Bas Heijne: ‘Camus zocht de zin van het leven in de mens’

Van de Franse filosoof Albert Camus vind je zijn hele wereldbeeld terug in Een hogere liefde (2024). Bas Heijne licht dit toe in het inleidend essay over Camus’ Brieven aan een Duitse vriend, de oorspronkelijke titel. Zó gloedvol dat je dat boek per se wil lezen. – Camus schrijft over een ‘hogere liefde’ en legt aan zijn Duitse vriend uit (die hem verwijt niet van zijn land te houden) ‘dat hij wel degelijk van zijn land houdt, maar dat zijn liefde niet los kan bestaan van ‘kritische liefde’ op wat er niet goed is en ook niet los van het streven naar een rechtvaardige samenleving’. Heijne noemt het conflict dat Camus (1913-1960) beschrijft ‘schrijnend actueel’.

‘Camus zegt: ‘Mijn opdracht is hoe je zin in het leven kunt ontdekken zonder dat je in het bestaan van God of in de almacht van de rede gelooft.’
(Bas Heijne)

Zonder God?
O
ok in De Ongelooflijke Podcast van 24 november 2024 vertelt Heijne genuanceerd én vol passie over Camus. ‘Camus zocht de zin van het leven in de mens.’

Bas Heijne heeft als missie om grote denkers uit het verleden onder de aandacht te brengen, waaronder de Franse filosoof Albert Camus. Zijn werk is volgens Heijne urgent voor deze tijd. Camus dacht na over hoe je betekenis aan het leven kunt geven zonder God en religie. Hij zag mensen de leegte opvullen met nationalisme of zelfs nazisme, maar zelf vulde hij het met een geloof in de mens: humanisme. Maar kan dat wel zonder God?’
(De Ongelooflijke Podcast #221)

Balans en zuiverheid
I
n zijn romans, essays en krantenartikelen keerde Camus, vertelt Heijne in zijn essay, anders dan zo veel van zijn tijdgenoten, zich tegen het verlangen naar absolute ideologische waarheden. Camus was ‘een rusteloze ziel op zoek naar balans en zuiverheid.’

Bij hem geen sprake van blinde partijdigheid. Het slechte was nooit helemaal slecht, benadrukte hij, het goede nooit helemaal goed. Mensen waren kwetsbare wezens – en dat betekende dat je ze moest helpen waar je kon’.
(Uit: Een hogere liefde)


Bas Heijne

‘Denken vanuit eigen ervaring’
H
eijne maakt in zijn uitgebreide essay – en hierover vertelt hij eveneens in De Ongelooflijke Podcast – duidelijk dat Camus een twijfelaar was, voortdurend nadacht over zijn eigen denken. Als een echte filosoof – ook al ‘ontkende hij filosoof te zijn: hij dacht vanuit zijn eigen ervaring’ – brak Camus bijvoorbeeld in zijn lange, filosofische essay L’homme révolté (1951) zich het hoofd over de vraag ‘waarom de totale vrijheid altijd weer in massale slachtpartijen eindigt’.

Radicale intellectuelen
Dat was tegen het zere been van radicale intellectuelen. Opstandigheid met mate! brieste de surrealist André Breton naar aanleiding van dat boek. Wanneer je de hartstocht uit de opstand haalt, schreef hij honend in een kritiek, wat blijft er dan over?’
(Uit: Een hogere liefde)

Brieven aan een Duitse vriend is een geloofsbelijdenis met het mes op de keel’
(Bas Heijne, in deel 4 van zijn essay)

Hogere liefde essentieel
Voor Camus is zij [de hogere liefde] essentieel. En waard om voor te vechten wanneer dat noodzakelijk wordt. (…) De agressieve vaderlandsliefde van de vriend is uiteindelijk niets anders dan haat en frustratie – er moet een gapende leegte in hemzelf opgevuld worden. En dat kan alleen door middel van overheersing en vernietiging.
(Uit: Een hogere liefde)

Augustinus en Plotinus
C
amus studeerde af op Augustinus, vertelt Heijne in de podcast. ‘Hij is voortdurend aan het dubben of het wel goed is wat hij doet; hij worstelt ook, zou je kunnen zeggen, met de dood van God.’ – Civis Mundi schrijft hierover: ‘Vooral het werk van Plotinus vormt een onderliggende visie bij Camus. Augustinus heeft raakpunten met het werk van Camus’.

