De poorten tot het oerbewustzijn

‘Als we blijven doen alsof de fysieke werkelijkheid de enige is die bestaat, dan zal dat geloof ons uiteindelijk de das omdoen. Het is de sombere en schamele gedachte die materialisme heet. Gelukkig zijn er steeds meer boeken die de oude ‘waarheden’ ontkrachten en ontmantelen.’ Dit zegt Eben Alexander in een interview met Rinus van Warven in het nieuwe boek Het geheim van Elysion. 

Het allergrootste inzicht dat me ten deel is gevallen, is dat het bewustzijn niet in de hersenen wordt gecreëerd.’ Het is volgens hersenchirurg Alexander de hoogste tijd dat deze wereld wakker wordt als het gaat om het ‘waar zijn’ van een nabij-de-dood-ervaring (NDE).’

Het geheim van Elysion
Het is een van de vele interessante artikelen in Het geheim van Elysion. ‘Elysion was in de Griekse mythologie de aanduiding voor de verblijfsplaats van de gelukzaligen. Dat idee ontstond in de Minoïsche cultuur, waar het idee is ontstaan. Je kon alleen maar in Elysion terechtkomen na een levensbedreigende ervaring van bijvoorbeeld vuur of bliksem.’ Van Warven zegt hierover dat de verwantschap met de NDE zich laat raden. Al direct biedt dit boek veel meer dan verhalen over nabij-de-doodervaringen. Zo veel verdieping en achtergrond is er te vinden, zoals bijvoorbeeld een van de eerste hoofdstukken een heldere Vedische visie geeft op de NDE.

Carl Gustav Jung
Het boek gaat ook – onder veel meer – over ons bestaan als zuiver bewustzijn; over Carl Gustav Jung die bij de ‘uiterste grens’ is geweest toen hij, na eigen zeggen, de dood nabij was. Een uiterst boeiend artikel van Pey de Vries-Ek, redacteur en vertaler voor het werk van C. G. Jung. Net als het artikel van Hans Gerding: Weten in plaats van geloven. Maar nu naar De poorten tot het oerbewustzijn. Oerbewustzijn is dan een bewustzijn dat we allemaal delen. Onze hersenen dienen hierbij als een filter dat ons toegang geeft tot dat oerbewustzijn. Alexander zegt hierover:

Het brein dient als een schuilplaats die dit oerbewustzijn toestaat zich te uiten in een zeer beperkte en lokale vorm. Veel mensen denken dat ons bewustzijn beperkt is tot het brein. Maar weet je, er zit hier – gevangen tussen mijn oren – een gelatineachtige massa van 1,5 kilo die in warme, donkere baden zweeft.’

Als het hindoeïsme en het boeddhisme het hebben over Brahman en Atman, over bewustzijn en oerbewustzijn, dan moge toch duidelijk zijn dat deze kennis al zo’n 5.000 tot 10.000 jaar oud is? Fascinerend, toch? Er is niets nieuws onder de zon. We zijn in onze tijd de manier waarop we naar de realiteit – en onze relatie met het universum – kijken, blijven herschikken. Wat er nu naar voren komt, is een zeer positieve ontwikkeling. Dat weerspiegelen de diepe wijsheid en waarheid van spirituele tradities, zowel in het Oosten als in het Westen.’

De spirituele aard van het universum
Alexander zegt dat onze grote religieuze systemen allemaal afkomstig zijn van een mens wiens verandering in zijn bewustzijn hem de bredere aard van het universum liet zien: de spirituele aard van het universum.

Dat is wat ze met de mensen gingen delen. Dus was ons religieuze systeem gedurende 5.000 jaar gevormd door profeten en mystici die een NDE hebben gehad en terugkwamen op deze wereld om hun verhaal te delen. Maar in de jaren zestig van de vorige eeuw werd het universum ‘moe van die regeling’. Het universum besloot artsen technieken te geven waarmee ook ‘gewone’ patiënten met een hartstilstand konden worden gereanimeerd. En zo bevolkten we sinds de late jaren zestig de wereld met tientallen miljoenen zielen die naar ‘de andere kant’ waren geweest en terugkwamen. Dat is geen toeval.’

