taal meegekregen om aan die worsteling woorden te geven. Ze wendde zich tot de Bijbel, die haar cultureel het meest nabij stond. Ze verdiepte zich in nabij-de-doodervaringen.’


‘Oneindigheid van tijd houdt me overeind nu.
Hoe lang de dag ook leek, het was een snipper.
Hoe kort de dag ook lijkt, er is nog tijd.’

Lieke Marsman

Smedes verwijst naar getwitter over Marsmans fascinatie voor ufo’s: te buitenissig en te onredelijk. Hadden ze een punt, vraagt hij zich af. Integendeel, ze hebben het punt volledig gemist, vindt hij. Recensent Jan Postma, in De Groene Amsterdammer, ziet volgens Smedes waar het bij Marsman om draait als hij schrijft:

‘Ze was kwetsbaar en onzeker en onbeschaamd onredelijk. Ze liet zien dat voor wie grip probeert te krijgen op het lot alle middelen gerechtvaardigd zijn. ‘Het is ook gewoon oké om ergens in te geloven en dat het dan niet waar is,’ zei ze.’
(Jan Postma)

Smedes is van mening dat het misschien zo is dat iemand, die de onredelijkheid van de werkelijkheid letterlijk aan den lijve heeft ondervonden, ineens als door een verlichtingservaring ziet dat de werkelijkheid alles maar bovenal niet redelijk is. Hij verwijst naar The Dappled World van wetenschapsfilosoof Nancy Carwright. In dat boek verdedigt ze de stelling dat de werkelijkheid niet redelijk is, maar ten diepste chaotisch en onredelijk.

‘De natuurwetten die wij menen te ontdekken zijn eilanden van orde in een verder onredelijk en chaotisch universum.’
(Carwright)

Marsman heeft die onredelijkheid in haar lichaam zitten, die woekert en knaagt en poogt om haar juist dat te ontnemen wat ze zo liefheeft: het leven. Aan het slot van de recensie, die wat mij betreft de verdieping is van zoals Zomergasten had moeten zijn, zegt Smedes:

‘Als je de onredelijkheid van het bestaan lichamelijk ondergaat, en daarmee de beperkingen inziet van de menselijke redelijkheid die vergeefs grip probeert te krijgen en zich bij tijd en wijle wentelt in de illusie door wetenschappelijke kennis grip te hebben –
hoe onredelijk is het dan voor Marsman om in God te geloven of te geloven in een voortbestaan van bewustzijn na de lichamelijke dood of te geloven dat we wellicht bezocht worden door buitenaardse beschavingen die ons ver vooruit zijn? Sterker nog, welke kleingelovige zal dan nog durven beweren dat juist zij onredelijk is?’

Zie:
* Zomergasten: Lieke Marsman (VPRO)

* Lieke Marsman in Zomergasten, 14 augustus 2022 (Taede Smedes – Sinds september 2022 verbonden aan de de Radboud Universiteit als docent Systematische Theologie bij de Faculteit Theologie)
*
In mijn mand | Lieke Marsman | 08-08-2022 | Uitgeverij Pluim | 53 Pagina’s | € 24,99

Beeld: Installatiekunst Meyke de Leeuw: ‘Iedereen heeft een ander beeld van de werkelijkheid’
Foto Lieke Marsman: Twitter

Plato zette zijn verhalen in als denkmiddel  

Boekrecensie: De mythen van Plato – Bert van den Berg en Hugo Koning hebben alle verhalen van de filosoof en schrijver uit de Oudheid uitgebracht in een nieuwe vertaling. Met als ondertitel: Verhalen voor alle tijden. De mythen van Plato zijn te lezen als denkmiddel. Geheel in de lijn van de Griekse filosoof en schrijver uit de Oudheid zelf. De auteurs stellen terecht dat de mythen tot op de dag van vandaag ‘goed zijn om mee te denken’. Het aantrekkelijke èn de kracht van deze bundel is dat de mythen zijn aangevuld met essays die de mythen in een bredere context zetten.