De doctoraalscriptie had als titel Christian Metaphysics and Neoplatonism: Plotinus and St Augustine, het derde en vierde hoofdstuk van het eerste filosofische werk van Camus over Plotinus en Augustinus, dat zelden de aandacht krijgt, hoewel het een ander licht werpt op zijn werk, een christelijk en gnostisch licht gevolgd door een neoplatonistische verheldering.’
(Uit: Civis Mundi – Leven en werk van Albert Camus, deel 7: Plotinos en Augustinus)

St. Augustinus Plotinus

P.C.Hooftprijs
Een heerlijk (ruim) uurtje beschouwen met Bas Heijne. Hij is schrijver en essayist voor NRC, winnaar van de prestigieuze P.C. Hooftprijs [2017] en al voor de derde keer te gast bij De Ongelooflijke.
Bas Heijne staat bekend om zijn scherpe analyses van de samenleving en politiek, hoewel hij zich de eerste 40 jaar van zijn leven nauwelijks met politiek bemoeide. Wat is er gebeurd dat hij toch besloot dit te doen? Heijne ziet de maatschappij veranderen; welke culturele en levensbeschouwelijke ontwikkelingen gaan daarachter schuil?’
(De Ongelooflijke Podcast #221, 24 november 2024)

Humanisme
N
et als in Camus’ eigen tijd wordt zijn humanisme vaak als een zwaktebod gezien, even onmachtig als sentimenteel, als onvermogen om klinkklaar stelling te nemen, zijn stem als de veel te zachte stem van het verketterde ‘redelijke midden’.’

Wie dat denkt, heeft Camus niet begrepen. De debatten rondom bootvluchtelingen, de nietsontziende Russische agressie jegens het Westen, de invasie van Oekraïne, de terreuraanval van Hamas en de Israëlische vernietiging van Gaza laten ons vooral zien hoe gemakkelijk het weer is geworden om mensen te ontmenselijken, waardoor hun lijden en dood geen sporen nalaten in ons geweten. Waar gehakt wordt vallen spaanders, om een omelet te maken moet je eieren breken, stelling nemen verdraagt geen kanttekeningen of harde kritiek op het eigen kamp.’
(Uit: Een hogere liefde)

Een Hogere liefde | door Albert Camus | Inleidend essay: Bas Heijne | derde druk september 2024 | Prometheus | Amsterdam | € 12,50 | E-book € 9,99
Camus’ brieven zijn een vlammende verdediging van zijn persoonlijke liefde voor zijn land en de Europese beschaving, die juist vraagt om debat en kritiek en vasthoudt aan het streven naar rechtvaardigheid.
In een tijd waarin het agressieve nationalisme weer hoogtij viert, hebben de lucide woorden van Camus het effect van een mokerslag. Bas Heijne schreef een inleiding, waarin hij deze noodzakelijke tekst onontkoombaar in ons heden plaatst.’

Oorspronkelijke titel
Lettres à un ami allemand | Albert Camus | copyright © Éditions Gallimard | 1945 | renouvelé en 1972 | all rights reserved | © 2024 Nederlandse vertaling Brieven aan een Duitse vriend | Jozef Waanders | © 2024 essay: Bas Heijne | ‘Lorsque l’auteur de ces lettres dit “vous”, il ne veut pas dire “vous autres Allemands”, mais “vous autres nazis”. Quand il dit “nous”, cela ne signifie pas toujours “nous autres Français” mais “nous autres Européens libres”.