Het geheim van Elysion | Nieuw Nederlands boek over NDE | 3 september 2020 | 432 pg. | Gebonden | Hardcover | € 32,50 | Omslag: Peter Slager

Beeld: karoliendeman.com

De mystieke waarde van Mozarts’ Zauberflöte

De laatste opera van Wolfgang Amadeus Mozart, De Toverfluit, beter bekend als Die Zauberflöte (1791), is niet gebaseerd op een eenvoudig speels sprookje. De opera blijkt een serieuze inwijdingsrite vol alchemistische symbolen. Lange tijd werd het libretto zelfs ‘onbegrijpelijk’ genoemd en een ‘flutsprookje’. Theoloog Tjeu van den Berk onderkent de werkelijke waarde ervan: dat het verhaal de mystieke inwijding van de menselijke ziel uitbeeldt.

Vrijmetselaarsopera
V
an den Berk schreef er een boek over: Die Zauberflöte, een alchemistische allegorie. Hij vertelt niet alleen het verhaal van De Toverfluit, maar sleept je bovendien mee in dit spirituele operaverhaal, een alchemistische bruiloft. Van den Berk maakte een uitgebreide studie van deze opera en kan zo ook over de diepere achtergronden vertellen, verscholen in deze vrijmetselaarsopera. Mozart was al op 24-jarige leeftijd in Wenen vrijmetselaar, evenals de tekstdichters van Die Zauberflöte.  

Libretto
V
an den Berk maakt de ideeën van de vrijmetselaars duidelijk. Wijsheid, kracht en schoonheid is wat zij zoeken, en deze thema’s vind je terug in Die Zauberflöte. De vrijmetselarij is een spirituele beweging, wars van dogma’s en door katholieken uit die tijd ‘erger dan het protestantisme’ genoemd. Vrijmetselaars streven echter naar verdraagzaamheid, persoonlijke groei en persoonlijke ontwikkeling. Het gaat er vooral om jezelf te leren kennen. De verhalen van alchemisten en vrijmetselaars zijn doordrenkt van symboliek. Lood in goud veranderen bijvoorbeeld betekent vooral jezelf leren kennen, jezelf worden. Je eigen ‘lood’ in ‘goud’ veranderen! En deze ideeën vindt Van den Berk terug in het libretto van Die Zauberflöte.

Op zoek naar de steen der wijzen
In voordrachten laat Van den Berk vaak de twintig minuten van de opera zien en horen, zoals deze is uitgevoerd in het Concertgebouw in Amsterdam. Zoals het hoort bij een echt sprookje loopt het goed af. Vogelvanger Papageno en zijn geliefde Papagena worden uiteindelijk, met behulp van drie knapen, met elkaar verenigd.
In zijn boek toont de auteur aan dat de opera een allegorie uitbeeldt, waarin de personages de verschillende stoffen en hun transformaties symboliseren, op zoek naar de steen der wijzen. Vanuit de tempel van de Koningin van de Nacht wordt een inwijdingsweg afgelegd, uitmondend in de zonnetempel van Sarastro. Sarastro, de ‘priester van de zon’ viert daarin samen met de andere priesters, en prins Tamino en Pamina, dochter van de Koningin van de nacht, de geslaagde inwijding, die van de overwinning van het licht op de duisternis.