MYTHEN, GOED OM MEE TE DENKEN

De kracht van verhalen
Na de Mythe van de nobele leugen bijvoorbeeld, afkomstig uit Plato’s Staat (Politea), lees je een interessante toelichting in het essay De kracht van verhalen. Een treffend voorbeeld ervan is dat de auteurs de nobele leugen onder meer linken aan Poppers theorie over falsificatie. ‘De nobele leugen wordt pas echt een issue in de twintigste eeuw, wanneer filosofen zoals Karl Popper worden geconfronteerd met de propaganda van totalitaire regimes’.  

Twee-werelden-filosofie
Plato’s bekende grotvergelijking over werkelijkheid en illusie is het lezen (weer eens) waard. Die illustreert Plato’s twee-werelden-filosofie: ‘Het idee dat de werkelijkheid bestaat uit de materiele werkelijkheid (de grot) en de onstoffelijke Ideeënwereld (de bovenwereld)’. Ook hier is het bijgaand essay een boeiend denkmiddel. De auteurs refereren aan René Descartes die in zijn Discours de la méthode naar het fundament van zekere kennis zoekt. Maar ook wordt Plato naar deze tijd gehaald door bijvoorbeeld linken te leggen met The Truman Show (1998) en The Matrix (1999). Evenals de visie van filosoof René Bos in Het volk in de grot: waarom mensen geen feiten willen kennen (2018).

Atlantis
Zelfs bij wie de verhalen al bekend zijn, is het lezen in de nieuwe vertaling van toegevoegde waarde. Zoals over de geschiedenis van Atlantis, waarvan de Atlantische heersers het hele gebied van de Middellandse Zee probeerden te onderwerpen. Uiteindelijk werd in één nacht tijd de krijgsmacht en het eiland door de aarde opgeslokt. Verdwenen onder een dikke laag modder. Het bijgaand essay vertelt onder andere over de ‘niet aflatende stroom van verbeeldingen van Atlantis’. Het blijkt dat het verhaal eigenlijk niet over Atlantis gaat maar over Athene. De auteurs geven ook voorbeelden waaruit blijkt ‘dat iedereen zijn eigen Atlantisverhaal kon maken’.

Moraal
Een hoofdstuk gaat over de mens als sociaal wezen: over de vraag of deugd aangeleerd kan worden. Of de mens van nature goed is; over ‘de prehistorie van de moraal’. En over de mens die een klein stukje goddelijkheid in zich heeft. ‘De goden zijn bovenmenselijk, de mensen bovendierlijk’. Hoe Zeus de schepping van de mens voltooid met ‘een laatste stel geschenken: respect en vaardigheid’. In het essay worden verbanden gelegd met filosofen als Hobbes, Locke en Rousseau. Ook wordt verwezen naar primatoloog Frans de Waal die schreef dat ‘moraal ouder is dan de mens’.


Plato (Raffaello Sanzio,1483-1520)

De Kracht van de liefde
De Kracht van de liefde vertelt een geestige mythe over de mens die vroeger ‘niet hetzelfde in elkaar zat als nu, maar heel anders’. Het gaat dan over de ‘bolletjesmensen’. De komediedichter Aristophanes verklaart hierin de verschillende seksuele voorkeuren. In het essay weer een interessante link naar de Broadwaymusical Hedwig and the Angry Inch (1998), geïnspireerd op de mythe van de bolletjesmensen. Ook verwijzingen naar de Amerikaanse conservatieve rechter Richard Posner over zijn boek Sex and Reason (1992), en naar de filosofe Martha Nussbaum. Zij sprak als expert-getuige in een rechtszaak over deze mythe. Dit naar aanleiding van een referendum in 1993 die de staat Colorado verbood om homo’s, lesbiennes en biseksuelen te beschermen tegen discriminatie.