Beeld: Maartje de Sonnaville (Filosofie Magazine)
Foto Bas Heijne: NRC
Beeld Augustinus in examen: Sandro Botticelli
Beeld Plotinus: Licentia Poetica

Godsverduistering in gesprekken tussen gelovigen en ongelovigen

Theoloog en filosoof Rik Peels hoopt dat de tijd nu rijp is voor verdieping en dat er ‘gesprekken ontstaan die mensen daadwerkelijk iets brengen’. Hij wil bezielende gesprekken over ‘levensoriëntatie, of die nou religieus of seculier is’. Misschien zoiets als atheïst en filosoof Stine Jensen voorstaat: ‘Cultuuratheïsme, waar atheïstisch culturele bronnen als film of literatuur voor troost en zingeving kunnen zorgen.’ – Schijntroost. ‘De werkelijkheid van God verdwijnt,’ zegt godsdienstfilosoof Martin Buber.

‘Ik zal als gelovige beargumenteren dat we veel van atheïsten kunnen leren’
(Rik Peels)

Atheïsme
Het ‘belang van atheïsme’ stond 25 november 2024 centraal in deBalie in Amsterdam. Peels (met microfoon) vond het ‘eigenlijk fantastisch wat hier gebeurt’ in de bijeenkomst waar het essay Goddeloos van filosoof en atheïst Stine Jensen het licht zag.

Leven zonder God
Opvallend is dat in Leven zonder God (mei 2024) en Goddeloos (oktober 2024) elkaar overlappende, aanvullende teksten en verwijzingen zijn te vinden. Beide zitten vol atheïsme. In zijn Leven zonder God vraagt Peels zich af of er – los van de vraag of de atheïstische argumenten het bestaan van God weerleggen – misschien iets te leren valt van atheïsme.
De samenvatting ervan zegt onder meer: ‘Met deze rijke verkenning van doelbewust leven zonder God transformeert Rik Peels [hoogleraar Analytische en Interdisciplinaire Godsdienstfilosofie] het debat tussen atheïsten en gelovigen tot een streven naar een dieper begrip van elkaar’. Van elkaar? Mooi, en van God?

Eenzaamheid en ontheemding
‘Ook zien jongere generaties de seculiere samenleving steeds meer als leeg en verweesd, zonder een dieper, verbindend verhaal. Een maatschappij in crisis. Terwijl religies draaien om traditie, verworteling en gemeenschap, worden veel jongeren in deze tijd geplaagd door eenzaamheid en ontheemding.’
(Peels in: Leven zonder God)


‘De seculieren zijn in de meerderheid: je kunt tegenwoordig in Nederland prima opgroeien
zonder ooit een wat langer en diepgaander gesprek met een gelovige te hebben.’
(Rik Peels in Leven zonder God)

Religie
Jongere generaties weten vaak nagenoeg niets van religie, zegt Peels in Leven zonder God.

‘Zelfs niet de basics als: waar staat het woord ‘Tenach’ voor, wie schreven het Nieuwe Testament of hoe is de Koran volgens de overlevering ontstaan? In zo’n situatie zijn religieuze mensen interessant: groepjes in de marge die wellicht iets te melden hebben, iets waarvan we kunnen leren en wat ons kan inspireren.’
(Peels in: Leven zonder God)

Geloof
Peels heeft het met de basics over religiewetenschap of religiecultuur. Interessant misschien, maar dat is kennis, ratio. Dan gaat het niet over de relatie tot God, laat staan over een persoonlijke God. De sprong in het geloof,* (waarbij men de rede achter zich laat en zich overgeeft aan het idee God), krijgt geen kans als je interessant met elkaar discussieert over wie, wat, waar en wanneer schreef.

* Een term van ‘antifilosoof’ Søren Kierkegaard: de sprong in het geloof, vanuit het zekere spring je naar het geloof. Door die sprong ga je de wereld echter anders zien, een dieper begrip ontvang je en ook een diepere waarheid die eeuwig is en niet doorontwikkeld hoeft te worden.’ 

‘Verdachtmaking en ontmenselijking’
In de Bijbel ontwaart Peels een ‘soort verdachtmaking en ontmenselijking’ waar hij zich ‘volstrekt niet prettig bij voelt’. Hij doelt op passages die zeggen dat ‘wie oprecht zoekt Hem daadwerkelijk zal vinden’. Nogal heftige woorden gebruikt Peels in Leven zonder God, een ontdekkingsreis naar de kern van het atheïsme. Hem echt vinden, vraagt nogal wat van jezelf. Sommige diehard kloosterlingen hebben Hem zelfs (nog) niet gevonden.