Die Zauberflöte – een alchemistische allegorie | Tjeu van den Berk | Uitgever Boekencentrum

Beeld: Tamino en Pamina ondergaan hun laatste beproeving – waterverfschilderij op papier door Max Slevogt (1868–1932)

(Eerder gepubliceerd bij de Academie voor Geesteswetenschappen, Utrecht)

‘Willen weten verhindert zelfkennis’

Boekbespreking: De droom van Ha’adam. Er gaat een ingenieus mechanisme schuil achter het leven. Dit stelt Harold Stevens in zijn boek De droom van Ha’adam. Niettemin verzet de mens zich er van nature tegen. Waarom we dat juist niet zouden moeten doen, legt Stevens uit in een soms technisch betoog. Misschien doet de mens er niets mee omdat hij zich er niet van bewust is. Dit boek vertelt wat we kunnen doen om dat mechanisme te begrijpen. Hoewel, begrijpen, dat riekt naar kennis… en dit boek zet ons vooral aan tot zelfkennis door actief aan de slag te gaan met onze gevoelens.

‘Verborgen kennis, waarvan we de ware betekenis niet meteen doorzien, maar wel ‘voelen’, werd al lang geleden vastgelegd in oude gnostische en hermetische teksten en de heilige boeken van de verschillende wereldreligies’

Paradoxaal denken
Het enige waar het leven om vraagt, is om jezelf te gaan leren kennen en tot uitdrukking te brengen wie je in de kern bent. (…) Meer wordt er door het leven niet van je verlangd’. Dat dit echter niet zo gemakkelijk is, maar wel mogelijk, legt de auteur in dit boek stap voor stap uit, al kost het de lezer af en toe wat hoofdbrekens.
  
Het paradoxale is dat je eerst kennis dient op te doen over Stevens’ beweegredenen om terug te gaan naar je oorsprong. Een enerverende zoektocht volgt. Hij neemt je mee vanuit zijn eigen ervaringen en onderzoek in de bewustwording van het mechanisme. ‘Waarom leef ik eigenlijk, waarom ervaar ik leven, waarom ervaar ik mijzelf?’

Van Genesis tot Kant
De droom van Ha’adam is vooral bedoeld voor de mens die op zoek is naar een mogelijke zinrijkheid van het leven. Die zinrijkheid groeit naarmate je de terugweg volgt naar je oorsprong. Die oorsprong stelt de auteur zich voor als een ‘massa gevoelens, de totale waarheid, de pure oorsprong, het diepste wezen, eenheid, singulariteit, de Algeest, Brahman, God’.

Stevens’ gedachtegoed is grotendeels op gebaseerd op oude wijsheden. Van Genesis tot het Evangelie van Thomas, en van Hermes Trismegistus tot Immanuel Kant. De auteur diept verborgen kennis op waarvan we de ware betekenis niet meteen doorzien, maar wel ‘voelen’. Kennis die ‘lang geleden al vastgelegd werd in oude gnostische en hermetische teksten en de heilige boeken van de verschillende wereldreligies’. En ook in sprookjes, parabels en queestes: ‘deze verhalen zijn alle een metafoor voor de zoektocht naar wijsheid, liefde, rijkdom en vrede’.   

Zoektocht naar binnen
Stevens stelt dat als hij de werkelijkheid aangenaam wil ervaren, het dan van belang is om in liefde en vrede te leven. Hij bedoelt daarmee dat hij zichzelf durft toe te staan om te zijn wie hij is. Dat leidt tot de belangrijke vraag wie hij nu eigenlijk in de kern is. Zijn zoektocht verkent de weg naar zelfkennis die de mens uiteindelijk voorspoed en geluk kan brengen. Maar op diezelfde weg stuit hij ook op de vraag naar het hoe en waarom van het lijden van de mens. Heeft lijden een zin, een doel?


Ruïne van de tempel van Apollo in Delphi

De inscriptie op de Tempel van Apollo in Delphi liet ons in de oude tijd al weten: ‘Ken uzelf’. De menselijke drang naar kennis botst echter met de zoektocht naar zelfkennis. Al dat ‘willen weten’ verhindert dat. Het belemmert onze zoektocht naar de oorsprong en reden van ons bestaan. Kennis geeft ook geen antwoord op de vraag naar de oorsprong of oorzaak van ziekte, van lijden in het leven. Voor die antwoorden is een zoektocht naarbinnen nodig, naar degene die je in de kern werkelijk bent.