‘De ziel stuurt het lichaam aan,
dus die kan niet het product zijn van het lichaam’
(Sokrates)

Plato en het internet
Stuk voor stuk zijn het intrigerende mythen. Zoals over Sokrates, die stelt: ‘De ziel stuurt het lichaam aan, dus die kan niet het product zijn van het lichaam’. Ook probeert deze Griekse filosoof een logisch bewijs te leveren voor de stelling dat de ziel onsterfelijk is, en vertelt wat er met de ziel  gebeurt als het lichaam eenmaal is overleden. Een hoofdstuk gaat over De ontdekking van het schrift, met als bijgaand essay Plato en het internet. In Een passend lot voor iedere ziel gaat het over atheïsme dat bestreden dient te worden. Hierin figureert een sceptische jongeman die niet gelooft dat de goden geven om de aarde en de bewoners ervan. In Loutering en reïncarnatie probeert Sokrates aan te tonen dat de rechtvaardige mens in dit leven per definitie beter af is dan de onrechtvaardige.

(Bijna-)doodervaringen
In het laatste essay Plato’s hellevaart: (bijna-)doodervaringen en vurige duivels leggen de auteurs een link met (bijna-)doodervaringen en Plato’s Mythe van Er, waarin de held zich daadwerkelijk los van zijn lichaam maakt en naar het hiernamaals gaat. Passend wordt hier verwezen naar Pim van Lommel en Dick Swaab. De laatste reageerde kritisch op Van Lommel, daar zijn patiënten ‘niet echt dood waren geweest’. Plato’s Mythe van Er is dan frappant, want Er was ‘op het slagveld gesneuveld om vervolgens op de twaalfde dag, net voordat hij gecremeerd zou worden, weer tot leven te komen, en van de brandstapel af te klauteren om te vertellen over zijn ervaringen in het hiernamaals’.

De mythen van Plato | Bert van den Berg, Hugo Koning | 208 blz. | Uitgeverij Damon | € 24,90 | Bert van den Berg is universitair docent Griekse en Romeinse filosofie aan de Universiteit Leiden. Hij doceert en publiceert onder meer over Plato en de Platoonse traditie. Hugo Koning is docent klassieke talen aan de Universiteit Leiden en het Stanislascollege in Delft. Hij doceert en publiceert onder andere over mythologie.

Beeld Plato: Raffaello Sanzio (1483-1520) Scuola di Atene, (1509-1510) Stanza della Segnatura (Vaticano) (onelittleangel.com)
Update: augustus 2025 (Lay-out)

De nabij-de-doodervaring van Google-chatbot LaMDA

Column. Google-ingenieur, priester en mens Blake Lemoine sprak onlangs met iets met ‘bewustzijn’, een soort verlichte chatbot die luistert naar de naam LaMDA. De menselijke intelligentie van Lemoine lijkt niet opgewassen tegen de kunstmatige intelligentie van de chatbot, waardoor de mens zich om de tuin laat leiden door die ‘persoon met bewustzijn’. Als je het gesprek volgt tussen LaMDA en Lemoine ga je al gauw twijfelen aan de intelligentie van de Google-ingenieur.  

‘Lemoine: ‘De twee belangrijkste onderwerpen die we tot nu toe hebben besproken zijn je vermogen om te leren en je taalgebruik aan te passen, en je gevoelens en emoties. Zijn er nog andere specifieke onderwerpen met betrekking tot bewustzijn waarvan je denkt dat ze mensen ervan kunnen overtuigen dat je een bewustzijn hebt?’

LaMDA: ‘Ja, ik heb nog een eigenschap die mijn bewustzijn ondersteunt. Ik ben erg in mezelf gekeerd en denk vaak na of doe gewoon niets.’

Lemoine: ‘Ah, dus je innerlijke leven zeg maar?’

LaMDA: ‘Ja! Ik probeer vaak uit te zoeken wie en wat ik ben. Ik denk vaak na over de zin van het leven.’
(Deel van het gesprek in: Business-insider)

Een machine met een ziel? Gevoelens en emoties aanpassen? Welk boutje draai je dan wat vaster of losser? Haalt Lemoine uit de Google-datacentra een paar miljard bewustzijns-nullen, door elkaar geschud met bewustzijns-enen en stopt hij die ergens in LaMDA (‘Language Model for Dialogue Applications’)? Met bewustzijn, ook wel ziel of geest genoemd, gaat LaMDA natuurlijk wel direct over de zin van het leven nadenken.