Dat alle atheïsten onoprecht zouden zijn, lijkt me niet geloofwaardig – in elk geval is dat een soort verdachtmaking en ontmenselijking waar ik me volstrekt niet prettig bij voel. Hoe komt het dan dat sommige atheïsten God niet vinden, hoewel ze in alle eerlijkheid naar Hem zoeken? Om een bevredigende oplossing voor dit uitdagende probleem te vinden, moeten we atheïsme eerst beter begrijpen.
(Rik Peels in: Leven zonder God)

 
‘Ik werd overvallen door een diep innerlijk weten dat er geen God is, en dat dit klopte.’
(Stine Jensen, in NRC)

Het recht om niet te geloven
Natuurlijk is het niks om ‘alleen maar te steggelen over het bestaan van God’, zoals Jensen het formuleert. – Steggelen om ongeloof is ook niet ‘gezellig en boeiend’. Jensen strijdt voor het recht om niet te geloven. Wil de hoogleraar Publieksfilosofie met ‘baldadig teder atheïsme’ de strijd aangaan met de dertien landen waar op niet-geloven de doodstraf staat? Gaat zij daar het recht om niet te geloven beschermen? Goddeloos zijn in Nederland is eenvoudig, in de Verenigde Arabische Emiraten zie ik haar nog niet op de barricaden staan. Atheïst zijn in deBalie kan vrijblijvend.

Gebrek aan levenskracht
De Oostenrijks-Israëlisch-joodse godsdienstfilosoof en Bijbelgeleerde Martin Buber (1878-1965) zou nu zeggen dat de god van de filosofen Peels en Jensen ‘alleen voor de rede toegankelijk is en door gebrek aan levenskracht alleen een bedenkelijk moreel surrogaat biedt voor de levende God’.

‘Uiteindelijk leidt de zo gevormde moderne ervaring tot de conclusie dat god dood is. Deze uitspraak van de wijsgeer Nietzsche staat niet op zichzelf, want Nietzsche ziet de afwezigheid van God als een gemis en zijn dood als een moord.’
(Martin Buber)

Godsverduistering
In Godsverduistering stelt Buber dat de afwezigheid van de ontmoeting met God en tussen de mensen onderling het gevolg is van het verlies van de werkelijkheid van God. God is een abstract idee of een ongrijpbaar iets geworden. – En dat is precies wat dreigt in de ‘bezielende gesprekken’ van Peels die wil streven naar een ‘dieper begrip voor elkaar’. Die bezieling zal van korte duur zijn. Eenzaamheid en ontheemding heeft meer nodig dan begrip. Volgens Buber blijft de mens dan toch ‘eenzaam achter met zijn gedachtespinsels’. Peels hoopt intussen dat het ‘atheïsme meer smoel krijgt’.


‘De verduistering van het Godslicht is geen uitdoven,
morgen reeds kan wat tussenbeide trad geweken zijn.’
(Martin Buber – hoopvol – in Godsverduistering)

Martin Buber
In Godsverduistering gaat Buber in op het werk van Nietzsche, Bergson, Heidegger, Sartre en Jung, die in hun filosofie gestalte gaven aan het door hem als Godsverduistering gekenmerkte karakter van de tijd waarin hij leefde (1878-1965).

Vooral is hierbij zijn aandacht en kritiek gericht op de tendens in hun werk om het goddelijke binnen het menselijke te trekken; allengs wordt ons zo uiteengezet hoever het moderne denken in zijn aanmatiging de religieuze werkelijkheid te kunnen beoordelen, de legitieme grenzen heeft overschreden.’
(Cover Godsverduistering, Collectie Labyrint, 1979)

Beeld: Naast de presentator (l.) zitten Rik Peels, Femke Lakerveld en Pooyan Tamini Arab. Deelnemers aan het gesprek in deBalie. (Foto: Ronald Bakker / RD)
Update 10 07 2025 / november 2025