De menselijke cel als analogie
De weg naarbinnen. De auteur landt letterlijk in het menselijk lichaam, in de kleinst levende functionele eenheid: de cel. Een verrassende en originele manoeuvre die je niet direct verwacht in een boek dat zich bezighoudt met de vraag of het menselijk bestaan een doel heeft, een zin. ‘Iedere lichaamscel moet zich bewust zijn van zijn ‘kerntaken’ en deze vervolgens ook uitvoeren’.                                         
De mens is, net als een cel, niet alleen voor zichzelf belangrijk maar ook voor het grotere geheel, de héle mensheid. Functioneert een mens goed, dan heeft de ander daar ook baat bij. Dat zie je terug in goede relaties tussen partners, gezin, familie, vereniging, dorp, stad, land en continent. Dit mechanisme trekt de auteur door naar ons zonnestelsel.

Oorsprong en zin van het menselijk lijden
De auteur schijft hypothetisch over oorsprong en zin van het menselijk lijden. Over de confronterende stelling dat je zelf de verantwoordelijkheid draagt voor de aan- of afwezigheid van ‘een mate van lijden in je werkelijkheid’. Het gaat hem om de keuze van de mens ruimte te geven aan zijn wezenskern (datgene wat je in wezen tot mens maakt) òf verzet hiertegen. ‘Verbeter de wereld, begin bij jezelf’ onderstreept hij als hij stelt dat je als mens niet noodzakelijk hoeft te lijden, maar dan wel je innerlijke pijn onder ogen moet durven zien. De oorsprong en zin van het menselijk lijden lijken de basis te zijn van waaruit Stevens zijn boek schrijft.

Hiermee komt hij uiteindelijk uit bij God. Ha’adam is de androgyne mens is, geschapen naar beeld en gelijkenis van God. Ha’adam is dus zowel mannelijk als vrouwelijk. De tweede stap in de schepping is die van een man en vrouw die voortkomen uit Ha’adam. Maar doordat het fout loopt in het aardse paradijs zijn de man en de vrouw zich niet langer bewust zijn van hun oorsprong. Het uiteindelijke doel van de mens, stelt  de auteur, is de weg naar God terug te vinden, ‘terug naar de oorsprong: de vereniging met God’.   

Het lijden van kinderen
Diep gaat Stevens in op onschuldig lijden: over de oorzaak en zin van het lijden van kinderen. De hypothese die hij beschrijft noemt hij zeer confronterend, maar waagt zich er toch aan. Hij vraagt zich af of het kind in zijn lijden een boodschap probeert uit te dragen richting ouders. In zijn werk als psychosociaal therapeut, ziet hij – en hierbij verwijst hij onder meer naar het werk van psycholoog Carl Jung – dat kinderen zeer sterk kunnen reageren op datgene wat zich in de ouder(s) afspeelt. Kinderen kunnen in hun problematisch gedrag onbewust de innerlijke conflicten van de ouders uitwerken. Stevens noemt het lijden van een kind daarom geen zinloos of noodlottig toeval: het krijgt een diepere betekenis en doel in het zichtbaar maken van de innerlijke worsteling, het innerlijk lijden van zijn ouders.