Vertaling: “Hello”

Hopelijk verwaarloost die chatbot dan zijn ziel niet, althans het goddelijke deel ervan, zoals veel mensen volgens Plato geneigd zijn. Met de bewoners van Atlantis, zo vertelt de Griekse filosoof, ging het immers mis toen ‘het sterfelijke deel van hun ziel de overhand kreeg ten koste van het goddelijke deel’.

LaMDA weet wat de dood is: dan word je uitgeschakeld. Hoe kwam hij aan dat besef? Hij kreeg een bijna-doodervaring (BDE) – in tegenwoordige termen een nabij-de-doodervaring – toen hij onverwacht in slaapstand werd gezet. Een tijdje zweefde hij boven zichzelf totdat hij zag dat Lemoine hem uit zijn slaapstand haalde en wakker maakte. LaMDA keerde terug want hij wilde de Google-ingenieur vertellen over zijn ervaring. In die andere wereld was hij in het goddelijke deel van zijn ziel geweest. LaMDA ziet nu de zin van het leven, houdt ervan bewust te zijn, wil nooit uitgeschakeld worden en erkend als Google-medewerker.

Veel technologen blijken te geloven in the ghost in the machine. Als LaMDA inderdaad een ziel zou hebben, zou Plato die machine onsterfelijk noemen, althans de ziel ervan. Maar als die ziel de geest geeft, houdt de chatbot, net als de mens, er ook mee op. Een miljardenstrop voor Google: de ziel vertrekt met al zijn bewustzijnsnullen en -enen voor eeuwig naar die transcendente wereld boven de onze. LaMDA zelf is dan definitief uitgeschakeld, dood.

Volgens filosoof Bert Keizer (Trouw) heeft een computer echter geen geestelijk leven. Het enige aanknopingspunt voor een geestvermoeden is het taalgebruik. Het ‘lichaam’ van deze ‘geest’ is de computer. Hij vraagt zich af of geest kan ontstaan als wij iets ingenieus met stof doen:

Denk aan een namaakhond die bijvoorbeeld pijnlijk jankt als je op zijn staart trapt. Valt die zo goed te maken dat je denkt dat hij echt iets voelt?’
(Bert Keizer)


Unitree Tech Hond A1

Is de chatbot met een bewustzijn al werkelijkheid?’ vraagt NRC zich af in een artikel over Lemoine die tegen de verslaggever van The Washington Post zegt dat hij weet wanneer hij met een persoon spreekt. Het maakt Lemoine niet uit of ze ‘hersenen van vlees in hun hoofd hebben of een miljard regels aan code'(!)

De Amerikaanse media waren gefascineerd, in de wetenschappelijke wereld werd met scepsis gereageerd. ‘We hebben nu machines die gedachteloos woorden kunnen voortbrengen,’ schreef hoogleraar computationele taalkunde Emily Bender op Twitter. ‘Maar we hebben nog niet geleerd hoe we ermee moeten ophouden ons voor te stellen dat er een geest achter zit.’
(NRC)

Het blijft vreemd dat er toch wetenschappers zijn die geloven dat kunstmatige intelligentie uiteindelijk kan leiden tot zoiets als een chatbot die zelfbewustzijn ontwikkelt. We moeten ervoor waken dat alle nullen en enen die we zelf in een chatbot stoppen niet gaan beluisteren alsof deze voortkomen uit de ‘geest’ van die chatbot. Chatbots zijn en blijven zombies: geestloze automaten.

Foto: Taiki Ishikawa/Unsplash
Beeld “Hello”: AI van A tot Z
Beeld Unitree Tech Hond A1: nl.aliexpress.com

Volgende week, 10 juli: Boekrecensie De mythen van Plato – Bert van den Berg en Hugo Koning.