Atheïsme is dood. Leuker kan ik het niet maken

Filosoof Stine Jensen, ‘spiritueel atheïst’, wordt gehinderd ‘door religieuze uitingen die haar niet aanstaan’. Ze noemt zich natuurlijk niet ‘religieus atheïst’ want daarin klinkt te veel God door. ‘Spiritueel’ klinkt veiliger. Dan blijft God gewoon dood (want ‘leuker kan ik het niet maken’, klinkt haar strijdkreet) en geeft zij toch blijk een ziel te hebben, althans minstens een geest. En daarmee schrijft zij Goddeloos. Met als openingsvraag van Coen Simon en Frank Meester of Stine De vrolijke wetenschap wil lezen: ‘Nietzsche verklaarde God simpelweg dood’, stellen zij. – Maar dat is juist wat Nietzsche niet deed en zeker niet simpelweg.

‘Ik werd overvallen door een diep innerlijk weten dat er geen God is, en dat dit klopte’
(Stine Jensen in haar column in NRC: ‘De atheïst lijkt meer op de gelovige dan hij wil toegeven’)*

De boodschap van Nietzsche
I
n De vrolijke wetenschap (1882) laat Nietzsche (1844-1900) de dolle mens, wanhopig en overstuur, uitroepen dat de mens God heeft gedood. Nietzsche zelf verklaart God niet dood. Hij geeft wel de boodschap door dat de mens God heeft vermoord. En dat dit consequenties heeft. Wat gebeurt er als we Hem laten vallen? Waar kunnen we ons wereldbeeld, onze waarheid, dan nog op funderen?

‘Wie wist dit bloed van ons af?
God is dood! God blijft dood! En wij hebben hem gedood! Hoe zullen wij ons troosten, wij moordenaars? Het heiligste en machtigste dat de wereld tot dusver bezeten heeft, is onder onze messen verbloed – wie wist dit bloed van ons af? Met welk water kunnen wij ons reinigen? Welke zoenoffers, welke heilige spelen zullen wij moeten bedenken? Is niet de grootte van deze daad te groot voor ons? Moeten wij niet zelf goden worden om haar waardig te schijnen? Nooit was er een grotere daad – en wie er ook na ons geboren wordt, omwille van deze daad behoort hij tot een hogere geschiedenis dan alle geschiedenis tot dusver geweest is!’
(De dolle mens in De vrolijke wetenschap, Nietzsche – Vertaling:  Pé Hawinkels)

‘Genieten in dit ene leven’
S
tine Jensen, hoogleraar publieksfilosofie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, identificeert zich na een lange zoektocht als ‘baldadige, tedere, open, spirituele atheïst’. Met haar spirituele ‘reis van hoofd naar hart’ duikt zij in de oosterse filosofie, zingt mantra’s, mediteert en ontpopt zich als yogi. Dit noemt zij ‘niet-religieuze praxis’. En atheïsme vindt zij een ‘zingevingstraditie’. Die zingeving stopt in haar visie wel bij de dood: God is immers dood. Genieten kan slechts in ‘dit ene leven’, zoals zij hopeloos schrijft in Goddeloos.

‘Dit ongelooflijke gebeuren is nog onderweg’
Ik kom te vroeg,’ zei hij [de dolle mens] toen, ‘het is mijn tijd nog niet. Dit ongelooflijke gebeuren is nog onderweg. Het maakt een omweg – het is nog niet tot de oren der mensen doorgedrongen. Bliksem en donder hebben tijd nodig, het licht der gesternten heeft tijd nodig, daden hebben tijd nodig, ook nadat ze gedaan zijn, om gezien en gehoord te worden!’
(Nietzsche in: De dolle mens) 

Achterhaalde godsideeën
In Goddeloos – waarom we atheïsme nodig hebben, zet Jensen zich in haar ‘biografische oefening’ af tegen een god die al jaren dood is, op basis van achterhaalde godsideeën van uitgesproken atheïsten als Richard Dawkins, Christopher Hitchens, Daniel Dennett en Sam Harris. Zij wordt nu nog vrolijk van het al in 2012 door filosoof Emanuel Rutten weerlegde ‘vliegende theepot’-argument van Bertrand Russell. In haar ervaringen komt Jensen God veelal tegen als ‘dogmatisch’, maar tegen zo’n god zetten zich inmiddels veel gelovigen zich ook af: ‘Geen godsdienst, wel God’.