Denken alléén leidt tot verlies van gevoelens
Volgens de auteur zal de mens met denken alléén nooit het leven kunnen begrijpen, daar dit leidt tot verlies van gevoelens. Een gevoel vormt een eenheid, een waarheid. En als je dat gevoel wilt begrijpen, wordt die eenheid uit elkaar getrokken in tegengestelde componenten om het verstandelijk te kunnen bevatten. Hij stelt dat ‘positief’ niet kan bestaan zonder ‘negatief’. ‘Zonder dal bestaat een berg niet en andersom’. Daar je niet positief en negatief tegelijk kunt denken, moet je een keuze maken. Kies je voor positief dan wijs je negatief af. Dat noemt de auteur de afgekeurde keuze. Die kan echter niet verdwijnen omdat het zijn bestaansrecht dankt aan de aanwezigheid van de positieve optie. Ze zijn afhankelijk van elkaar. Al die afgekeurde opties noemt de auteur zijn donkere kant, zijn schaduwzijde. Maar die horen wel bij hem. Echter, er bestaan geen ‘goede’ of ‘slechte’ keuzes. Ze komen immers voort uit het oorspronkelijke gevoel: ‘een eenheid die puur is, die heel is, zonder oordeel’.

De afgewezen optie zal zich het sterkst gaan manifesteren, met als doel de erkenning ervan. Daarmee moet je dus aan het werk: ‘je gevoel naar je hersens brengen’, tot uitdrukking brengen wat je denkt, niet ‘binnen’ houden. Je gaat dan ‘vanzelf minder denken, minder positief en minder negatief, wat leidt tot ontspanning. Je houdt dan je gevoelens niet in je hoofd, wat resulteert in ‘minder gecompliceerde realiteit’. Het gaat dus om ‘actie ondernemen, hándelen, je realiteit onder ogen durven zien en de consequenties accepteren als gevolg van de keuzes die je tot nu toe in je leven hebt gemaakt’. Dit is dan tevens de juiste weg naar je oorsprong. Als je je hier naartoe beweegt zal het lijden afnemen en de ‘ervaring van het leven verlichten’. Het leven ‘ontspant’.

Verlichting
Bij sommige onderwerpen haalt Stevens de kwantumfysica erbij. Dat is ook even doorbijten om dit goed te kunnen volgen. Hij stelt dat als je begint te beseffen dat je zelf de schepper bent van je eigen werkelijkheid, je ook gaat begrijpen dat je verantwoordelijk bent voor wat er in je werkelijkheid, in jouw wereld, gebeurt: het geeft je de mogelijkheid om de manier waarop je de wereld ervaart te veranderen. Harold Stevens is ervan overtuigd dat je een leven kunt leiden dat ‘in de buurt van verlichting komt’.

De weg terug
Als je je bewust wordt van het mechanisme van het leven, zo stelt de auteur, durf je je over te geven aan de weg terug, terug naar de ‘Tuin van Eden’. De auteur verwijst onder meer naar de Kabbala die stelt dat je door ‘het nemen van de verantwoordelijkheid van het eigen leven, gelukzaligheid te kunnen gaan ervaren’.

Fascinerend
Geen boek om in één avond uit te lezen. Je bent geneigd terug te bladeren om bij de les te blijven. Dat komt ook vanwege de hoge informatiedichtheid – en dat is positief bedoeld. De auteur slaat af en toe zijwegen in die de beschreven denkbeelden verduidelijken of iets toevoegen aan zijn betoog, maar het er niet eenvoudiger op maken om samen met hem op het pad te blijven. Soms is wat de auteur schrijft wat cryptisch. Dat je wel ‘voelt’ wat wordt bedoeld, maar dat niet direct doorziet. Een pittig maar fascinerend studieboek.

De droom van Ha’adam, over het mechanisme van het leven | Harold Stevens | oktober 2019 | Uitgeverij Van Warven, Kampen | ISBN 978 94 93175 09 9 | NUR 730 | €20,00

Beeld: Nino Carè (Pixabay)
Beeld Ruïne van de tempel van Apollo in Delphi: Wikipedia

(Dit is de oorspronkelijke versie – In verkorte vorm eerder geplaatst bij de Academie voor Geesteswetenschappen, Utrecht)
Update 26-04-2025 (Lay-out, links) / maart 2026