Four Horsemen
De Ongelooflijke Podcast (#98) tussen Jensen en Rutten is boeiend, maar haar ‘tegenargumenten’ getuigen er daarin ook duidelijk van dat zij nauwelijks verder kan of wil denken dan de ‘Four Horsemen’. Zij heeft echt geen idee wat of wie God zou kunnen zijn. Die bestaat immers niet. In Goddeloos refereert zij aan twee podcasts, maar niet aan die met filosoof en wiskundige Emanuel Rutten.

De vraag naar het bestaan van God
Stine gelooft niet in God want waarom houdt hij of zij zich dan zo verborgen? Emanuel ziet wél duidelijke aanwijzingen voor Gods bestaan. De vraag naar het bestaan van God is geen abstracte filosofische vraag’, zegt Stine, het kan volgens haar zelfs een kwestie zijn van leven en dood. Een belangrijke vraag dus om nog eens bij stil te staan. In Tivoli Vredenburg sprak David Boogerd met filosofen Stine Jensen en Emanuel Rutten over God, ‘finetuning’, het lijden in de wereld en heel veel meer.’
(De Ongelooflijke Podcast #98, 29 juni 2022) 

Innerlijk weten
In Goddeloos brengt Jensen de veelzijdigheid van ‘soorten atheïsten’ uitgebreid in kaart. Dat vult veelal haar boek van 96 bladzijden. Nogal eenzijdig. De reden hiervoor ligt bij het feit dat zij diep ‘innerlijk weet’ dat er geen God is. Met dit dogma heeft zij God simpelweg doodverklaard. Geen enkele belangstelling voor de veelzijdigheid van ‘soorten goden’. Haar wereld zou misschien open kunnen gaan als zij ook dat ‘innerlijk weten’ eerst eens diep in kaart brengt.

Voor echt innerlijk weten gunt Jensen zich echter weinig tijd, zó laat zij zich meesleuren in de wervelwind van de samenleving waarin zij haar atheïstische levensbeschouwing moet onderhouden.

Als ik niks doe, glijd ik af naar apatheïsme, onverschilligheid. De moderne samenleving is gericht op productiviteit, consumentisme, snelle meningen, prikkels en competitie, voor zingeving, reflectie en spiritualiteit moet ik ruimte maken.’
(Jensen in Goddeloos)

* Update 09 07 2025 17.16 uur: Correctie van Jensens uitspraak; die staat inderdaad niet in Goddeloos, maar in haar eigen column in NRC. (Ik heb zo veel gelezen over en van Stine Jensen, dat ik het citaat foutief vermeldde als afkomstig in Goddeloos.) Excuus!

Bronnen o.a.:
Goddeloos
, Stine Jensen, Prometheus, 96 pag., oktober 2024.
Beeld: landelijk expertisecentrum sterven
Foto Heaven – Atheism: Tassos Lycurgo (Instagram)(Stephen Hawking (1942 – 2018) was een Brits natuurkundige, kosmoloog en wiskundige; John Lennox (1943) is een Brits natuurkundige en een autoriteit op het gebied van de relatie tussen geloof en wetenschap)
Gerelateerd: ‘Nietzsche verwoestte het atheïsme’, februari 2024

► Tip: De Ongelooflijke podcast #182: Over anti-religieuze millennials en antisemitisme, met Kitty Herweijer en Stefan Paas, februari 2024
Zonder God gaat het niet is de titel van een essay dat Kitty schreef in het jaar dat deze podcast begon: 2019. Zij beschrijft treffend de onverschilligheid van veel millennials ten opzichte van traditionele religie, een onverschilligheid die ze zelf ook had. Kitty is zó niet-gelovig opgevoed dat ze haar hele jeugd niet in contact is gekomen met een religieus iemand. Maar dat is nu nogal anders.
(Kitty Herweijer studeerde politicologie en Midden-Oostenstudies. David Boogerd spreekt haar samen met vaste gast, theoloog Stefan Paas, professor aan de VU in Amsterdam en de Theologische Universiteit Utrecht.)